Zonder Fidel wordt 1 mei niet heel feestelijk

De Cubaanse leider Fidel Castro is nog steeds te ziek om in het openbaar te verschijnen. Tot grote teleurstelling van zijn landgenoten laat hij zich niet zien bij de massale 1 mei manifestatie.

In de enorme mensenmassa loopt vrij vooraan één demonstrant die dapper de hoop levend houdt. „Je hoort ’t, je voelt ’t, Fidel is present”, staat er op het zelfgemaakte kartonnen plakkaat dat ze boven haar hoofd houdt. Maar de enige Cubaan die pijnlijk afwezig blijft tijdens de mars die honderdduizenden landgenoten gisteren in Havana hielden ter ere van de internationale dag van de arbeid is de tachtigjarige revolutionaire leider Fidel Castro.

Negen maanden nadat Castro met spoed werd opgenomen wegens darmproblemen, blijkt hij nog niet in staat zich in het openbaar te vertonen. Dit weekeinde verzekerde zijn belangrijkste politieke vriend, president Hugo Chávez van Venezuela, nog dat Fidel „het heft weer in handen heeft”. Evo Morales, geestverwant en president van Bolivia, zei er zelfs „zeker van te zijn” dat Fidel de mars in de Cubaanse hoofdstad zou bijwonen.

Maar even na acht uur ’s ochtends verschijnt namens de familie Castro alleen zijn zwaaiende vijf jaar jongere broer en minister van Defensie Raúl op het podium voor de hoogwaardigheidsbekleders. En de secretaris-generaal van de centrale vakbonden, Salvador Valdés Mesa, zegt in de enige toespraak „te hopen op een snel herstel van Fidel”. Een man die volgens eerdere mededelingen van de Cubaanse autoriteiten al beter wás.

De afwezigheid van Fidel leidt onder de Cubanen meteen tot nieuwe speculaties over de ware gezondheidssituatie van hun leider. „Als hij zelfs nu niet komt, betekent dit dat we hem nooit meer zien”, zegt een in wit uniform gestoken verpleger na afloop van de mars. Als teken van teleurstelling werpt hij net buiten het officiële parcours op het Plein van de Revolutie zijn poster met de tekst ‘Bush is een moordenaar’ in de struiken maar moet dat van een agent meteen weer oprapen.

Het gemis van Fidel – voor het eerst in bijna veertig jaar – verklaart waarschijnlijk ook waarom de feestdag nooit echt heel feestelijk wordt. Plichtmatig roept „het revolutionaire en patriottische Cubaanse volk” – dat door communistische buurtraden, vakbonden of de werkgever is opgeroepen te verschijnen – bij het passeren van de eretribune de vooraf goedgekeurde leuzen. Dat er van de Cubanen wordt verwacht dat ze op een van de vele marsen in het land moeten verschijnen om hun revolutionaire plichten te vervullen, kan niemand zijn ontgaan. Vanaf maandagavond stonden alle televisiereportages in het teken van de voorbereiding van de 1 mei vieringen. En om 5 uur ’s ochtends klonk gisteren in heel Havana marsmuziek. Hard genoeg om verder slapen te verhinderen.

De mogelijke publieke wederopstanding van Fidel Castro had voor extra veel internationale belangstelling gezorgd. Een uur voor aanvang van de mars is een groep van 32 vormingswerkers van het Algemeen Belgisch Vakverbond (ABVV) druk bezig de Belgische vlag op het grasveld bij de tribune uit te spannen. De groep uit Antwerpen verschilt van mening over hoe de zwart-geel-rode driekleur het beste kan worden geplaatst om te voorkomen dat ze voor Duitsers worden aangezien.

Volgens hun voorman Leo Verheijen is het heel belangrijk dat de wereld solidariteit toont met het Cubaanse volk. „Want door de aanhoudende Amerikaanse blokkade van het eiland zijn er veel tekortkomingen.” De Belgen hebben met een speciale verkoop van eindejaarskaarten ruim vijfduizend euro ingezameld die voor sociale projecten op Cuba is bestemd.

Ook uit vrijwel alle Latijns Amerikaanse landen zijn grote delegaties aanwezig. Sheila Vincente uit Uruguay is met vijftig landgenoten van de vakbond van transporteurs overgekomen om duizend kilo kleurpotloden te overhandigen. Als teken van dank aan Cubaanse artsen die in de hele regio gratis medische hulp verstrekken. „Na de jaren zeventig en tachtig waarin rechtse regimes het voor het zeggen hadden, zien we nu dat de regio zich links verenigt. We hopen dat het nu beter zal gaan”, aldus Vincente.

De mars stond gisteren volledig in het teken van protest tegen de vorige maand door in de VS op borgtocht vrijgelaten 79-jarige Cubaan Luis Posada Carriles. Hij is in de VS in justitiële moeilijkheden wegens immigratievergrijpen. Maar volgens de Cubanen is Posada Carriles een terrorist die verantwoordelijk is voor het via een bomaanslag laten neerstorten van een Cubaans lijntoestel bij Barbados in 1976. Er kwamen 73 mensen om het leven bij die aanslag.

„Het monster van het terrorisme”, schreef Fidel Castro in zijn enige teken van leven gisteren, een ingezonden stuk in het communistische dagblad Granma. Volgens de Cubanen is het hypocriet dat de Amerikanen deze voor de CIA werkende terrorist beschermen terwijl ze wel de hele wereld mobiliseren in de strijd tegen het terrorisme „gevangenisstraf voor de beul”, riepen de demonstranten gisteren onophoudelijk.

Maar de meer traditionele communistische geestdrift wordt tijdens de 1 mei viering getoond door de vakbondsmannen uit Antwerpen. Halverwege de mars gaan ze met gebalde vuisten langs het parcours staan en zingen in heel hard Vlaams dat „de Internationale morgen zal heersen op aard”.