Radio Bergeijk nu ook op tv

Radio Bergeijk is vanavond voor het eerst ook op tv. Dat lukte pas toen de makers daarvoor de vorm van de docusoap bedachten.

De mannen van Radio Bergeijk zijn nog erger dan xenofobe tv-personages als Archie Bunker en Al Bundy. Foto VPRO Nederland, Amsterdam, 02-02-2007. Radio Bergeijk, Schram Studio's. Interieur radiostudio. Bogaard, Hans van den

Als televisie geur zou kunnen meezenden, rook de tv-versie van Radio Bergeijk naar een zurige mêlee van braaksel, peuken en verschaald bier. De presentatoren zijn omringd door lege flessen en volle asbakken, want alcohol en nicotine zijn hun brandstof. Beiden staat het zweet permanent op het voorhoofd, ze hullen zich in sleetse kleding en worden geplaagd door een koortslip of een weerspannige gulprits. Radio Bergeijk gaat over twee smoezelige botteriken, wier behoefte aan intimiteit blijkt uit pin-ups aan de muur en periodiek bezoek aan het plaatselijk bordeel.

In de afgelopen zes jaar maakten Pieter Bouwman en George van Houts ruim zeshonderd afleveringen van Radio Bergeijk. In dit radiofeuilleton presenteren Toon Spoorenberg (Bouwman) en Peer van Eersel (Van Houts) nieuws, reportages en interviews vanuit een fictieve Brabantse gemeente, waarin veel van de geïnterviewden ook weer creaties zijn van Van Houts of Bouwman. Het programma is een aaneenschakeling van onzin, absurdisme, meligheid en chaos. Luisteraars lopen ermee weg – het programma ‘scoort’ gemiddeld ruim honderdduizend luisteraars – of hebben er een hartgrondige hekel aan.

Wie zich altijd al een voorstelling wilde maken van de wereld van Spoorenberg en Van Eersel, wordt vanaf vanavond op zijn wenken bediend. Pieter Verhoeff maakte een serie van acht programma’s over ‘werk en leven’ van het tweetal. De regisseur goot het geheel in de vorm van een documentaire, die de kijker een blik gunt in het dagelijks leven van de radiomakers. Ze zijn zielig, ergerlijk, benepen en vaak geestig, een combinatie die een stap verder gaat dan xenofobe tv-personages als Archie Bunker en Al Bundy.

Peer van Eersel moet niets hebben van homo’s en allochtonen, maar is tegelijk ontwapenend door zijn dommige naïviteit. De dood is voor deze razende reporter een fait divers, een even vluchtig gegeven als de verzameling rommel die een dorpsgenoot in de aanbieding doet. In Radio Bergeijk sterft een terminale patiënt live in de uitzending, wachten bejaarden in hun speciaal daartoe op het dorpsplein gecreëerde hangplek op de dood en worden de gevolgen van verkeersongelukken wellustig beschreven: „Ze waren volledig verkoold, dus de brandweer heeft een beetje gegokt wie ze in welke kist hebben gelegd.”

De makers van Radio Bergeijk hebben al eerder een televisie- versie overwogen, vertelt Pieter Bouwman, maar ze konden de juiste vorm niet vinden.

De radioprogramma’s komen improviserend tot stand, terwijl televisie doorgaans grondige voorbereiding vereist. Maar een uitgeschreven script druiste in tegen het principe van de radioreeks. Tot Verhoeff kwam met zijn idee van een docusoap, waarbij de improvisaties door twee beweeglijke camera’s werden geregistreerd. „Hierdoor konden George en ik elkaar steeds blijven verrassen”, zegt Bouwman. Bovendien kon het kenmerkende ‘geluidsdecor’ van het radiostation, inclusief jingles, technisch ongemak en menselijke oprispingen, moeiteloos worden overgeheveld naar de tv.

„Het idee van een zogenaamde documentaire over dit zogenaamde radiostation bleek het ei van Columbus”, zegt regisseur Verhoeff. Maar op last van de netcoördinator moest een proefprogramma aan ‘kijkerspanels’ worden vertoond. Verhoeff wilde daar wel een keer bij zijn. „Je zag mensen die net hun kinderen naar bed hadden gebracht met afgrijzen kijken. Een enkeling zat te schateren. Hoewel een derde het uitgesproken slecht vond, mochten we het maken.”

De ranzigheid van het tv-programma was geheel volgens de wens van Van Houts en Bouwman: „Zij wilden graag die sfeer van bederf en ondergang, die deze radiomannen aankleeft”, aldus Verhoeff. „Daarbij horen ook hun alcoholisme, seksuele frustratie en homo- en allochtonenangst. Maar intussen hebben zij het beste voor met het dorp en zijn bewoners. Ik streefde ernaar de hoge mate van absurditeit van deze mannen realistisch en reportage-achtig in beeld te brengen. Doordat tevoren niets vaststond, was het voor ons allemaal een avontuur.”

Scènes over stervensbegeleiding of over slachtoffers van verkeersongelukken of verkrachtingen gaan ver, geeft de regisseur toe. „Het hoort bij deze vorm van absurdisme. Maar ik kan mij voorstellen dat je daar niet om moet lachen als je daar zelf net mee bent geconfronteerd.”

Radio Bergeijk, Ned. 3, 22.55. Zat. Radio 1, 18.30u. Web: www.radiobergeijk.tv