Virtuele vakantie

Het eerste dat ik zaterdagmiddag zocht in het Franse vakantiehuisje was de televisie. Hij stond tegen de muur in het grote vertrek. Onder in de kast stond een decoder waarmee ik honderden zenders kon ontvangen.

Ik wilde meteen weten of ik de ontknoping van de vaderlandse voetbalcompetitie kon volgen. Ik goochelde wat met de afstandsbediening en zag daarna de zenders Nederland 1, 2 en 3 en Tien. Dat moest lukken.

Gistermiddag zette ik het toestel aan. Ook in de Provence, ver van de Hollandse voetbalvelden, kwam verslaggever Joep Schreuder van de NOS haarscherp op het scherm. Hij stond in de stad waar ik een paar dagen ervoor juist vertrokken was: Rotterdam.

Ik herkende de plek meteen; dit was het kleine stadion van Excelsior in Kralingen. Hier moest en zou AZ kampioen worden. Schreuder had postgevat op een hoge verdieping van een wooncomplex tegenover het stadion en kon zowaar de helft van het veld overzien. Leuk, de NOS nam de rol aan van Pietje Bell en probeerde de voetbalzender Tien af te troeven. Brutale mensen hebben de halve wereld.

Als Joep Schreuder boven Kralingen hing, dan moest Dione de Graaff toch met een katrol boven het stadion van Willem II gehesen zijn om de andere titelkandidaat Ajax te volgen. Maar nee, Dione – zo zag ik even later – zat bij het turnen. Ze was op een dag dat iedereen in Nederland gras wilde ruiken naar een binnensport gestuurd.

Tussen het verslag van de wielerwedstrijd Luik-Bastenaken-Luik door, kwam Schreuder steeds vertellen waar doelpunten vielen en wie virtueel kampioen was. Virtueel. Met het woord ‘virtueel’ laat je je zand in je ogen strooien. Het is niets minder dan helemaal niets.

Intussen spuwde mijn telefoon voortdurend sms’jes uit met tussenstanden. Het was mijn eerste vakantiedag in Frankrijk, maar ik zat met een bonzend hoofd in Nederland.

In de pauze wandelde ik achter het huis een heuvel op. Even rust. Ik kreeg gezelschap van een hommel, of een familielid daarvan. Het beest was stekeblind en vloog een paar keer hard tegen me aan.

Wat zou Louis van Gaal ondertussen zeggen in de kleedkamer van AZ bij een 1-1 ruststand? Kreeg hij een woedeaanval of masseerde hij doodkalm de nek van zijn met rood weggestuurde doelman?

De mistral waaide een paar dennenappels uit de bomen. Verderop stond een man op het dak van een huis te metselen. Wist iemand hier in Frankrijk wel hoe groot de spanning in Nederland was?

Terug voor de tv zag ik Schreuder nog altijd bij het terrein van Excelsior staan. Die kleine tribunes daar, de armetierige parkeerplaats en verderop die kromme bomen in het Arboretum; dit kon toch onmogelijk de ideale plek van het kampioenschap zijn? De NOS stond verkeerd, dat leek me zo goed als zeker.

Schreuder moest keer op keer melding maken van virtuele rangen en standen. Het leek erop of elke club in de eredivisie nog kampioen kon worden. Virtueel dan, hè. Want na afloop liep PSV in Eindhoven een rondje met de schaal.

Ik zette de televisie uit.

In de koelkast van het vakantiehuisje lag al de hele dag een Provençaalse kip in aluminiumfolie op me te wachten. Pas toen ik mijn tanden zette in het witte vlees, was mijn vakantie officieel – en zeker niet virtueel – begonnen.