Franse rivalen retoucheren imago

De presidentskandidaten Ségolène Royal en Nicolas Sarkozy gebruikten hun tv-debat voor het retoucheren van hun imago. „Kunt u verdragen, mevrouw, dat ik een zin afmaak?”

Nee, Nicolas Sarkozy is geen onbeheerst heethoofd. En nee, Ségolène Royal is geen vage kandidaat voor wie technische details nu eenmaal te hoog gegrepen zijn. Het enige debat tussen de twee Franse presidentskandidaten, gisteravond bijna tweeënhalf uur op tv, speelde zich af voor een denkbeeldige spiegel. Een streepje hier, een kleurtje daar: Royal en Sarkozy trachtten om beurten de retoucheringen in hun imago aan te brengen die volgens hun adviseurs nodig waren.

Want wie zondag ook gekozen wordt als opvolger van Jacques Chirac, de nieuwe president zal een ieder moeten overtuigen dat het niet zo erg gesteld is met de lacunes die hem of haar worden toegeschreven.

Gisteravond keken miljoenen Fransen naar de laatste kans van de twee om dat tijdens de campagne te doen – en de beslissende twijfelaars over de streep te trekken. Politieke debatten zijn zeldzaam in Frankrijk: het laatste tussen presidentskandidaten dateerde van twaalf jaar geleden. Sarkozy en Royal hadden veertien jaar niet met elkaar gedebatteerd.

Hun confrontatie gisteren was een oefening in verschillende stijlen. Zij in elegant zwart-wit, aanvallend, ergens tussen zelfverzekerd en autoritair. Hij in sober kostuum met blauwe das, beleefd, sluw, loerend op elke kans voor een kritische vraag of snelle correctie. Ze hadden zoveel te zeggen dat de gespreksleiders er nauwelijks aan te pas kwamen.

En ze bleven allebei overeind. Met hulp van een aardige dosis beleidsjargon en een enkele dramatische scène.

Sarkozy, de rechtse kandidaat, moest de kiezer geruststellen over zijn karakter. Zijn agressieve houding verdeelt de samenleving, zeggen zijn critici. Sarkozy had zich de les ingeprent: geen stoom uit zijn oren, vandaag. Hij glimlachte veelvuldig, vooral in het begin, onderstreepte zijn respect voor ‘mevrouw Royal’ en zocht ostentatief naar gemeenschappelijke punten: „Het hervormen van de pensioenen zou geen inzet moeten zijn van politieke strijd.”

Hij zweeg als Royal zei: „Nee, u mag mij niet onderbreken.” Maar ergerde zich als hij zelf werd onderbroken. „Kunt u verdragen, mevrouw, dat ik een zin afmaak?”

Ségolène Royal, de linkse kandidaat, moest de kiezer laten zien dat zij inhoudelijk opgewassen is tegen Sarkozy. In de campagne veranderde zij te vaak van mening, was onduidelijk over haar plannen, zeggen de critici. Resultaat: ze had gisteren een voorliefde voor cijfers en zware onderwerpen.

[Vervolg Debat: pagina 5]

Royal, spottend: Bent u gekwetst?

De eerste vraag over democratische hervormingen sloeg Royal over, om meteen over het terugbrengen van de staatsschuld te beginnen. Ze corrigeerde Sarkozy doeltreffend over kernenergie, toen hij de nieuwe Franse EPR-kerncentrale in aanbouw indeelde bij de vierde in plaats van de derde generatie.

Omgekeerd toonde Royal zich niet onder indruk toen Sarkozy erop wees dat de staat niet kan ingrijpen in begrotingen van lagere overheden, zoals zij wil. „Regeren is handelen. Als u dat niet kan, waarom wil u dan verantwoordelijkheden dragen?”

Sarkozy koos het terrein voor de hardste botsing, waarop de uitspraken voor de geschiedenisboekjes werden gedaan. Hij had zijn valstrik voorbereid: een voorbeeld „dat u zal raken”, kondigde hij aan. Het bleek te gaan om de toegang van gehandicapte kinderen tot gewone scholen. Die wil hij garanderen. Raak. Royal ontstak in woede. „Het toppunt van politieke immoraliteit”, vond zij. De rechtse regering had immers de wet afgeschaft die zij als minister van Onderwijs hiervoor had gemaakt. En nu kwam Sarkozy ‘met een traan in het oog’ verbetering beloven. „Nee, ik kalmeer niet. Ik kalmeer niet.”

Daar wilde Sarkozy heen. „U schiet wel erg makkelijk uit u slof mevrouw. Een president moet kalm zijn.” Gebrek aan zelfbeheersing gold als zijn zwakte, nu verweet hij het haar. Maar Royal viel gemakkelijk terug op haar reputatie als serene, evenwichtige vrouw. „Soms is woede gezond”, verklaarde ze kalm. „Ik heb mijn vermogen tot opstandigheid behouden.” En draaide de aanval om: „Het verschil tussen ons ligt in onze opvattingen van politieke moraliteit.” Ook raak. „Ik stel uw oprechtheid niet ter discussie”, beet Sarkozy, „stelt u mijn moraliteit niet ter discussie. (…) Er zijn woorden die pijn doen.” Spottende blik van Royal: „Bent u gekwetst?”

Einde dramatische scène. De inhoudelijke tegenstellingen bleken soms minder scherp. Beide kandidaten willen de pensioenen hervormen, zijn tegen een algemene pardonregeling voor illegalen en beloven als president vaker verantwoording af te leggen. Ze willen elk Frankrijk weer een rol geven in de Europese integratie – maar Sarkozy zonder en Royal mét referendum over een nieuwe grondwet. Hij sluit uit ooit in te stemmen met Turkse toetreding tot de EU. Zij is voor een toetredingspauze, maar wil de onderhandelingen met Turkije voortzetten.

Beide willen de staatschuld reduceren door groei te stimuleren. Maar Sarkozy zegt preciezer hoe: door de staat af te slanken en belastingen te verlagen. Royal wil eerst de groei met overheidsinvesteringen op gang brengen, onder meer in gesubsidieerde banen. Langer werken gaat ten koste van het aantal banen, stelt zij. Sarkozy wil langer werken makkelijker maken en lonen hoger. Royal, de kandidaat van de ‘vredige hervorming’, vindt dat een onderwerp voor sociaal overleg.