‘Polders bij rivier of zee niet meer bebouwen’

Delen van polders in de buurt van belangrijke zee- of rivierdijken moeten niet worden bebouwd maar gereserveerd voor waterberging. Dat stelt het Ruimtelijk Planbureau (RPB) in een gisteren verschenen studie Overstromingsrisico als ruimtelijke opgave.

Binnen de als veilig bestempelde dijkringen moet onderscheid worden gemaakt tussen veilig en minder veilige bouwlocaties. „In de meest risicovolle gebieden, waar het water snel en met grote hoogte komt, kan beter niet worden gebouwd, of beperkt en met grote aanpassingen”, aldus het rapport. „Beter is het om dergelijke gebieden te beschouwen als buitendijks gebied, waar alleen op eigen risico mag worden gewoond en gewerkt.”

Nederland moet niet alleen de kans op een overstroming zo klein mogelijk maken door de aanleg van dijken en duinen, maar ook beleid ontwikkelen om de schade te verkleinen als een overstroming zich toch voordoet. Zo moeten er evacuatieplannen worden gemaakt voor gebouwen in de minder diep gelegen polders, en moeten er fysieke maatregelen komen, zoals de bouw van woonarken, of het plaatsen van vloedbalken in deurposten. „Door zowel de kans op een overstroming als de potentiële schade te verminderen, wordt de veiligheid maximaal vergroot.”

Rekening houden met overstromingsrisico betekent niet alleen bouwbeperkingen, stelt het planbureau. In het Duitse Hamburg wordt buitendijks een wijk gebouwd die mogelijk kan overstromen door de Noordzee, maar waar de gebouwen ‘vloedbestendig’ worden gemaakt. Als Nederlands voorbeeld geldt de Overdiepse polder in Noord-Brabant, waar boerderijen op terpen worden gebouwd zodat het omringende land in tijden van veel water deels kan overstromen.

Lees de studie zelf op www.rpb.nl/nl%2Dnl/