In Freiburg is kernenergie passé

Freiburg is pionier in zonne-energie, heeft autovrije woonwijken en serveert biologisch eten in restaurants. De stad neemt een belangrijke plaats in de Duitse milieubeweging in. Woont hier een beter soort mensen?

Freiburg staat op zijn kop. Burgemeester Dieter Salomon is ontvoerd! Door wie? Door tegenstanders van ‘zijn’ windmolenpark, die opkomen voor het lot van de vleermuizen die door de wieken worden neergesabeld? Of door sociaal-democraten die willen voorkomen dat hij de gemeentelijke zwembaden verkoopt aan een buitenlandse investeerder, aan een vermaledijde sprinkhaan?

De ontvoering is fictie, afkomstig uit de detectivereeks Freiburg-Krimi. Voor het overige blijven de auteurs van Chorknaben dicht bij de werkelijkheid. Salomon ís burgemeester van Freiburg, de eerste Groene burgemeester van een grote Duitse stad. Het windmolenpark ís omstreden omdat er dode vleermuizen zijn gevonden. En in de autoluwe en energiezuinige wijk Vauban hangt daadwerkelijk een groot spandoek met een verbodsbord voor sprinkhanen: er ís gedemonstreerd tegen de verkoop van overheidsbezit aan een investeerder.

Freiburg is alternatief en strijdlustig. De universiteitsstad (215.000 inwoners) aan de rand van het Zwarte Woud ziet zichzelf als de meest milieubewuste stad van Duitsland. Een groene stad met Groen beleid.

Freiburg is nationaal kampioen afvalscheiding. De binnenstad is autovrij (uiteraard) en een aantal woonwijken is dat ook. Het voedsel in het hotel is biologisch verantwoord, inclusief het troebele bier. Een concurrerend hotel verwarmt de kamers met zonnecellen en koelt ze weer af met grondwater. Car-sharing is in en fietsen, in veel Duitse steden een levensgevaarlijke hobby, is hier heel normaal. Scholieren houden de beken schoon, oudere dames prikken papier langs de oever van de Dreisam. Twee pizzabakkers geven een pizza Margarita gratis tegen inlevering van acht oude pizzadozen.

In Freiburg wordt ogenschijnlijk geen moeite geschuwd om het milieu te ontzien opdat volgende generaties ook nog een leefbare wereld aantreffen. Woont hier een betere soort mensen?

Gerda Stuchlik, partijgenoot van Salomon, is wethouder voor Milieu. Het was een slecht weekeinde, zegt ze op een zonnige maandagochtend in het stadhuis. Ze moest een zwemverbod uitvaardigen voor een populair meer. Olievervuiling. In het meer wordt gebaggerd. Dieven hadden ’s nachts koperen onderdelen gestolen uit de machines op het water en daarbij was veel olie gelekt. Freiburg is niet Utopia. Wel maakt zorg voor het milieu in Freiburg „deel uit van de burgerlijke cultuur”, zegt Stuchlik.

De basis voor het groene profiel werd gelegd in de jaren zeventig toen stad en omwonende wijnboeren in opstand kwamen tegen een geplande kerncentrale in het naburige Wyhl. „We zeiden toen ‘nee’ tegen kernenergie, maar – en dat maakt Freiburg bijzonder – we zochten ook naar alternatieven. We willen aantonen dat je comfortabel kunt leven zonder kernenergie. Dat houdt mensen hier écht bezig.” De lichte paniek over klimaatverandering die na de warme winter en het hete voorjaar om zich heen grijpt, blijft in Freiburg uit, zegt Stuchlik. „Het milieu is hier altijd op de agenda gebleven.”

In 1986 kreeg de stop-kernenergiebeweging een nieuwe impuls door de catastrofe in Tsjernobyl. De gemeenteraad besloot toen stroom uit kerncentrales te weren, duurzame energie te stimuleren en energiegebruik terug te dringen. Kernenergie is passé en de stad is uitgegroeid tot een Mekka voor zonne-energie. Er is een volwassen industriecluster rond zonne-energie gegroeid: wetenschappelijk onderzoek, productie, installatie, afnemers. De hotels hebben zonnecellen, evenals de scholen, de kerken, de brouwerij, het voetbalstadion en de krantendrukkerij. Er is een woonwijk die Solarsiedlung heet.

