Soms is het juist goed om agressief te zijn

Bestuursvoorzitter Steve Ballmer van Microsoft was vorige week in Nederland.

Hij lijkt zich geen zorgen te maken over de concurrentie van Google.

De parkeerwacht lacht vriendelijk als multimiljardair Steve Ballmer fout parkeert tegenover het buurthuis in Amsterdam-West. Ballmer, topman van Microsoft, is op bezoek om diploma’s uit te delen aan vrouwen van Turkse en Marokkaanse afkomst die een computercursus hebben gevolgd. De baas van het softwarebedrijf lacht naar een cursiste: „Je weet me nu te vinden, hè? Mijn mailadres is steveb@microsoft.com.”

De Amsterdamse Computerwijk is een van de 30.000 projecten die Microsoft sponsort om de digitale kloof tussen arm en rijk en tussen jong en oud te overbruggen. Ballmer: „Computers zijn essentieel om te leren, voor werk en om jezelf te verbeteren”.

Wie Ballmer als gulle gever in actie ziet, kan zich moeilijk voorstellen dat dezelfde man ooit minutenlang over het podium danste en zijn personeelsleden toegilde, om daarna natbezweet zijn toespraak te openen met de woorden „I love this company!” Steve Ballmer, in dienst bij Microsoft sinds 1980 en topman sinds 2002, heeft de naam een gedreven, keiharde zakenman te zijn die furieus kan reageren als concurrenten, overheden of zijn eigen werknemers hem dwarszitten. Een vader die zijn eigen kinderen verbiedt met Google te zoeken of een iPod aan te schaffen: dat doe je maar met Microsoft-spullen. Tijdens het interview blijkt zijn bulderende stem nog niets geleden te hebben.

Microsoft heeft twee gezichten. Aan de ene kant de wereld verbeteren, maar ook agressief opereren op de markt.

„Dat klopt. We zijn agressief omdat we een grote ambitie hebben. Tuurlijk, het kan slecht zijn. Maar als het betekent dat je hard werkt, innoveert, je verhaal zeer actief probeert over te brengen, dan is agressief zijn goed. Dan breng je volumes omhoog en prijzen omlaag. Dat is niet in tegenspraak met het verbeteren van de wereld.”

Is Microsoft niet te agressief? Eurocommissaris Neelie Kroes heeft u voor een half miljard euro beboet voor monopolistisch gedrag.

„Het maakt niet uit of ik het eens ben met haar logica. De Commissie is een autoriteit, en die respecteer ik. Er is nog een aantal zaken die bij de commissie worden behandeld, en we doen er alles aan om aan de Europese regels te voldoen.”

Microsoft doet het op de internetmarkt minder goed dan nieuwkomer Google. Wat gaat u daaraan doen?

„Google is inmiddels bijna een soort poortwachter tussen degene die iets wil verkopen en de consument zelf. Nu het ook online advertentiebedrijf DoubleClick heeft overgenomen, heeft het 80 procent van de internetadvertentiemarkt. Tja, Microsoft was de hoogste bieder op DoubleClick, maar ze kozen toch voor Google. Ik denk dat er inmiddels velen zijn – in de uitgeverijsector, de reclamesector, de marketing – die graag zouden zien dat Google stevige concurrentie krijgt, en die daarvoor een partnerschap willen aangaan. En met wie willen ze dat? De logische partij is Microsoft.”

Vindt u dat er een onderzoek naar de marktdominantie naar Google moet komen?

Op zijn hoede: „Nee, dat hoor je me niet zeggen.” Dan, met bulderende lach: „Maar sprekend namens een bedrijf dat aan alle kanten onderzocht is, vind ik dat zoveel mogelijk bedrijven aan zo’n gedegen onderzoek onderworpen moeten worden.”

Waarom koopt u niet gewoon een betere positie in die markt? Microsoft heeft genoeg middelen om een bedrijf als Yahoo te kopen.

„Wij kopen zo’n vijftien tot twintig bedrijven per jaar. Maar niet zulke grote, met een waarde van 5 of 20 miljard dollar, eerder 50 tot 500 miljoen. Grote bedrijven zijn moeilijker te integreren. En de regelgevingsproblemen zijn dan groter, je moet goedkeuring krijgen van de mededingingsautoriteiten.”

Dus u zag niets in YouTube, dat ook werd gekocht door Google? Of in Skype, dat naar eBay ging?

„We hebben wel naar YouTube gekeken, maar niet geboden omdat de juridische risico’s ongeveer even groot zijn als het bedrag dat Google heeft betaald. Het verkeer op YouTube leunt op videomateriaal met copyright. Ik vind dat de prijs van YouTube excessief hoog was. Wat Skype betreft: wij hebben met MSN dezelfde technologie in huis, en meer gebruikers.”

Hoe komt het dat de koers van Microsoft in vijf jaar tijd amper steeg? De koers van uw concurrenten steeg wel.

„De aandelenmarkt probeert altijd te raden hoe goed je het gaat doen. En bij Microsoft raadden ze vrij vroeg dat wij het heel goed zouden doen. Dan moet je ze daarna dus nog meer verrassen. Maar de koers moet altijd de winst reflecteren, en in dezelfde periode is de winst van Microsoft verdubbeld. Op een gegeven moment zullen beleggers waarderen hoeveel winst we hebben gemaakt, en zal de koers alsnog omhooggaan.”

Als softwareleverancier bent u marktleider, maar wordt Microsoft ooit nummer 1 met een consumentenproduct, zoals de Xbox-spelcomputer?

„Soms moet je ergens lang aan werken. Mensen vergeten vaak dat Windows de eerste zeven tot acht jaar helemaal geen populair product was. Google was ook niet bepaald hot in zijn eerste jaren. Ik verwacht grote vooruitgang met de XBox 360, die bijvoorbeeld in Nederland al een marktaandeel heeft van bijna 30 procent. En de verkoop van smartphones die Windows als besturingssysteem hebben, begint nu echt te exploderen. De gsm-fabrikanten die met hun eigen besturingssysteem op de proppen komen, zullen hoogstens een paar procent van de markt pakken. Wij mikken op tientallen procenten van de markt.”

Microsoft wil het aantal computergebruikers met 5 miljard vermeerderen. Hoe gaat u voorkomen dat 3 miljard van hen een illegale Windows-versie gebruiken?

„We zullen moeten accepteren dat er altijd een bepaald niveau van piraterij zal zijn, dat is part of the game. We hopen dat de meeste mensen kiezen voor een betaalde vorm. Als iemand zich een pc en internettoegang kan veroorloven, kan hij ook betalen voor software. Software maakt maar een klein deel van de computerkosten uit, maar is gewoon makkelijk te stelen.”

Komt er ooit een gratis versie van Windows, betaald met advertenties?

„Iedereen die denkt dat advertenties alles kunnen financieren, heeft het mis. Advertenties bij zoekmachines leveren veel geld op, maar advertenties bij e-mail bijna niet. Bij ons niet, bij Google niet, bij Yahoo niet. En waarom? De advertentie moet een nuttig deel zijn van het product, en niet storend. Zo adverteren letselschadeadvocaten in de VS naast zoekresultaten op het woord ‘asbest’, een van de duurste plekken bij zoekmachines om te adverteren, omdat dat woord vaak wordt ingetypt door mensen die ziek zijn geworden door werken met asbest. Willekeurige advertenties in Word of hotmail hebben minder nut voor de gebruiker.”