Dak verraadt iets van Sumatra

Indonesië is een arm land, althans gemiddeld. Maar er is ook een kleine, rijke bovenlaag die de kostbare inrichting van hun huizen laat zien: Schöner Wohnen in Jakarta, zesde aflevering.

Als je hun slaapkamer binnen komt, zie je eerst ruim honderd potjes met medicijnen. Wie het zich kan veroorloven, heeft er veel. En Zaleha (55) en Soenarto (58) kunnen het zich veroorloven. Een hardloopband en een trilmachine staan op de grote, beige marmeren tegelvloer. Dan een leren fauteuil en een televisiescherm – theatergrootte. Daarachter hun hemelbed, met ervoor het zachte bidmatje richting Mekka, een inloopkast en een badkamer met ingegraven bubbelbad.

Voor wie rijk is en groot woont in Jakarta, is dit gebruikelijke parafernalia. En Zaleha en Soenarto wonen groot. Een kleine tweeduizend vierkante meter vloeroppervlak, een stuk of tien slaapkamers, vele zitkamers, balustraden, kroonluchters, glas-in-lood. Dit houdt de twaalf personeelsleden die in het huis werken wel bezig.

Het lijkt alsof ze de inboedel van alle woonwagens in West-Europa in hun huis hebben gestopt, maar dat is een primitief vooroordeel, want hier hangt een islamitisch-Chinese schaal van duizend jaar oud, daar een Indiaas mozaïek van achthonderd jaar oud en zo gaat het door.

Semi-mediterraan, noemen ze dit ontwerp, maar de daken aan de voorkant verraden ook iets van West-Sumatra, waar Zaleha oorspronkelijk vandaan komt. Tuin hebben ze praktisch niet, wel een behoorlijk zwembad. En hoge muren rondom het perceel.

Soenarto heeft een eigen rederij, met een stuk of zes koopvaardijschepen. Vandaar middenin de centrale zitkamer een gebeeldhouwd reliëf van vier meter breed en negen meter hoog met vissen, een strand en enkele zeilboten.

Binnenkort logeert de sunnitische sjeik Hisham Kabbani uit Amerika weer bij hen. Hij preekt dan boven, vlak vóór de kroonluchters op de balustrade. Zaleha: „Dan nodigen we wel driehonderd mensen uit.”

Ze ontvangt in een lange jurk met strak hoofddoekje, op blote voeten. Ze zijn toegewijde moslims, de profeet spreekt je overal in het huis toe. Als ze zwemt dan in de ‘boerkini’ – gesluierd en in het lang.

Studeren doet Zaleha ook weer: „Healing en counseling”.

Het gesprek komt op polygamie. Soenarto heeft alleen haar, maar, zegt zij, „ik ben voorstander van polygamie, dat is beter dan echtgenoten die vriendinnen hebben. God heeft de man voorbestemd tot polygamie, de vrouw tot monogamie.” Haar man heeft geen vriendinnen, dat heeft ze van zijn collega’s zelf gehoord toen ze op reis waren in Japan. Had ze moreel ook verwerpelijk gevonden.

Vijf kinderen hebben ze, twee studeren bedrijfskunde in Amerika, de oudste heeft dat achter de rug. Hij deed business administration aan Ohio State University.

Dat pendelen tussen twee zo verschillende werelden blijft altijd een raadsel. Vorig jaar kwam de oudste zoon (27) na vier Amerikaanse jaren terug, nu is hij getrouwd met een meisje van 19, ze is net bevallen, het jonge gezin woont drie huizen verderop en de jonge moeder heeft op de dag van het huwelijk een punt achter haar studie gezet. „Allicht, want een vrouw hoort maar een baas te hebben, haar man, en voor man en kind klaar te staan.” Op de gecapitonneerde blauw lederen bank zeggen opa en oma het beiden.