Moeilijke tijden voor korhoenders

Het aantal korhoenders in nationaal park de Sallandse Heuvelrug is gedaald. Dit voorjaar zijn 15 korhanen geteld; acht minder dan in 2006. Een eerdere stijging van de korhoenderpopulatie is hiermee bijna teniet gedaan.

De daling wordt mogelijk veroorzaakt door roofdieren en de extreem warme zomer van 2006 waardoor relatief veel korhoenkuikens zijn gestorven. De Sallandse Heuvelrug is de laatste plek in Nederland waar korhoenders in het wild leven. Terreinbeheerders Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer zijn niet verontrust omdat de korhoenpopulatie ondanks de isolatie en vergrote kans op inteelt nog vitaal is.

Het aantal korhanen – met name mannetjes worden geteld – is in Nederland afgenomen van naar schatting 5.000 in 1940 tot een historisch minimum van 9 in 2002, allen levend op de Sallandse Heuvelrug. In een poging korhoenders terug te halen is het Nationaal Park de Hoge Veluwe begonnen met het fokken van korhoenders. De vogels worden in het najaar en het voorjaar van 2008 uitgezet. Faunabescherming heeft tevergeefs bezwaar gemaakt tegen het uitzetten omdat gefokte, tamme korhoenders in het wild weinig kans hebben te overleven. Ook zouden volgens Faunabescherming de gefokte korhoenders zich kunnen vermengen met de korhoenderpopulatie op de Sallandse Heuvelrug, wat een bedreiging is voor het unieke Sallandse Korhoen.

De terugloop van het aantal korhoenders in Nederland is onder meer veroorzaakt door afname van het aantal heidegebieden; het favoriete leefterrein van korhoenders. De afgelopen jaren is door het kappen van bos het heidegebied op de Sallandse Heuvelrug vergroot tot 1.000 hectare. In een open gebied hebben korhoenders bovendien minder last van roofdieren. Volgens het Wageningse onderzoeksinstituut Alterra bestaat er nog veel onduidelijkheid over het terreingebruik van de korhoenders.