Veiliger vliegen is een illusie

Sinds een half jaar gelden strenge Europese regels voor handbagage in vliegtuigen.

Een expert: ‘We kunnen onze energie beter richten op het opsporen van terroristen’.

Het gebeurde een paar dagen geleden op Londen Heathrow. Een vrouw uit de VS wil overstappen op een vlucht naar Brussel. Ze heeft een handtasje en een laptoptas bij zich. In de VS mocht ze die meenemen als handbagage. Maar het luchthavenpersoneel is onverbiddelijk: er mag één tas mee naar Brussel. „Veiligheidsredenen”, krijgt de vrouw te horen. „Maar anderen nemen koffers mee die groter en zwaarder zijn”, zegt ze. Jammer, zegt het personeel, regels zijn regels. Een medepassagier heeft een idee. Hij geeft haar een vuilniszak, waar de twee tassen makkelijk in passen. Ja, zeggen de veiligheidsbeambten, zó mag het wel.

De vrouw was een vriendin van de Spaanse europarlementariër Ignasi Guardans. Hij vertelde de anekdote gisteren tijdens een hoorzitting in het Parlement over de nieuwe bagageregels voor vliegtuigpassagiers die vorig jaar van kracht werden. Guardans en zijn Nederlandse VVD-collega Jeanine Hennis-Plasschaert hadden de bijeenkomst georganiseerd om te horen of die regels zin hebben.

Het is niet moeilijk om bommen te maken met vloeistoffen, zei de Delftse hoogleraar toegepaste natuurkunde Carel van Eijk. Je kunt bijvoorbeeld nitroglycerine nemen. „Dat is gemakkelijk verkrijgbaar, want het wordt gebruikt als brandstof voor modelvliegtuigjes.”

Maar de grens van 100 milliliter voor vloeistoffen – is die zinnig, wilden de parlementariërs weten? Kun je ook een explosie veroorzaken door een kleinere hoeveelheid van de ene vloeistof te mengen met een kleinere hoeveelheid van een andere vloeistof, of met een poeder? Van Eijk knikte. „Je hebt niet zo veel nodig om een bom te maken waarmee je een vliegtuig kunt laten neerstorten”, zei hij.

De luchtvaartindustrie was aanvankelijk vóór de strenge regels, maar is daar nu ook niet zo gelukkig mee, vertelde Nathalie Herbelles, veiligheidsmanager van de Associatie van Europese Luchtvaartmaatschappijen (AEA). „We waren blij dat er Europese regels kwamen. We vreesden dat verschillende landen hun eigen regels zouden hanteren.”

Maar een half jaar na de invoering van de EU-regels heerst er nog steeds verwarring onder passagiers, zei Herbelles. Die verwarring wordt vergroot doordat landen aanvullende eisen mogen stellen, waardoor de regels nog niet overal hetzelfde zijn. Zo is de één-stuk-handbagage-regel geen Europese, maar een Britse maatregel. En mensen die niet regelmatig vliegen of van buiten de EU komen, kennen ook de Europese regels vaak niet, zei Herbelles.

En als we denken dat vliegen veilig is geworden door de maatregelen ,,dan leven we in een illusie”, zei Peter Andres van Lufthansa. De luchtvaartindustrie vestigt haar hoop nu op nieuwe technieken. Scanners bijvoorbeeld die explosieven in bagage kunnen herkennen. Die bestaan nog niet, verklaarden deskundigen. Er zijn apparaten die sommige stoffen zichtbaar maken, maar niet álle.

En dan nog is het voor de bediener van een apparaat heel moeilijk het verschil te zien tussen scheerschuim en springstof, zei Christophe Naudin, een Franse criminoloog. Om het te bewijzen had hij gisteren wat meegenomen naar het zaaltje van het Europees Parlement, waar alle bezoekers bij de ingang óók door een detectiepoortje moeten. Naudin hield zijn handen in de lucht: een ontstekingsmechanisme en een vloeistof waarmee je een bom kunt maken.

„We kunnen onze energie beter richten op het opsporen van terroristen”, zei Naudin. „Ze gebruiken telkens nieuwe technieken.”