Hoe gedoogbeleid kan omslaan in arrestaties

De vreemdelingenpolitie heeft vorige maand in een Utrechts eetcafé drie illegale koks gearresteerd, wiens werk jarenlang werd gedoogd.

Een vreemde zaak.

Vorige week vrijdag werd het duidelijk: het moet afgelopen zijn met noodopvang aan vluchtelingen. Staatssecretaris Nebahat Albayrak (PvdA, Justitie) heeft een akkoord gesloten met gemeenten. Gemeenten krijgen 55 miljoen euro om ervoor te zorgen dat vluchtelingen die in de pardonregeling vallen hier een bestaan kunnen opbouwen. Tegenprestatie van de gemeenten is dat zij stoppen met het verlenen van noodopvang aan illegale vluchtelingen.

Met name in grote gemeenten worden al jarenlang, min of meer stilzwijgend, projecten opgezet om illegale vluchtelingen in elk geval van de eerste levensbehoeften te voorzien. Dat is humaan, want de vluchtelingen zijn dan niet helemaal aan hun lot overgelaten. Het is ook pragmatisch, want het voorkomt dat vluchtelingen moeten overleven in het schimmige circuit van prostitutie en criminaliteit. De vreemdelingenpolitie zag het bestaan van die projecten de afgelopen jaren door de vingers.

Dat aan die situatie nu een einde is gekomen, is de prijs die wordt betaald voor de nieuwe pardonregeling. Men kan twisten over de hoogte van de prijs, maar er is nu in elk geval meer duidelijkheid.

Die duidelijkheid was er twee weken geleden nog niet. Al acht jaar lang biedt Café Averechts, een Utrechts buurtcafé gerund door vrijwilligers, onderdak aan een gemeentelijk noodopvangproject. Het café heeft een ruime keuken en elke dinsdag koken illegale vluchtelingen er gerechten uit hun land, en serveren deze aan hun gasten. Liefde gaat tenslotte door de maag. De opbrengst gaat naar het noodopvangproject.

Vandaag wordt er niet gekookt in Café Averechts. Drie koks zijn twee weken geleden opgepakt door de vreemdelingenpolitie tijdens het uitserveren van hun driegangengerecht. Twee van hen verschijnen vandaag voor de rechtbank.

Het meest wrange voor de twee vluchtelingen, maar ook voor de dertig vrijwilligers van het buurtcafé, is de wijze waarop de gemeente Utrecht nu haar straatje probeert schoon te vegen. In een brief aan de gemeenteraad meldt het college van B&W dat Café Averechts mogelijk beboetbare activiteiten heeft gepleegd en dat de vreemdelingenpolitie ‘geen keus heeft als er mensen worden aangetroffen zonder identiteitspapieren’.

Daar is iets voor te zeggen. Tenminste, als het beleid van de gemeente erop gericht was zoveel mogelijk illegale vluchtelingen op te pakken. Maar dat was het niet. Het beleid was er juist op gericht om humaan met vluchtelingen om te gaan en uitwassen te voorkomen.

Nu er een inval is geweest door de vreemdelingenpolitie, stelt de gemeente ineens dat zij alleen garant staat voor noodopvangprojecten waar geen illegalen bij betrokken zijn. Een vreemde zaak.

De opstelling van het Utrechtse college getuigt van weinig politieke moed. Nog voordat de gemeenten met Albayrak een deal hadden, laat het college zijn beleidsuitvoerders – vrijwilligers en vluchtelingenorganisaties – als een baksteen vallen. Evenals de vluchtelingen die zich veilig waanden vanwege de jarenlange steun van diezelfde gemeente.

Gemeenten hebben meer dan tien jaar de tijd gehad om hun gedoogbeleid om te zetten in heldere spelregels. Dat is niet gedaan. Met potjes geld, vage afspraken en de inzet van vrijwilligers is enorm veel gedaan om vluchtelingen humaan te behandelen. Hoe sociaal bewogen ook, dat beleid heeft gefaald. Het ontbeerde het belangrijkste dat je van een overheid mag verwachten: duidelijkheid.

Nogmaals, de deal die Albayrak met de gemeenten heeft gesloten, biedt in elk geval wel enige duidelijkheid. Maar voor de koks en vrijwilligers van Café Averechts komt die duidelijkheid wel twee weken te laat.

Erik Honkoop is tekstschrijver en medewerker bij Café Averechts in Utrecht.

Meer over STIL, de organisator van de dinsdagen in Café Averechts, op stil-utrecht.nl