Emoties laaien op na uitspraak rechter

Gejuich bij borrelende mannen, grote zorgen bij de voorzitter van de ondernemingsraad, Peter Paul de Vries euforisch, Rijkman Groeninks voorganger Jan Kalff bedrukt. Nu voelt iedereen wat bij ABN Amro.

De strijd om ABN Amro leeft onder het volk.

Gistermiddag, kwart over vijf, dreef een bootje met zes borrelende jongemannen langs de ondernemingskamer aan de Amsterdamse Prinsengracht. „Wat gebeurt er met LaSalle”, vroeg een van hen aan het verzamelde bankpersoneel voor het gerechtshof. „Verboden! De rechter heeft de verkoop ervan verboden”, schreeuwde iemand vanaf de kade het laatste nieuws door. Een luid gejuich steeg op vanuit de borrelboot. Alsof Oranje een belangrijke voetbalwedstrijd had gewonnen.

Voorzitter Huub Willems van de ondernemingskamer had in het voorafgaande uurtje de biedingsstrijd rond de grootste bank van Nederland weer volledig opengegooid. Hij besliste in de door beleggersvereniging VEB aangespannen spoedzaak dat ABN Amro niet zonder toestemming van haar aandeelhouders de Amerikaanse dochter LaSalle mag verkopen voor 21 miljard dollar (15,5 miljard euro) aan Bank of America.

Een pijnlijke nederlaag voor de bank, die hierdoor de voorgenomen overname door de Britse Barclays bank op losse schroeven ziet staan. Bij die vriendelijke overname, aangekondigd op 23 april, stelde Barclays de verkoop van LaSalle als nadrukkelijke voorwaarde.

De ‘beschikking’ van Willems zet de deur open voor een tegenbod van het consortium van drie banken, dat al enige tijd aast op ABN Amro. Of voor andere gegadigden. Het is de verwachting dat dit trio – Royal Bank of Scotland, het Spaanse Santander en het Belgisch-Nederlandse Fortis – de komende dagen een formeel bod zal uitbrengen, ter waarde van de eerder geïndiceerde 72 miljard euro. Barclays waardeerde ABN Amro aanvankelijk op 67 miljard, maar aandelenbod ligt door een koersdaling van het eigen aandeel inmiddels op 65 miljard euro. De Britse bank verklaarde gisteravond na de uitspraak haar bod op ABN Amro gewoon te willen doorzetten.

Tijdens de voordracht van bijna drie kwartier hield voorzitter Willems van de ondernemingskamer het spannend. In zijn eerste waardeoordeel zei de rechter dat er tussen ABN Amro, Barclays en Bank of America geen sprake was van een „gecoördineerde manoeuvre gericht op het frustreren van de overname-intenties van het consortium”. Maar vervolgens noemde hij de verkoop van LaSalle onlosmakelijk verbonden aan de verkoop van ABN Amro als geheel, waardoor aandeelhouders niet „in vrijheid” hadden kunnen beslissen „aan welke partij” zij hun aandelen wensen te verkopen.

Directeur Peter Paul de Vries van de VEB was euforisch en omhelsde na de uitspraak zijn advocaat, Jurjen Lemstra. Hij noemde de uitspraak van gisteren „historisch”. „De truc van ABN Amro is mislukt en het recht heeft gezegevierd.” De VEB had om bevriezing van de verkoop van LaSalle gevraagd, omdat deze transactie andere, hogere, biedingen blokkeerde, waardoor aandeelhouders niet alle biedingen in overweging konden nemen.

Rechter Willems was hierover duidelijk in zijn uitspraak. „De ondernemingskamer acht het onaanvaardbaar dat een onderdeel van ABN Amro wordt afgesplitst, zonder dat aandeelhouders (andere) biedingen op hun merites hebben kunnen beoordelen.” ABN Amro mag voorlopig geen enkele medewerking bieden aan de verkoop van LaSalle.

Maar Bank of America, de koper van LaSalle, zegt zich aan het met ABN Amro gesloten contract te willen houden. Haar Nederlandse advocaat, Bas Vletter, herhaalde gisteren het dreigement dat er voor zijn cliënt niets anders opzit dan een claim in te dienen tegen ABN Amro voor de rechtbank in New York. Topman Rijkman Groenink schatte die eerder in op „miljarden”.

In de afgeladen rechtszaal ontbrak de bestuursvoorzitter ditmaal. Hij had tijdens de zitting van afgelopen zaterdag nog een emotioneel betoog gehouden ter verdediging van zijn keuze voor Barclays. Wel aanwezig gisteren: zijn voorganger Jan Kalff. Die heeft formeel niets meer met de bank te maken; hij werd in 2000 opgevolgd door Groenink en trad in 2003 terug uit de raad van commissarissen. Kalff, die „puur uit belangstelling” was gekomen en „om het personeel van de bank te ondersteunen”, wilde na afloop niet zeggen wat hij van de uitspraak vond – al keek hij tijdens het voorlezen daarvan veelzeggend: overdonderd en bedrukt.

Volgens VEB-directeur De Vries is het ondenkbaar dat Groenink aanblijft als topman van de bank. „Het is moeilijk in te denken dat Groenink de leiding houdt in het verkoopproces.” ABN Amro zei vanmorgen dat de topman niet vertrekt.

Op de stoep van de ondernemingskamer demonstreerden tientallen ABN Amro-medewerkers. Zij gingen gekleed in hagelwitte T-shirts, vaak aangetrokken over overhemd en das, waarop leuzen stonden als ‘klantenbelang’, ‘vijandig bod’, ‘bankieren is mensenwerk’ en ‘lange termijn’.

De werknemers waren teleurgesteld in de uitspraak van de rechter. Sacha Scholten, voorzitter van de centrale ondernemingsraad, stond na afloop ervan geëmotioneerd de pers te woord: „De bank is nu meer dan ooit een speelbal geworden van aandeelhouders. Ik maak me grote, grote zorgen voor alle medewerkers.”