Blaffende honden

CDA-Tweede Kamerlid Henk-Jan Ormel wil een verplichte agressietest voor alle honden met een schofthoogte vanaf 40 centimeter. Overdreven en veel te bewerkelijk, vindt de Utrechtse gedragsbioloog Matthijs Schilder. Hij ziet liever een goed landelijk registratiesysteem in combinatie met meldpunten voor agressief gedrag. „En vergeet ook de agressieve baas niet.”

Hoe groot is het probleem?

„Jaarlijks valt gemiddeld één dode. Verder raken tienduizenden mensen bij bijtincidenten gewond. Bovendien is er psychische schade doordat veel mensen bang zijn voor honden op straat. Ik zag laatst in een winkel twee grote, maar heel aardige honden voor de deur liggen. Een mevrouw durfde die winkel niet meer uit, ze stond te beven van angst.”

Bent u zelf wel eens bang?

„O jawel. In mijn vak kom ik tamelijk agressieve honden tegen.”

Is zo’n agressietest betrouwbaar?

„Redelijk. In de test voor Maatschappelijk Aanvaardbaar Gedrag (MAG) worden honden aan allerlei prikkels en geluiden blootgesteld. Het testresultaat klopt aardig met de verhalen van de eigenaar. Maar sommige honden bijten in de test wél en normaal nooit, of andersom. De meeste bijtincidenten gebeuren thuis, waar de hond zijn eigen territorium verdedigt. Bij zo’n test in de buitenlucht, op vreemd terrein, is hij vaak minder geneigd om te bijten. Die MAG-test is vooral bedoeld als selectie-instrument voor de fokkerij, maar echt geschikt daarvoor is hij niet. Agressie is een resultante van erfelijke aanleg en omgevingsfactoren, zoals de opvoeding door de baas. Bij Golden Retrievers zijn we zo’n ‘agressiegen’ op het spoor. Je zou honden genetisch kunnen screenen en risicodieren van verdere fok uitsluiten, of alleen plaatsen bij ervaren eigenaren, die aan bepaalde eisen voldoen. Soms fokt men juist met opzet verder met agressieve honden. Politiehonden worden specifiek gefokt op bijtgedrag. Een bijtgrage pitbull is voor een bepaald type mensen een statussymbool geworden, er komen er steeds meer van.”

Waar blijft de test voor de baas?

„In Duitsland zijn daar serieuze voorstellen voor gedaan. Bepaalde pittige hondenrassen zou je alleen moeten toevertrouwen aan mensen met genoeg overwicht en kennis van zaken om zo’n dier goed te socialiseren en op te voeden. In sommige Duitse deelstaten moeten bezitters van bepaalde hondenrassen, zoals pitbulls, een speciale vergunning hebben, die kan worden ingetrokken.

„Als een hond in zijn vroegste levensfase, zo tussen de derde en de tiende tot twaalfde week oud, kennismaakt met verkeersgeluiden, vreemde mensen, kinderen, stellen zijn hersenen zich daarop in. Dan zal hij ook later openstaan voor nieuwe dingen. Een slecht gesocialiseerde hond is bang voor vreemde dingen en vervolgens agressief. Dan ontstaat een cascade van problemen. De hond lijdt zelf ook onder die angsten. Zelfs met psychofarmaca is het de vraag of je dat ooit weer goed krijgt.”