Israël in Libanon: onervaren en onvoorbereid

Het Israëlische rapport over de oorlog in Libanon leest als een aanklacht.

Premier Olmert en minister van Defensie Peretz staan onder druk om af te treden.

De Israëlische regering heeft „ernstig gefaald” door „onvoorbereid en zonder weloverwogen plan” in de zomer van 2006 ten strijde te trekken tegen de shi’itische beweging Hezbollah in Libanon en geen van de onrealistische doelen te bereiken. Tot deze vernietigende conclusie is de onderzoekscommissie onder leiding van oud-rechter Eliyahu Winograd gekomen, maar premier Olmert en minister van Defensie Peretz treden – vooralsnog – niet af.

Onmiddellijk na de ontvoering op 12 juli van twee op Israëlisch grondgebied patrouillerende reservisten, die zich nog altijd in gevangenschap bevinden, besloot Olmert tot een oorlog zonder over een uitgekiende strategie en duidelijke doelen te beschikken, aldus de commissie.

De premier ontbeerde „de noodzakelijke militaire en diplomatieke ervaring”, consulteerde niemand behalve de generale staf, had geen idee van de „complexe situatie in Libanon” en „verzuimde heldere en haalbare doelen te stellen”. Rechter Winograd verwijt Olmert „een gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef, oordeelsvermogen en voorzichtigheid, terwijl de premier de allesomvattende verantwoordelijkheid draagt voor zijn regering en het leger”.

Er ontstond in juli 2006 snel een dramatische situatie: bijna 1100 Libanezen, onder wie Hezbollahvechters, stierven tijdens de bombardementen. In totaal 158 Israëliërs, onder wie veertig burgers, kwamen uiteindelijk om. Israël ondervond geen grote of overkomelijke financiële en economische problemen, maar in Libanon werd de infrastructuur (wegen, bruggen, het internationale vliegveld van Beiroet) zwaar beschadigd en het land kampt nog steeds met een economische crisis.

De tragedie werd volgens de rechter mede veroorzaakt door het feit dat minister van Defensie Peretz geen greintje verstand had (en heeft) van militaire zaken. Of zoals Winograd het formuleerde, in een rapport dat qua toon en inhoud eerder het karakter had van een aanklacht dan een onderzoeksverslag: „De minister draagt geen kennis van of heeft ervaring in militaire, diplomatieke en regeringszaken.”

Peretz faalde op alle fronten. De grootste fout was volgens Winograd dat hij niet in staat was de toenmalige chef-staf Dan Halutz tegenwicht te bieden, laat staan dat de minister in staat was een oordeel te vellen over de oorlogsplannen van Halutz.

Volgens de onderzoekscommissie, die in juli met het definitieve rapport komt, deed Halutz (en andere leden van de generale staf) het voorkomen alsof het Israëlische leger gereed was voor een confrontatie met Hezbollah. Winograd verwijt Halutz dat hij de onervaren premier en minister heeft voorgespiegeld dat het mogelijk was om door middel van zware bombardementen op Libanon Hezbollah „te breken” (zoals premier Olmert dat destijds zei) en de twee ontvoerde soldaten te bevrijden. Halutz in de eerste plaats had moeten weten dat het Israëlische leger niet voorbereid was en dat de situatie in zuidelijk Libanon, waar Hezbollah deel uitmaakt van de bevolking, gecompliceerd is.

Voor de meeste Israëliërs kwamen de conclusies van Winograd niet als een verrassing. De publieke opinie constateerde al halverwege de ruim drie weken durende oorlog dat de regering en de legertop hadden gefaald. Niet alleen werden eenheden zonder duidelijke orders, ongetraind en slecht uitgerust Libanon ingestuurd, zij kwamen terug met verhalen die het land schokten. Bovendien bleek het „thuisfront” in noordelijk Israël niet voorbereid op de raketaanvallen van Hezbollah. In de Israëlisch-Arabische steden en dorpen ontbraken zelfs schuilkelders.

De overgrote meerderheid van de Israëlische bevolking eist dat Olmert en Peretz het voorbeeld van generaal-majoor Halutz volgen en aftreden. Hoogstwaarschijnlijk is minister Peretz, die al een advocaat in de armheeft genomen, de eerste die opstapt. Of hij houdt na de rapportage de eer aan zichzelf of hij wordt eind mei door zijn eigen partij afgezet.

In de Arbeidspartij is een revolte tegen Peretz op gang gekomen die wordt geleid door oud-premier Ehud Barak. Deze voormalige oorlogsheld, maar omstreden politicus, wil zowel het partijleiderschap als het ministerie van Defensie van Peretz overnemen.

Olmert zelf wacht af. Hij weet zich vooralsnog gesteund door een meerderheid in de Knesset. Geen van de vier regeringspartijen heeft behoefte aan tussentijdse verkiezingen, die zij volgens peilingen zouden verliezen van Likud-leider Netanyahu.

Het besluit van Olmert om Hezbollah aan te vallen werd destijds niet alleen gesteund door alle regeringspartijen en alle ministers, 90 procent van alle Knessetleden stond achter de beslissing, net als vrijwel alle media, het dagblad Haaretz uitgezonderd.

De Kadimapremier, die in juli van 2006 nog zei dat hij alleen alle verantwoordelijkheid droeg, hoopt nu door het spreiden van de verantwoordelijkheid de stormen te overleven en met internationale, diplomatieke offensieven zijn aanzien te verbeteren.

Maar politieke commentatoren en historici zien een vergelijking opdoemen met de lotgevallen van premier Golda Meir en minister van Defensie Moshe Dayan in 1974. Maanden na afloop van de Yom Kippur-oorlog moesten Meir en Dayan onder druk van de publieke opinie alsnog aftreden. Olmert wordt door velen beschouwd als een corrupte advocaat, die alleen maar door een speling van het lot – de ziekte van Ariel Sharon – premier is geworden.

Of Olmert de naschokken van de Tweede Libanonoorlog – de officiële naam – zal overleven hangt nu ook af van de reacties van de bevolking, de reservisten in het bijzonder. Organisaties van reservisten en ouders van gevallen soldaten bereiden grote demonstraties in Tel Aviv en Jeruzalem voor om de premier alsnog tot aftreden te dwingen.

Lees de conclusies van het rapport op www.haaretz.com/hasen/spages/854051.html