Islampartij is niet eng

De Turkse massabetogingen vóór secularisme lijken een uiting van westerse waarden.

Maar juist de secularisten zijn de grootste bedreiging voor de Turkse democratie.

De beslissing van het Turkse Constitutionele Hof om de verkiezing van een nieuwe president te blokkeren, was een ongelukkige en onnodige interventie in het politieke proces van Turkije. Het seculiere establishment stelt dat de verkiezing van minister Abdullah Gül van Buitenlandse Zaken een bedreiging zou zijn voor het secularisme dat de kern vormt van de moderne Turkse staat: Gül is lid van de gematigde islamitische regeringspartij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling, AK.

Deze angst is misplaatst. Premier Tayyip Erdogan (AK) en zijn regering hebben zich laten kennen als slimme pragmatici die bereid zijn binnen de seculiere Turkse democratie te opereren. In feite kan de populariteit van de AK-partij zelfs toegeschreven worden aan de geslaagde afstand die de AK van de islamistische Partij van de Deugd heeft genomen.

Wie van buiten Turkije de recente Turkse massabetogingen ten gunste van het secularisme als een uiting van westerse waarden beschouwt, moet nog maar eens goed nadenken. De meeste militante Turkse ‘secularisten’ staan namelijk argwanend tegenover de Turkse wens om toe te treden tot de Europese Unie, ze zijn vaak sterk anti-Amerikaans en moeten over het algemeen niet veel van de globalisering hebben.

De AK-partij heeft daarentegen een van de indrukwekkendste bijdragen aan de democratie uit de Turkse geschiedenis geleverd, en onderhandelingen over toetreding van het land tot de EU aangeknoopt. De Turkse economie is in vijf jaar gemiddeld met 7 procent gegroeid en heeft in drie jaar tijd bijna 50 miljard dollar aan directe buitenlandse investeringen aangetrokken. De opiniepeilingen duiden dan ook op sterke steun voor de AK-partij, terwijl een zwakke oppositie worstelt om de kiesdrempel van 10 procent te halen.

Door een blokkade van de verkiezing van Gül ontnemen de secularisten Turkije een cruciale gelegenheid om de AK-partij nog verder te matigen. Wat niet tot de militante secularisten doordringt is dat de AK-partij zich uiteindelijk tot een christen-democratische Partij à la de Duitse CDU kan omvormen, mits ze daartoe maar de kans krijgt.

Het Turkse establishment moet inzien dat het niet voor altijd in het politieke proces kan blijven ingrijpen. De voornaamste reden achter de interventie van het seculiere establishment was niet de angst dat Turkije islamitisch zou worden. De angst was dat de impuls tot democratisering, die deels voortkomt uit de hoop om tot de Europese Unie toe te treden, zijn macht zal uithollen.

In dit verband raakte de kandidatuur van Gül een open zenuw van de broze Turkse democratie: de betrekkingen tussen de burgerregering en het leger, dat zichzelf als hoeder van het secularisme beschouwt en sinds 1960 al vier gekozen regeringen heeft verdreven.

Op 22 juli vinden vervroegde verkiezingen plaats. Erdogan heeft inmiddels verklaard te zullen streven naar een grondwetswijziging waardoor de president door het volk in plaats van door het parlement zal worden gekozen. De werkelijke vraag achter de crisis is dan ook wat voor soort democratie in Turkije de overhand zal krijgen – een bestuur van een seculiere elite met een autoritair tintje, of een open en transparante democratie onder islamitische democraten.

Suat Kiniklioglu is directeur van het Ankara-bureau van het Amerikaanse German Marshall Fund. Hij schrijft hier op eigen titel. © International Herald Tribune

Wat zijn de voor- en nadelen van Turks secularisme? Kijk op secularisminturkey.net