Strijd om ABN Amro weer open

De voorgenomen fusie van ABN Amro met het Britse Barclays staat op losse schroeven. De Nederlandse bank mag voorlopig niet zijn Amerikaanse divisie LaSalle verkopen, zo oordeelde de ondernemingskamer van het gerechtshof in Amsterdam gisteren. LaSalle zou 21 miljard dollar (15 miljard euro) opbrengen, wat voor Barclays een belangrijke voorwaarde voor de overname van ABN was.

In reactie op de uitspraak van de rechter, waarvan het voorlezen bijna een uur duurde, steeg de koers van ABN Amro met 2 procent naar 36,65 euro. Beleggers denken dat een rivaliserende groep banken nu de beste kans heeft om ABN over te nemen. Barclays bood vorige maand 67 miljard euro voor ABN, het hoogste overnamebod ooit voor een Nederlands bedrijf. Een trio banken met Fortis en de Royal Bank of Scotland heeft aangekondigd 72 miljard euro te willen bieden.

Directeur Peter Paul de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters, die de rechtszaak was begonnen, reageerde opgetogen. Hij vroeg zich hardop af hoelang bestuursvoorzitter Rijkman Groenink van ABN Amro nu nog kan aanblijven. ABN Amro had niet direct een reactie na de uitspraak, behalve de opmerking dat die „duidelijk” was.

De beoogde koper van LaSalle, de Bank of America, liet in een reactie aan onze correspondent in New York weten het vonnis te bestuderen. Over de aankoop van LaSalle zei een woordvoerder de bank „een bindende overeenkomst” met ABN Amro te hebben. „We zijn van plan alle maatregelen te nemen die nodig zijn om onze rechten te beschermen”.

Rechter Willems vindt dat ABN Amro met de verkoop van LaSalle zijn aandeelhouders voor een voldongen feit heeft gesteld. Hij oordeelt dat ABN Amro de transactie aan haar aandeelhouders had moeten voorleggen. De verkoop van LaSalle zou zondagavond afgerond moeten worden. Nu dreigen schadeclaims van Bank of America. ABN Amro- topman Groenink vreest dat die claims oplopen tot miljarden.

lees verder op pagina 12 en 13