Strak, modern en westers

Indonesië is een arm land, althans gemiddeld. Maar er is ook een kleine, rijke bovenlaag die de kostbare inrichting van hun huizen laat zien: Schöner Wohnen in Jakarta, zevende aflevering.

Eerst wilden Dadit en Dina Sidharta dat er met de architect gesproken werd. Daar stonden ze op. En die architect heeft het over Bauhaus, Richard Meier, Rem Koolhaas en telkens weer over „east meets west”. Dat is zijn stijl.

Het komt erop neer dat dit huis strak, modern en westers is, maar dat alles met de hand is gedaan – zelfs het boren van die 24.000 gaatjes in de geperforeerde staalplaat achter de veranda.

Je ziet dit type huizen weleens vaker in de dure wijken van Jakarta, soms nog wat groter. Het is een statement van jong kosmopolitisme. Glas tot aan de grond, terrazzo op de doorlopende vloeren en een minimalistische tuin met bamboe, gras,een treurwilg en indirect vloedlicht.

Dadit, wijde spijkerbroek, stoppelbaardje, het haar georganiseerd-in-de-war, vertelt: „Binnen is buiten, buiten is binnen. Ik wilde mijn kinderen in openheid laten opgroeien.” En hij draait Disney Channel uit zodat we elkaar wat beter verstaan.

Dadit en Dina zijn beiden 36 en ze hebben twee kinderen, een van zes en een van drie. Ze hebben allebei jarenlang in Amerika en in Engeland gestudeerd. Dina’s ouders zaten in de buitenlandse dienst, die van Dadit zijn rijk – bedrijven, grond en wat dies meer zij.

Dina is een vrolijk, druk gebarend vrouwtje. Ze produceert televisiereclames. Ze wil wel toegeven dat het meer zijn dan haar idee was – dit glas, het beton, de industriële trappen, het schaarse meubilair. Een van de bedienden is met spray bezig een raam schoon te maken. In het vervuilde Jakarta een frequent klusje – dat wel. Dadit: „Ik studeerde communicatie en vormgeving in Massachuchetts en in Syracuse en zag daar Bauhaus. Prachtig. Daar wilde ik hier wat van terugzien, oude modernisten dus.”

Voor de kinderen hebben ze elk een mooie slaapkamer en de jongste slaapt opmerkelijk genoeg praktisch nooit bij hen. Kinderen slapen in dit deel van de wereld vaak bij hun ouders – ook als er ruimte genoeg is. De oudste wat vaker, maar ook niet altijd. Ze gaan naar een Engelstalige Subud-school, beetje islam, beetje spiritueel van karakter.

De hele buurt heeft uitbundig klassieke huizen. Wat zouden de buren van deze minimalistische stijl vinden? Didat weet het niet. „Ik ken ze niet.” Hun vrienden in Jakarta zitten in de wereld van film, televisie.

Didat blijkt nog altijd van de ene naar de andere cursus te hoppen. Beetje zoals kinderen van welgestelde ouders in het Westen die zich de ene slecht betaalde stage na de andere kunnen veroorloven tot ze het gevonden hebben: „Het liefst wil ik aan een universiteit les geven, iets met vormgeving.”

Is dit huis niet een poging om eigenlijk ergens anders te wonen dan waar het staat, namelijk in het zuiden van Jakarta? Beiden in koor: „Oh, nee, Jakarta is ons thuis.” En hij wijst op het houten plafond, ‘damar laut’, een houtsoort van hier.

Het huis staat er nu vier jaar. Regelmatig duikt het even op in een commercial. Dina: „Als we iets moderns willen, is het hier ideaal filmen. Er is veel licht en in één oogopslag zie je het statement: super modern.”