‘Gijzelen journalist werkt averechts’

Nederlandse journalisten staan, vaker dan voorheen, onder druk van justitie om bronnen prijs te geven. „Het is raadzaam om bronbescherming in de wet vast te leggen.”

Een beroepsgeheim zoals dokters, geestelijken en advocaten hebben, dat zit er voor Nederlandse journalisten niet in. Een verslaggever die zijn of haar anonieme bron wil beschermen, kan in conflict komen met justitie. Astrid van Unen deed samen met Stella Braam onderzoek naar bronbescherming, in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ). Hun rapport wordt vandaag, Dag van de persvrijheid, gepresenteerd. De conclusies zijn mede gebaseerd op een enquête onder NVJ-leden en gesprekken met journalisten die ooit werden gegijzeld omdat ze hun bronnen beschermden. Bekende voorbeelden zijn toenmalig Spits-verslaggever Koen Voskuil, die in 2000 schreef over een wapenvondst en 17 dagen werd gegijzeld. Een recenter voorbeeld vormen de twee journalisten van De Telegraaf die in de cel belandden omdat ze hadden bericht over een lek bij de AIVD. Behalve journalisten interviewden Braam en Van Unen ook ervaringsdeskundigen van ‘de andere kant’ , zoals voormalig officier van justitie Fred Teeve en oud-minister van Binnenlandse Zaken Johan Remkes.

Waarom is het belangrijk dat journalisten hun bron kunnen beschermen?

Van Unen: „Sommige mensen vertellen hun verhaal eerder aan een journalist dan aan een agent. Een van de geïnterviewden zei het zo: ‘Justitie wil criminelen opsporen, een journalist wil de waarheid achterhalen’. Natuurlijk moet je het melden als je iets hoort over een moord of een op handen zijnde terroristische aanslag. Je bent behalve journalist ook burger.”

Slechts 380 van de 8.000 NVJ-journalisten deden mee aan de enquête Waarom was de respons zo laag?

„Niet alle takken van journalistiek hebben te maken met bronbescherming. De misdaadjournalistiek is een van de specialismen waar je vaak met anonieme bronnen te maken hebt. Maar ook regiojournalisten zullen met anonieme klokkenluiders in aanraking komen. Bijvoorbeeld als een ambtenaar uit de school wil klappen over een burgemeester die niet functioneert.”

Op basis waarvan concludeert u dat het journalistieke klimaat verhard is?

„Da’s een kwestie van tellen. Toen Koen Voskuil in 2000 werd gegijzeld, was het twintig jaar geleden dat de laatste Nederlandse journalist in de cel zat. Inmiddels zijn al drie nieuwe gevallen bekend.”

De gegijzelde Nederlandse journalisten hebben hun bronnen nooit prijsgegeven. Waarom worden ze dan toch in de cel gegooid?

„Het werkt inderdaad averechts. Fred Teeven, ex-officier van justitie, noemt het ‘spierballengedrag dat niks oplevert’. Het zijn individuele beslissingen van de rechter-commissaris. Die vergeet eventjes dat een journalist die zijn bron beschermt, zelf weer beschermd wordt door het Goodwin-arrest. Dat is een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens waaruit blijkt dat een journalist zijn bron niet hoeft te noemen.”

U adviseert om te onderzoeken of bronbescherming in de Nederlandse wet kan worden opgenomen. Zijn de uitspraken van het EU-hof dan niet voldoende?

„In België is het beter geregeld. Daar kun je zelfs beroep doen op het verschoningsrecht (het recht om een beroepsgeheim te hanteren zoals een arts of advocaat dat heeft, red.) als je ooit eens voor een parochieblaadje hebt geschreven. In Nederland hebben we dat niet.”

Gijzeling is een ‘paardemiddel’, zegt een geïnterviewde. Hoe worden journalisten nog meer onder druk gezet?

„Bijvoorbeeld door ruw filmmateriaal in beslag te nemen of door verslaggevers voor verhoor op te roepen. Ook krijgen lastige journalisten vaak te horen dat ze ‘eruit liggen’ en dus geen ander nieuws meer te horen krijgen.”

Een van de geïnterviewde journalisten vertelt dat hij een auto vol prepaidtelefoontjes heeft liggen om te voorkomen dat hij wordt afgeluisterd. Paranoia of noodzaak?

„In Nederland wordt erg veel afgeluisterd. We zijn het meest getapte land van Europa. En je merkt het niet, hè. Vroeger hoorde je misschien een klik als je aan de telefoon zat, maar tegenwoordig is afluisterapparatuur amper traceerbaar.”

Zie ook persvrijheid.nl en villamedia.nl/n/nvj/justitie