‘Valse start’ staatssecretaris ergert sportkoepel

De contacten tussen het nieuwe kabinet en sportkoepel NOC*NSF willen maar niet innig worden. „De signalen uit Den Haag zijn positief, maar er gebeurt niets.”

In de perceptie van sportkoepel NOC*NSF was staatssecretaris van Sport Jet Bussemaker gisteren de grote afwezige bij een congres over talentontwikkeling. Charles van Commenée, technisch directeur en chef de mission voor de Olympisch Spelen in Peking, sprak van een gemiste kans, omdat zij op het nationale sportcentrum Papendal kennis had kunnen nemen van doorwrochte plannen met het Nederlandse sporttalent. „Maar in de meeste sporten mag je één valse start maken”, aldus Van Commenée, die het congres daarmee een politieke lading gaf.

De ergernis bij NOC*NSF was groot over de absentie van Bussemaker, die een vergaande toezegging om te komen op het laatste moment had ingetrokken. „Ze had plotseling andere verplichtingen”, bromde Van Commenée, die de staatssecretaris had willen laten zien dat er serieus en intensief wordt gewerkt aan een stevige basis voor een topsportstructuur in Nederland. Een aanpak die Nederland moet laten uitgroeien tot een van de beste tien sportlanden van de wereld, een streven dat wordt onderschreven door het kabinet in de nota ‘Tijd voor Sport’.

Zonder Bussemaker ging het politieke effect van het congres verloren en weet NOC*NSF nog steeds niet of er door de overheid extra geld voor talentontwikkeling kan worden vrijgemaakt. Bussemaker heeft voor de komende vier jaar weliswaar 500.000 euro op jaarbasis toegezegd voor een pilot met de aanstelling van fulltime talentcoaches bij vijf sportbonden (zeilen, volleybal, judo, wielrennen en tafeltennis), maar de sportkoepel ziet dat als een begin.

Er liggen plannen klaar om verspreid over de andere bonden in totaal 75 talentcoaches aan te stellen. En omdat het ministerie van Volkshuisvesting, Welzijn en Sport (VWS) niet alles kan financieren, wordt er ook aangeklopt bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Een bewuste keus, omdat NOC*NSF vindt dat topsporter een beroep is waarvoor een opleiding gevolgd moet worden. Bovendien is dat ministerie via het aangepast onderwijs voor topsporters (LOOT-scholen) al bij de talentontwikkeling betrokken.

Het gemopper illustreert de bekoelde relatie tussen NOC*NSF en het kabinet. Eerst was er het ongenoegen bij de sportkoepel over het ontbreken van een paragraaf over sport in het regeerakkoord en vervolgens riep NOC*NSF de ergernis van Den Haag over zich af met een open brief aan premier Jan Peter Balkenende, waarin meer aandacht voor sport werd gevraagd.

Tweede-Kamerlid Joop Atsma en sportwoordvoerder van het CDA sprak daar onlangs tijdens een werkbezoek aan Papendal zijn ongenoegen over uit: „Die brief was voor de bühne, omdat die verstuurd werd op de dag dat er een algemeen overleg over het beleid van VWS werd gehouden. Dan weet je dat het geen effect heeft.”

Vervolgens was er bij NOC*NSF weer onbegrip, omdat alle inspanningen het onderwerp ‘sport’ die dag op de agenda van VWS te krijgen jammerlijk mislukten. De aandacht van de Tweede-Kamerleden ging uit naar de gezondheidszorg; over sport werd met geen woord gerept.

Bij NOC*NSF vraagt men zich intussen af welke strategie gevolgd moet worden om toch gehoord te worden in Den Haag. Hoewel de bilaterale gesprekken als bemoedigend worden ervaren, mist de sportkoepel harde toezeggingen. Van Commenée: „De signalen zijn positief, maar er gebeurt vervolgens niets.”

De technisch directeur maakt zich vooral zorgen over de topsport. Hij zou graag willen weten waar hij met het oog op de Olympische Spelen van 2012 in Londen aan toe is. Ter voorbereiding op ‘Peking’ is dankzij een motie van oud-fractievoorzitter van de VVD Jozias van Aartsen 10 miljoen euro vrijgemaakt, maar de garantie op een nieuwe bijdrage voor ‘Londen’ heeft Van Commenée niet. Als de overheid het financieel laat afweten, zullen volgens de chef de mission de sportieve ambities moeten worden bijgesteld.

Om de politiek te bewerken ontving NOC*NSF vorige week de sportwoordvoerders uit de Tweede Kamer en volgt er binnenkort een gesprek onder vier ogen tussen Van Commenée en Bussemaker. De technisch directeur was blij dat Kamerleden, ondanks een electorale voorkeur voor breedtesport, het belang van topsport inzien, maar hoopt in een tête-à-tête met de staatssecretaris een basis voor een werkbare relatie te leggen, waar topsport structureel bij gebaat is.