Knollenmenu voor molrat en mens

Vroege mensachtigen aten knollen van grassen en biezen. Mogelijk stonden ook plantenetende dieren zoals termieten op hun menu. Dat concluderen Amerikaanse en Zuid-Afrikaanse onderzoekers in het Britse vakblad Proceedings of the Royal Society B op grond van een analyse van de samenstelling van het gebit van naakte molratten. Deze diersoort komt nogal eens voor in aardlagen waarin ook de vroege mensachtigen Australopithecus en Paranthropus worden gevonden. Mogelijk kwam het voedingspatroon van de molratten en vroege mensachtigen overeen.

Paleontologen worstelen al jaren met een onverklaarbare tegenstelling in de gebitten van Australopithecus en Paranthropus. Enerzijds wijst de samenstelling van het tandglazuur erop dat zij zich gevoed hebben met grassen en biezen. Maar vreemd genoeg hadden deze vroege mensachtigen geen platte kiezen. Die zijn nodig om grassprieten of rauw vlees te kunnen eten.

Een mogelijke verklaring is dat ze de knollen aten die grassen en biezen veelvuldig aanmaken, met name in de droge klimaten van Afrika. Deze hypothese krijgt nu steun uit onderzoek naar het dieet en de isotopensamenstelling van het gebit van Afrikaanse molratten. Sommige soorten blijken een met de mens vergelijkbare isotopensamenstelling in hun gebit te hebben. Vooral de naakte molrat (Cryptomys hottentotus) had hogere waarden van C13-koolstofisotopen in zijn tandglazuur, net als de vroege mensachtigen. Hoge C13-waarden wijzen op een dieet van C4-planten, waartoe grassen en biezen behoren. C4-planten hebben een afwijkende fotosynthese, waardoor relatief meer C13-isotopen (in plaats van C14-isotopen) worden vastgelegd.

De onderzoekers trekken een heel voorzichtige conclusie: de hypothese dat de vroege hominiden zich met knollen voedden blijft overeind. Maar, schrijven zij, de hogere C13-waarden kunnen ook veroorzaakt worden door een dieet van vetplanten en cactussen. Ten slotte kunnen Australopithecus en Paranthropus de C4-planten (of hun ondergrondse delen) ook indirect hebben binnengekregen, via het eten van termieten bijvoorbeeld.