Doe toch maar een Phaeton

Hoe ontwerpt en verkoopt men een onderscheidende auto in het premiumsegment? Waarin afmeting, motorvermogen en uitstraling min of meer vastliggen. Met kopers die zweren bij hun eenmaal gekozen merk.

BMW bouwt intimiderende koetswerken om hun welbekende motoren, Mercedes produceert al decennia onvervalste tanks, Audi’s geslachtsloze ontwerpen zijn onverminderd succesvol en Volkswagen probeert het in het premiumsegment met de indrukwekkend decente Phaeton.

En dan is er ook nog het Japanse merk Toyota. De Japanners hebben inmiddels General Motors als grootste autofabrikant ter wereld voorbijgestreefd. Sinds 1989 probeert het om met de Lexus LS een voet tussen de deur van het lucratieve Europese premiumsegment te krijgen, in Amerika is het merk al jaren een doorslaand succes.

We testen de vierde generatie, meer dan vijf meter lang en – bijna voelbaar – pijnlijk perfect in elkaar gezet. Volgens een bijgeleverde tekst hebben de ontwerpers, voordat ze hun lijnen aan het papier of scherm toevertrouwden, eerst langdurig, gezeten in de lotushouding, naar een aangeharkte Japanse tuin gekeken. Om zo hun hersens te ontdoen van ongewenste invloeden. Dat is toch niet helemaal gelukt, want de trendzettende BMW-5 schemert overduidelijk in achterkant en zijaanzicht van deze Lexus. De neus is wel die van een Lexus.

De gevestigde Duitse merken kleden hun limousines aan met overdadig chemisch geprint plastiek, tientallen leersoorten, fineer, wol en geborstelde metaal- en carbondelen, Toyota brengt daar zijn eigen versie van uit. Het interieur van deze Lexus is onmiskenbaar dat van een Japanse auto. Er ontbreken daardoor, ondanks de degelijke afwerking en mooie materialen, de door ons westerlingen gewenste warmte en geborgenheid. De wel erg royale binnenmaten dragen hier niet weinig aan bij.

Een aanzienlijk aantal schuiven, knoppen, en hendels maakt onderdeel uit van het interieur. Leve de creatieve geest, weg met al die vuistdikke handleidingen, hun werking en doel dienen intuïtief begrepen te worden. Na een week bleven de geheimen van het navigatiesysteem en het doel van sommige knoppen en objecten echter nog geheim. Waardoor de rijder meteen het onderscheidende van deze Lexus ontdekt; zijn complexiteit. BMW heeft zijn beruchte I-Drive-systeem, maar Lexus overtroeft de Beierse fabrikant. Tegen van alles en nog wat worden de bestuurder en zijn medepassagiers in bescherming genomen, helaas (nog) niet tegen de dood en de belastingen. Er is zelfs een voorziening tegen een aanrijding die nog niet heeft plaatsgevonden! De enig juiste lottocijfers geeft de elektronica niet prijs. Ik ben bereid u alle gadgets van deze auto op te sommen, maar bij die geachte verval ik in een lusteloze matheid. Het is allemaal een tikkeltje te veel. Een uitzondering vormt de formidabele Mark Levison-geluidsinstallatie.

Drie kinderen op de witlederen achterbank. Meezingend met en loerend naar Bassie & Adriaan op een lcd-scherm uit het plafond. Wier angstaanjagende oude kinderstemmen vervormingsvrij uit de 19 state of the art luidsprekers krijsen. Een onvergetelijke gebeurtenis.

De Lexus rijdt en stuurt perfect en is geluidloos. Hetgeen van een limousine uit dit segment en met deze prijs verwacht mag worden. Alle wagens in deze prijsklasse zijn top. Maar mocht ik voor de keuze staan: doe dan toch maar een Phaeton. Met een zuinige en alweer niet in de Lexus verkrijgbare dieselmotor. Hij heeft van alles meer dan genoeg en is daarbij ook nog eens tienduizenden euro’s goedkoper.

Freddy Rikken

Freddy Rikken is fotograaf en rijdt in een Porsche Carrera 911 S.