Wordt het Royal, blanco, of toch die kleine man?

Aanstaande zondag beslissen de Fransen wie hun nieuwe president zal zijn.

Michelle, Alain en Ben vertellen wat ze van plan zijn te gaan stemmen.

Er is ruimte in het centrum! Als je niet beter wist, zou je denken dat deze uitspraak over voetbal gaat. Maar niets is minder waar. Vandaag gaan de discussies in de zonovergoten centrale winkelstraat van Croissy, een gegoede voorstad ten westen van Parijs, over verkiezingen. Zondag beslissen 44,5 miljoen Fransen wie de komende vijf jaar hun president zal zijn. In de eerste ronde bleven twee weken geleden twee gegadigden over: de rechtse kandidaat Nicolas Sarkozy (52) en de linkse kandidate Ségolène Royal (53). Sarkozy is volgens de peilingen favoriet. Maar twintig procent van de kiezers zweeft nog. Royal probeert de twijfelaars op alle manieren over te halen. Woensdag deed ze dat door in het enige verkiezingsdebat op televisie Sarkozy keihard aan te vallen. Gisteren door duidelijk te maken met wie ze wil gaan regeren als ze gekozen is: onder meer met de uitgeschakelde centrumkandidaat François Bayrou. De gematigde sociaal-democraat Dominique Strauss-Kahn noemt zij ,,een uitstekende premier”.

Michelle stemt Royal

Met wie Ségolène Royal wil regeren is niet de grootste zorg van Michelle, een spitse 52-jarige lerares die net bij de bakker vandaan komt. ,,Als ze maar gekozen wordt”, zegt ze. ,,Ook omdat ze een vrouw is.” Ze knipoogt. ,,Al kunnen vrouwen in de politiek nog veel erger zijn dan mannen!” De laatste dagen vond ze Royal flets. Maar ze heeft met instemming gekeken naar het tv-debat waarin ze Sarkozy aanpakte. ,,Ik heb gelachen! Eindelijk weer eens wat karakter.” Van ,,die kleine man” moet ze niks hebben. Sarkozy is „gevaarlijk voor de democratie”, zegt ze. Misschien nog wel erger dan Jean-Marie Le Pen, de uitgeschakelde kandidaat van extreem-rechts. Ze ziet Sarkozy bij internationale crises „zomaar een oorlog beginnen”. Zo fel is hij. Ook vanwege de binnenlandse verhoudingen vreest Michelle Sarkozy. „Hij zet mensen tegen elkaar op, terwijl we al zoveel spanningen hebben.” Ze kan het weten, zegt ze. Elke dag reist ze uit Croissy naar de school voor moeilijk lerende kinderen waar ze werkt. Jongeren tussen de 12 en 15 jaar in een probleemwijk. Veel immigrantenkinderen. „Die houden helemaal niet van Sarkozy. Ik heb ze nog nooit zoveel over politiek gehoord.” En als ze ’s avonds thuis is in Croissy, hoort ze mensen weer mompelen dat „hier tenminste geen zwarten zijn.” Dat zijn „allemaal Sarkozy-stemmers”.

Alain is een twijfelaar

In de eerste ronde wist Alain (43), docent economie op een universiteit, precies op wie hij moest stemmen: François Bayrou, centrumkandidaat. Bijna zeven miljoen mensen dachten net als hij. Niet genoeg om de gematigde ex-boer in de tweede ronde te brengen. Maar zijn aanhang is groot genoeg om in de tweede ronde de doorslag te geven tussen Sarkozy of Royal. „Ik weet het nog niet”, bekent Alain. „Nou ja, ik weet wat ik niet wil. Ik stem niet op Nicolas Sarkozy.” Het gaat niet om zijn economische programma. Sarkozy belooft meer noodzakelijke sociaal-economische hervormingen dan Royal. „Maar ze weten er allebei verontrustend weinig van.” Sarkozy heeft echter nog meer bezwaren, vindt Alain. „Een president moet nagedacht hebben over het land, en niet alleen over zichzelf”, vindt hij. En dat ziet hij niet bij Sarkozy. Alain noemt de rechtse kandidaat een „carrièrist” – en dat is geen compliment. En hij heeft ook bedenkingen bij de wijze waarop Sarkozy zijn partij UMP leidt. „Er zijn bij de UMP verschillende stromingen, maar daar hoor je niets meer van sinds Sarkozy de dienst uitmaakt.” Hij vindt Sarkozy „anders dan Le Pen” maar „wel totalitair”. En Royal dan? Alain kijkt moeilijk. „Populistisch, oppervlakkig, niet het goede hervormingsgezinde links.” Als Strauss-Kahn presidentskandidaat was geweest, had hij het wel geweten. En nu die misschien premier wordt? „Dat geloof ik eigenlijk niet.” Misschien wordt het wel een blanco stem.

Ben stemt Sarkozy

Ah, de verkiezingen? Ben (32), barman in Croissy kijkt meteen op het horloge om zijn gespierde bodybuildersarm. Niet dat hij de bus moet halen. Hij heeft best een minuutje. Maar over politiek kun je nu eenmaal uren praten. Vooral Ségolène Royal kan dat goed, glimlacht hij. „Die steekt altijd hele lange verhalen af”, vindt Ben. Op haar zal hij zeker niet stemmen. „Ik begrijp niet wat ze zegt.” Als je hem vraagt waar zij volgens hem voor staat, haalt hij alleen maar zijn schouders op. „Nergens voor, eerlijk gezegd.” Hij heeft niets tegen haar, haast hij zich te zeggen. Maar ze zegt hem nu eenmaal niets. Anders is het met Nicolas Sarkozy. Ben heeft ook tijdens het tv-debat weer vastgesteld: ,,Hij weet waarover hij praat. Hij is kalm en je weet wat hij bedoelt. Hij praat over de dingen uit het echte leven.” Voorbeelden zijn makkelijk gevonden. Sarkozy vindt dat mensen die meer werken recht hebben op meer geld. Hij is tegen fraude met uitkeringen. Tegen illegale immigratie. Tegen misdaad. Hij heeft een einde gemaakt aan de rellen in de voorsteden eind 2005, vindt Ben. Het is voor het eerst dat hij stemt dit jaar. „Politiek heeft me nooit geïnteresseerd. Maar nu staat er echt wat op het spel.”