Ségo’s laatste hulpkreet komt per mail

Nicolas Sarkozy wordt naar verwachting de nieuwe Franse president. Wint Ségolène Royal, dan is dat een verrassing. Wie er ook wint: Frankrijk betreedt een nieuw tijdperk.

PARIJS, 5 MEI. - „Beste vrienden. De verkiezingen worden niet bepaald door peilingen. Ik strijd tot het einde. Dertig procent twijfelaars. Kom in actie! Ik reken op u. Ségolène.”

De laatste electorale hulpkreet van de socialistische presidentskandidate Ségolène Royal verspreidde zich gisteren per e-mail door Frankrijk. Ze laat in elk geval zien dat de Parti Socialiste eigentijdser is dan vijf jaar terug. Toen schreef Royals voorganger, Lionel Jospin, voor de eerste ronde een lang en archaïsch ‘elektronisch bericht’ waarin hij de kiezers aanspoorde „niet op te geven tegenover de beweging van de wereld”.

Ségolène Royal is modern. Communicatief. Staat dicht bij de mensen. Houdt saaie toespraken, maar is goed in het debat. Ze meende als incompetent te worden afgeschilderd omdat ze vrouw is. Woensdag rekende ze in een tv-debat met de rechtse kandidaat Nicolas Sarkozy met dat vooroordeel af.

En toch gaat Sarkozy winnen, zeggen de peilers en commentatoren eensgezind. Het wordt 54-46 procent. Of 53-47. Heel misschien 51-49. Als Royal gekozen wordt, is dat een verrassing. Zo’n verrassing waar Franse verkiezingen bekend om staan, zal dan gezegd worden.

Wat de uitslag ook wordt, morgen begint in Frankrijk in elk geval een nieuw tijdperk. Eindelijk een president die na de Tweede Wereldoorlog geboren is. Een leider die de oprichter van de Vijfde Republiek in 1958, Charles de Gaulle, niet persoonlijk heeft gekend. Wiens politieke denken niet gevormd is door de Trente Glorieuses (1945-1975), de decennia van sociale vooruitgang, uitdijende welvaartsvoorzieningen en al dan niet verbeelde Franse grandeur.

Nicolas Sarkozy (52) en Ségolène Royal (53) zijn gevormd door de problemen van daarna: de hoge werkloosheid, de multiculturele samenleving, de Europese integratie, klimaatverandering. Door de sociale verstarring in Frankrijk, de groeiende armoede en het pessimisme. Ze zijn meer bescheiden. Ze zoeken voorbeelden in andere Europese landen en pronken met steun van premiers uit Spanje en Italië.

[Vervolg Frankrijk: pagina 5]

Fransen kiezen: confrontatie of duwtjes in de rug

Af en toe leek de lange verkiezingscampagne – vier maanden non stop – wel een soort bevrijdingsfeest van de politiek. Er was weer wat te kiezen. Een nieuw begin, een nieuw elan, maar ook nieuwe vrees voor daadkrachtige tegenstanders. Nooit stemden zoveel Fransen als in de eerste ronde twee weken geleden: 84 procent van 44,5 miljoen kiezers. Driekwart koos Sarkozy, Royal of hun medevijftiger François Bayrou.

Over sommige zaken zijn Royal en Sarkozy het eens. Werk, gezin en respect zijn belangrijke waarden. Staatsschuld en werkloosheid moeten omlaag, de groei omhoog, de Europese integratie voortgezet. Maar hoe?

De campagne heeft duidelijk gemaakt dat zij heel verschillende strategieën voorstellen. Sarkozy is de kandidaat van confrontatie en hervorming, die vertrouwt op bedrijfsleven en winners. Royal de kandidaat van sociale rust, die mikt op middenveld en duwtjes in de rug voor de zwakkeren.

Sarkozy belooft minder ambtenaren, minder belastingen, een flexibeler arbeidsmarkt en binnen drie jaar volledige werkgelegenheid (minder dan 5 procent werkloosheid). Meer werken betekent meer loon, investeren in bedrijven wordt aantrekkelijker. Hij wil huizenbezit bevorderen, onder meer door invoering van een hypotheekrenteaftrek. Werklozen krijgen meer verplichtingen. De staat blijft sterk.

Sarkozy lijkt vastbesloten niet te wijken voor demonstraties, stakingen of nieuwe rellen in de multi-etnische voorsteden. In zijn verkiezingsredes zit de confrontatie al ingebakken. Hij werpt zich op als „de woordvoerder van de mensen die er genoeg van hebben”, van de stille meerderheid tegen luidruchtige tegenstanders. Sarkozy deelt de wereld op in goed en kwaad. Er zijn mensen die werken en er zijn fraudeurs. Landen met een groots verleden en hoge idealen (zoals Frankrijk) en landen die genocide hebben gepleegd. „Ik zal fatsoenlijke mensen en criminelen nooit op een lijn plaatsen”, is een van zijn favoriete oneliners.

Ségolène Royal belooft juist „een vredig Frankrijk”. Het zal beter gaan als de moraal beter is, zegt zij. Eerst het zelfvertrouwen terug. Om dat bereiken, moeten staat en mensen samenwerken. In het onderwijs bijvoorbeeld. Ouders krijgen een grotere rol, belooft Royal, klassen maximaal zeventien leerlingen, en alle kinderen recht op gratis bijles van studenten. Zo moet de tweedeling tussen rijk en arm worden omzeild. ‘Burgerjury’s’ gaan beleid beoordelen. Sociale hervormingen worden bepaald via overleg en compromis. De werkloosheid wordt aangepakt met hulp van overheidsinvesteringen, onder meer in gesubsidieerde arbeid.

De plannen van Royal zijn in de campagne vaker bekritiseerd dan die van Sarkozy. Deels omdat ze minder precies zijn en de economische logica ervan meer omstreden. Ze kreeg ook meer tegenstand uit eigen partij. De PS is sterk verdeeld tussen antiliberalen (de neezeggers tegen de Europese Grondwet) en sociaal-democraten (de jazeggers). Royal is er sinds haar snelle opkomst vorig jaar nog niet in geslaagd een nieuwe eenheid te smeden. De UMP staat juist geheel ten dienste van Sarkozy, zijn programma om te regeren is klaar, de rollen zijn verdeeld. Maar morgen kan alles anders zijn.