Lijst Pim Fortuyn: in vijf jaar van niets naar niets

De voormalige partij van Pim Fortuyn heeft nog maar duizend leden, het partijkantoor gaat dicht. „Je werd ook alleen maar belachelijk gemaakt.”

De stofzuiger staat klaar. In het half opgeruimde kantoor boven de Subaru-dealer in het Haagse bedrijvenkwartier De Binckhorst steekt Mat Herben een sigaartje op, een Panter Tango. Het opruimen kan wel even wachten. Hij neemt graag de tijd om terug te kijken op zijn eigen bijzondere politieke carrière en de daaraan gekoppelde teloorgang van de LPF. Of andersom.

„Nee, uitgesloten, ik kom niet terug in de politiek”, zegt de voormalige partij- en fractieleider. Hij zit er wat ontredderd bij tussen de volgepakte dozen. In de leeggehaalde kasten liggen nog aanstekers, petjes, ballonnen en blauw-gele LPF-stropdassen. „Neem maar mee.”

Op tafel ligt een kwitantieboekje voor verrekening van de onkosten die medewerkers van de partij maakten. „Dit is alles wat er nog over is van ons. Een tijdje terug zijn de computers gestolen, alle bestanden weg”, zegt Herben. De dieven lieten vreemd genoeg een forse breedbeeldtelevisie en een dvd-speler staan. Dit weekeinde moet het kantoor leeg opgeleverd zijn.

Herben overhandigt een visitekaartje. Hij is tegenwoordig op pad als consulent „in de communicatie”. Zijn bureautje heet MP. „Zal Jan Peter toch wel leuk vinden?” Het staat voor media en politiek. Regelmatig doet hij iets voor de postdoctorale opleiding journalistiek van de Erasmus universiteit in Rotterdam en voor een uitgeverij in Amsterdam. Hij maakt gebruik van de wachtgeldregeling.

Ook Gerard van As, tegenstrever van Herben, maakt gebruik van de wachtgeldregeling. „Maar ik doe wat Van As altijd doet, namelijk zijn eigen zaken regelen. Het zit er dus in dat ik in november weer moet inleveren”, aldus de ex-fractieleider van de LPF, die in het najaar 2006 alle banden met de partij verbrak. „Mijn broek zakte ervan af hoe het in de partij ging. Je werd ook alleen maar belachelijk gemaakt.” Van As adviseert nu over de aan- en verkoop van vastgoed, zoals hij ook deed voor en tijdens het Kamerlidmaatschap. „Ik zat er natuurlijk als ondernemer, niet als ambtenaar.”

De LPF kan zich geen kantoorruimte meer veroorloven. Voortaan zal de partij gevestigd zijn in de woning van de huidige voorzitter Bert Snel in Muiden, tevens hoofd van het wetenschappelijk bureau. „Nou, bureau, dat is een groot woord, ook dat is bij Bert thuis ondergebracht”, zegt Herben. „Of misschien wel in zijn vakantiehuisje.”

Het ledenbestand van de LPF schommelde in de hoogtijdagen rond de 5.000, nu zijn het er nog 1.000. Herben, destijds werkzaam als voorlichter bij het ministerie van Defensie en toegewijd vrijmetselaar, begon zo’n zes jaar geleden als woordvoerder van Pim Fortuyn, toen nog de beoogd lijsttrekker van Leefbaar Nederland. Na ruzie met het LN-bestuur ging Herben mee naar Pim’s nieuwe eigen partij, de LPF.

De ontevreden kiezers bleken nog massaal op de dode lijsttrekker te stemmen en Herben werd aanvoerder van een fractie van 26 Kamerleden, in aantal de tweede partij van het land. Met het CDA en de VVD vormde de LPF een kabinet, dat met moeite 86 dagen stand hield. Toen besloten CDA en VVD dat het afgelopen moest zijn. „Die periode staat in het collectieve bewustzijn gegrift”, meent Herben.

Zijn LPF-ploeg telde sterren als het voormalig fotomodel Winny de Jong. Op de verkiezingsavond stortte ze in. De verklaring: ze was manisch depressief. De Jong wil nu niet aan de telefoon komen. Haar vriend laat weten dat ze in „de dienstverlening” werkt. Het paar wil geen publiciteit meer.

Het duurde niet lang of De Jong stapte uit de LPF-fractie, samen met Cor Eberhard, een Amsterdamse ondernemer die sekssites exploiteerde. De groep-De Jong werd opgericht, later gevolgd door de Conservatieven.nl.

Een andere opvallende verschijning in de LPF-fractie was Jim Janssen van Raay die als Kamerlid een hilarische verhandeling hield over het Jeneverkruis, een onderscheiding voor huzaren. Of neem Ton Alblas, die vrij anoniem van vergadering naar vergadering liep. Tot hij het op een ochtend helemaal zat was dat de pers hen voortdurend belaagde. Pats, daar had een fotograaf een vuistslag van Alblas te pakken. Hij wil absoluut niet met deze krant over zijn LPF-verleden praten.

In het kabinet traden namens de LPF onder andere de ondernemer Herman Heinsbroek, de columnist-hoogleraar Eduard Bomhoff, thans actief in Kuala Lumpur, op. Zij konden het samen slecht vinden en vochten elkaar de Tréveszaal uit. Hilbrand Nawijn, minister zonder portefeuille voor vreemdelingenbeleid en integratie viert nu triomfen in het karaoke-circuit.

Met grote ergernis denkt emeritus hoogleraar vegetatieve fysiologie Vic Bonke nog wel eens terug aan „de gelukzoekers” in de fractie, die niet in het gareel waren te houden. Hadden ze een fractievergadering en spraken ze af dat niemand na afloop wat tegen de verzamelde pers zou zeggen. Maar ze waren nog geen minuut uit de vergaderzaal of Van As stond uitvoerig te vertellen wat er allemaal besproken was. „Totale anarchie.”

De laatste lijsttrekker die ‘het gedachtengoed van Fortuyn’ moest verspreiden was Olaf Stuger. Hij leeft van het wachtgeld, maar dat gaat binnenkort veranderen. Stuger: „We praten over een televisieprogramma, een begrijpelijke NOVA en een politieke Peter R. de Vries. Zoiets”. Voor de zomer moet het rond zijn. Berend Jan Odink, de vroegere staatssecretaris op Landbouw, in de media ook wel „de man van vlees” genoemd, heeft nu een baan bij het productschap vis in Den Haag.

De huidige LPF-voorzitter Bert Snel zit ziek thuis, wegens een behandeling voor blaaskanker. Maar Snel is zeer ingenomen met het feit dat het LPF-bureau opnieuw subsidie heeft ontvangen van het ministerie van Binnenlandse Zaken. „Het staat al op de rekening”. De partij heeft volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken „na verrekening” recht op 227.000 euro. Het wetenschappelijk bureau telt verder geen medewerkers. „Nee, daar begin ik niet aan, te veel rompslomp. Je kunt veel beter met freelancers werken”, vindt hij.

Op de vraag wat er fout ging met de partij, zegt Snel: „Je moet het vergelijken met een baby. Die doet het in zijn broek en dat werd ons kwalijk genomen. De grootste fout was dat de LPF in het kabinet ging zitten. Balkenende had dat nooit moeten accepteren”.

In het rommelige LPF-kantoor kijkt Herben om zich heen. „Waar ik echt van baal is dat de politiek de problemen niet meer voorop stelt. Men is weer vooral met elkaar en zichzelf bezig. Wij wilden altijd werken aan de oplossing”.