De markt voor zonne-energie in Freiburg is gecreëerd door pioniers, vertelt de gepensioneerde leraar Olaf Srowig. „Subsidies waren er niet en de banken zagen er niets in, dus moesten we aandelen in zonneprojecten uitgeven.” Srowig was directeur van een school voor vmbo, die zich heeft toegelegd op de opleiding van installatiemonteurs voor zonnepanelen. Toen de school een nieuwe sporthal kreeg legden zestien financiers, onder wie de directeur, geld op tafel voor zonnepanelen die het douchewater verwarmen. Srowig heeft ook panelen op het dak van zijn woonhuis. „Ik werd voor gek versleten, maar inmiddels krijg je van het energiebedrijf zoveel geld voor de stroom dat het een goede investering is.”

Architect Rolf Disch is ook een zonnepionier. Hij was er destijds in Wyhl al bij. In 1975 bezette de bevolking gedurende acht maanden het bouwterrein voor de beoogde kerncentrale. De actievoerders bouwden een huttendorp, compleet met vriendschapshuis. In de zogeheten Volkshochschule Wyhler-Wald discussieerden ze over een groene toekomst. De debatten van Wyhler-Wald zouden later inspireren tot de oprichting van de Groenen, de organisatie voor natuurbescherming BUND en een ecologisch instituut. De kerncentrale zelf werd nooit gebouwd.

Na Wyhl ging Disch op zoek naar een alternatief en vond de zon. Eerst bouwde hij zonneauto’s. Toen volgde een eigen huis dat met warm weer van de zon weg kan draaien en in de wintermaanden naar de zon toe. De zogeheten Heliotrop werd een succes. Sindsdien bouwt Disch ook ‘zonnehuizen’ voor anderen. De Zonnewijk is van zijn hand, evenals het 125 meter lange multifunctionele gebouw het Zonneschip, waar hij kantoor houdt. De woningen op het dak van het kantoor produceren vier keer zoveel energie als de bewoners kunnen gebruiken.

„Pioniers gaan altijd door drie fases”, zegt Disch. „Eerst word je uitgelachen. Dan word je tegengewerkt. En uiteindelijk is het vanzelfsprekend. We zitten nu op de grens van fase twee en fase drie.” De zonne-industrie is ook in Freiburg nog steeds veel ideologie en een beetje economie. De sector wordt weliswaar snel professioneler, maar het blijft een permanent gevecht, uit overtuiging, zegt Disch, die in zijn vrije tijd schrijft aan de milieuparagraaf van het nieuwe beginselprogramma van de SPD.

Freiburg heeft inmiddels zo veel gebouwen met zonnepanelen dat er toeristische zonnerondleidingen georganiseerd worden. Met energie besparen heeft ook de milieustad het moeilijk. De wethouder: „Het is minder aantrekkelijk, minder sexy dan het installeren van zonnepanelen. Je moet steeds weer slimme campagnes bedenken om mensen ervan te overtuigen dat zuinigheid het belangrijkste is.” Freiburg wilde tot 2010 de uitstoot van CO2 met 25 procent verminderen, maar is nu pas bij 5 procent. „Het is heel wat om minder te consumeren bij een groeiende bevolking, maar het is niet genoeg.”

Vanaf juni gaat Freiburg, hoopt de Groene wethouder, op CO2-dieet. De gemeente legt de laatste hand aan een website waarop inwoners kunnen uitrekenen hoeveel CO2 ze uitstoten en in welke mate ze de streefgetallen overschrijden. Particuliere grootvervuilers met een slecht geweten kunnen op de site ook emissierechten kopen, bijvoorbeeld door te betalen voor de aanplant van bomen.