Altijd een probleem, die twee minuten

De omroepstemmen op Schiphol zijn een mysterie. Waarom hoor je aan het eind van elke loopband een zachte vrouwenstem fluisteren: ‘Mind your step’? Iedereen weet toch dat je aan het eind van een loopband je step moet minden? Of is deze stem er speciaal voor Afrikaanse deelnemers aan het tv-programma Groeten uit de rimboe, die voor het eerst voet zetten op eerste-wereldgrond en niet weten dat een loopband een einde heeft?

Ook de stem van de KLM-omroepster, al jaren oud maar nog altijd even jong van timbre, vind ik intrigerend. Waarom zegt zij altijd ‘Kaajellém’ en niet ‘Ka El Em’? Let er maar eens op.

Op vier mei – ik vloog die avond voor een weekend naar Riga – hadden de omroepstemmen op Schiphol het extra druk. Een sympathieke, doch dwingende vrouwenstem riep al sinds zeven uur in allerlei talen dat wij in Nederland om acht uur twee minuten onze mond hielden, „uit respect voor de oorlogsslachtoffers, voorál die van de Tweede Wereldoorlog”. Vooral van de Tweede Wereldoorlog? dacht ik verbaasd. Waren die twee minuten er dan ook voor andere oorlogen? En welke oorlogen dan? Kon iemand – de omroepstem, bijvoorbeeld – mij dat vertellen? En hoeveel tijd van de twee minuten moest ik besteden aan, bijvoorbeeld, de Eerste Golf-oorlog, en hoeveel aan de Tweede Wereldoorlog?

Ik vind het sowieso altijd een probleem, die twee minuten, want ik mag van mezelf niet al te lang aan Anne Frank denken. Ik denk namelijk dat de meeste mensen tijdens die twee minuten aan Anne Frank denken, en daardoor krijgt Anne Frank te veel aandacht en andere oorlogsslachtoffers te weinig. En nu insinueerde die omroepstem dat ik ook nog aan allerlei andere oorlogen moest denken. Totaal verward checkte ik in.

Toen ik in de bus naar het vliegtuig zat, was het acht uur. Dit werd omgeroepen, en ik legde respectvol mijn net aangeschafte Vogue weg. En hield mijn mond. De andere mensen in de bus waren Letten die de omroepstem niet hadden verstaan. Tenminste, dat denk ik, want ze praatten tijdens de twee minuten ontzettend veel, en hard. Ook werd er uitgebreid mobiel gebeld; ineens had iedereen de aandrang om zijn halfdove oma in Letland te bellen en daar luid en langdurig mee te converseren.

Deze twee minuten moest ik dan maar voor mijn rekening nemen. Ik zweeg extra hard en dacht aan Anne Frank.