Nieuwe strafvorm: vier maanden thuis

Het kabinet wil thuisdetentie als nieuwe straf invoeren. Minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) bereidt hiertoe een wetswijziging voor.

Thuisdetentie zou voor een periode van maximaal vier maanden kunnen worden opgelegd. De gestrafte mag zijn woning maximaal twee uur per dag verlaten voor boodschappen, familiebezoek, sporten of anderszins. Controle gebeurt door elektronisch toezicht en onaangekondigde huisbezoeken. Wie zich niet aan de regels houdt, moet alsnog de cel in.

Volgens Hirsch Ballin kan deze nieuwe strafvorm „de leemte” tussen enerzijds geldboete of taakstraf en anderzijds celstraf vullen. Onderzoek wijst volgens hem uit dat thuisdetentie zeker als straf wordt ervaren: juist omdat de veroordeelde thuis vastzit, wordt hij geconfronteerd met de gevolgen van zijn vrijheidsbeperking.

De bemoeienis van de overheid is beperkter dan bij celstraf: omdat „detentieschade” – het verbreken van contact met de sociale omgeving – bij thuisdetentie beperkter is, worden er „geen inspanningen ontplooid die zijn gericht op resocialisatie”. Hulp bij het zoeken van werk of opleiding krijgt de gedetineerde niet en programma’s voor gedragsbeïnvloeding evenmin.

Thuisdetentie kan volgens Hirsch Ballin korte gevangenisstraf vervangen en zo ook bijdragen aan capaciteitsproblemen bij gevangenissen. De minister schat op den duur maximaal ongeveer 700 detentiejaren te besparen.

In principe moet de veroordeelde thuis zijn eigen levensonderhoud betalen, maar in de praktijk zal dat door het verbod op buitenshuis werken vaak onmogelijk zijn. Justitie zal dan bijdragen aan de kosten tot het bijstandsniveau.