Hof: de banken hadden Nina Brink moeten stoppen

ABN en Goldman Sachs hadden moeten voorkomen dat World Online beleggers misleidde, oordeelt het hof. Dat kan ze veel geld kosten. Maar de schadevergoeding is nog niet binnen.

Het heeft even geduurd, maar zeven jaar na dato is een naheffing onderweg naar de professionele partijen die betrokken waren bij het beursdrama rond World Online. Beleggers betaalden destijds al de rekening van een mislukte introductie door de ingestorte beurskoers.

ABN Amro kreeg als begeleidende bank al een boete van toezichthouder AFM voor een misleidende voorstelling van zaken op de dag van introductie. Maar die bedroeg slechts 18.150 euro. World Online werd eind 2003 al veroordeeld voor misleiding van beleggers, de banken Goldman Sachs en ABN Amro werden vrijgesproken.

Het aandelenbelang van Nina Brink in World Online stond centraal in het schandaal rond de beursgang. Door de vele publiciteit en de hooggespannen verwachtingen was World Online uitgegroeid tot een volksaandeel. Hoewel experts de bandbreedte hoog vonden, werd het aandeel 24 keer overtekend. In de aanloop naar de beursgang werd veelvuldig gespeculeerd hoeveel Brink zou incasseren als zij haar aandelen te gelde zou maken. Toen vlak na de beursintroductie expliciet werd bevestigd dat Brink de meeste aandelen al maanden geleden had verkocht tegen een koers van 6 dollar (destijds circa 6,75 euro), terwijl beleggers bij de introductie 43 euro hadden betaald, raakte de koers van het aandeel in een vrije val.

Het hof constateert dat een goed oplettende belegger van tevoren in het prospectus had kunnen lezen dat Nina Brink een groot deel van haar aandelenpakket ruim voor de beursgang van de hand had gedaan. Dat bleek volgens het hof ook uit artikelen in NRC Handelsblad en The Independent. Maar bij contacten met de pers liet zij zelf doorschemeren dat zij nog aandelen had. In een interview met Het Financieele Dagblad zei Brink op de vraag hoeveel aandelen zij zou gaan verkopen: „Ik ga niet vertellen of ik iets cash. In het prospectus zal dat denk ik lastig te achterhalen zijn.”

Het hof vindt dat ABN Amro en Goldman Sachs onzorgvuldig hebben gehandeld ten opzicht van beleggers omdat zij het onjuiste beeld niet corrigeerden. Ook verwijt het hof de banken dat zij meewerkten aan de fouten in het prospectus en niet ingrepen toen World Online een lange reeks positieve persberichten uitbracht, die de hype rond het aandeel verder aanwakkerden.

Die nalatigheid kan ABN Amro en Goldman Sachs duur komen te staan. De VEB bereidt een schadeclaim voor. Ruim 10.000 gedupeerde beleggers hadden zich al aangemeld, maar de VEB schat dat er nog 140.000 beleggers meer zijn, die zich alsnog kunnen melden. Met een totale schade van 3 miljard euro. VEB-directeur Peter Paul de Vries noemde de uitspraak gisteren – tien minuten voordat hij zijn andere zege tegen ABN Amro kon incasseren – een enorme overwinning, die een uitstekende basis vormt voor een schadeclaim. Die zal gericht zijn tegen alle drie partijen. In het geval van World Online zou een schadevergoeding terechtkomen bij de Italiaanse internetaanbieder Tiscali, dat World Online eind 2000 overnam.

Maar het geld is nog lang niet binnen. De VEB moet een nieuwe procedure beginnen om de schade vergoed te krijgen. Daarin zal volgens advocaat Marc Blom van ABN Amro moeten worden aangetoond in hoeverre de misleiding van beleggers de schade heeft veroorzaakt. Bijvoorbeeld: hebben beleggers het foute prospectus daadwerkelijk gelezen? Blom: „Of een schadevergoeding wordt toegekend en wat de hoogte daarvan is, is onder meer daarvan afhankelijk.” Verder kunnen alle partijen nog tegen de uitspraak in cassatie bij de Hoge Raad. Mocht de uitspraak daar worden teruggedraaid, dan valt de grond onder de schadevergoedingsprocedure weg.

Maar advocaat Aukje Haan van CMS Derks Star Busmann, die niet bij de zaak betrokken is, wijst erop dat de VEB op meerdere punten in het gelijk is gesteld. En dat de banken ook verantwoordelijk worden gehouden voor Brinks uitlatingen in de media, waarvan makkelijker kan worden aangetoond dat ze tot schade hebben geleid. Haan: „Ik denk dat deze uitspraak zeker voldoende basis vormt voor een schadevergoeding.”