Verstoppertje

Eén brok ellende, dat is wat er resteert van de school. Zelfs de zonnestralen zijn bang voor dit huilende gebouw. Ze schijnen aarzelend over de ruïne. Eén straal heeft de moed om door te dringen.

Door die straal stapt een jongetje van acht met zwarte krullen, Alan. Zijn voetstappen echoën door de leegte, op het ritme van zijn bange hart. Hijgend houdt hij halt. Zijn hart bonkt als een bom.

Alan veegt zijn klamme handjes af aan zijn broekje. Dan dringt de stilte tot hem door. Het harde niets. Het alleen zijn duurt zo lang dat Alan vergeet dat het leven elders doorgaat. Een alles opslurpende angst overmeestert hem. De geluidloosheid maakt hem klappertandend koud.

Hij tuurt naar de ingestorte muren van zijn gymlokaal. Wanneer hij goed luistert, hoort hij echo’s van vroeger. In de vrije uren was dit de beste plek voor verstoppertje. Alan was toen al de beste verstopper. Dat idee stelt hem gerust, hij kent het hier goed. Niemand zal hem vinden. Al is het fijn om ver weg Dana’s stem te horen, die terugtelt tot nul. Alan hoeft alleen maar stil te zijn en te wachten.

Hij denkt terug aan vroeger. Drie jaar geleden zat hij hier ook. Maandagochtend. De zon vult de koele gymzaal met een zwoele zomersfeer. Alan, Dana en hun klasgenootjes wachten op meester Salar. Met hun neusjes tegen de ramen. De meester loopt over het drukke schoolplein, met op zijn hoofd een nieuwe zonnebril, een cadeau van zijn broer uit Amsterdam. Hij danst een weg door de ouders en kinderen. Hij zwaait naar de jongetjes. Achter hem, midden op het schoolpein, staat een man met een dikke jas aan. Hij staat daar gewoon te staan. Hij bidt. Hij telt. Hardop. Als bij verstoppertje. Vijf, vier, drie, twee, één…

Iemand tikt op Alans schouder. Dana. In plaats van ‘Buut Alan!’ te roepen, zegt hij niets. Hij pakt Alans hand. Samen staan ze tussen de scherven van hun geschiedenis. Tussen het puin glimt een puntje van de zonnebril van de meester. Ze gluren ernaar, Dana trekt aan Alans hand. Zo lopen ze van het verleden vandaan. Elke stap doet de grond sidderen en het puin verschuiven. Hier liggen herinneringen. Ooit wordt het puin geruimd of raakt het begroeid met wilde bloemen. Het gruis op Alans ziel zal zich vastbijten en de wond in zijn hart doen steken. Maar niemand zal het zien.

Alan is de beste verstopper.

Beri Shalmashi

(23 jaar, in Parijs geboren uit Iraanse ouders, in 1986 naar Nederland gekomen)