Hoe de Oranjes Brabant ‘stalinistisch’ platbrandden

In de Brabantse pers is discussie ontstaan over historisch onderzoek naar de ‘genocide’ die de Oranjes vier eeuwen geleden in Brabant pleegden. Cor van der Heijden en Joris van Dierendonck over beladen Oranje-historie

Koningin Beatrix bezoekt maandag, op Koninginnedag met haar gevolg twee Brabantse steden: ’s-Hertogenbosch en Woudrichem. Hoewel tijdens de voorbereidingen de plaatselijke bevolking niet overliep van enthousiasme, zal de Oranjeclan op een warm onthaal kunnen rekenen en zullen de stadspoorten wagenwijd voor hen geopend zijn. De intocht in de Brabantse hoofdstad zal iets minder voeten in de aarde hebben dan bijna vier eeuwen geleden. De belegering en de daaropvolgende inname van Den Bosch door Frederik Hendrik (in 1629) staan nog altijd te boek als de meest memorabele gebeurtenissen uit de Opstand. Meestal gaan geschiedschrijvers in op de geniale plannen van de Oranje krijgsheer. Voor de verschrikkingen hadden historici doorgaans minder oog.

De Amsterdamse onderzoeker Leo Adriaenssen heeft zojuist een diepgaand onderzoek afgerond, waarop hij in het najaar hoopt te promoveren. Dat in de zestiende en zeventiende eeuw de zuidelijke provincies van het huidige Nederland vaak als slagveld fungeerden, was al wel bekend. Dat muitende soldaten – met plunderingen en verkrachtingen als specialiteit – een plaag waren voor het platteland is evenmin een nieuw gegeven. Adriaenssen maakt nu echter duidelijk dat deze excessen geen uitzonderingen of bedrijfsongelukjes waren, maar juist onderdeel van de militaire strategie én dat de Oranjes hiervoor persoonlijk de verantwoordelijkheid dragen, de ‘Vader des Vaderlands’ voorop. Vanaf 1579 tot de uiteindelijke inname van ’s-Hertogenbosch in 1629, zo betoogt Adriaenssen, lanceerden de Staatse troepen systematisch verschroeide-aardecampagnes. ‘De uitvalswegen naar ’s-Hertogenbosch en de Maas werden geblokkeerd, voedselvoorraden werden vernietigd en tientallen dorpen werden platgebrand. Soldaten lieten hun paarden grazen in het opkomende graan. Oogsten werden in beslag genomen of ter plaatse vernietigd. Het gevolg was massale hongersnood en daardoor ook een vergrote vatbaarheid voor ziektes.’ Het voor het promotieonderzoek verrichtte rekenwerk leverde als uitkomst op dat tussen 1580 en 1605 de bevolking van de Meierij van ’s-Hertogenbosch met niet minder dan 68,5 procent afnam. ‘Toen ik in de geschiedenis op zoek ging naar vergelijkbare voorbeelden, kwam ik uit bij hetgeen Stalin in de jaren 1932-1933 in de Oekraïne liet uitvoeren.’ Het Kremlin verdacht boeren van sabotage van de landbouwcollectivisatie. ‘Daarop paste maar één strafmaatregel: een van hogerhand kunstmatig opgewekte hongersnood, doelbewust veroorzaakt door het stelselmatig vernietigen van de oogst. Deze Holodomor, zoals deze handelwijze in de Oekraïne genoemd wordt, kostte het leven aan vijf à zes miljoen mensen, een kwart van de bevolking. Op 28 november 2006 nam het parlement van de Oekraïne een resolutie aan waarin de Holodomor officieel als een vorm van genocide bestempeld werd.’

Volgens Adriaenssen mag het optreden van de Staatse troepen in de Meierij zonder overdrijving óók een vorm van genocide worden genoemd. Tijdens het bestuderen van archiefstukken werd te vaak expliciet melding gemaakt van toestemming van de Prins van Oranje of werd zijn fiat als een voorwaarde gesteld. ‘Willem van Oranje heeft niet alleen als warlord diverse militaire campagnes geleid, maar was als politiek leider van de Opstandelingen en van de in 1588 gevormde Republiek der Zeven Verenigde ook hoofdverantwoordelijk voor de Meierijsche volkerenmoord. Ook zijn zoon Maurits gaf hoogstpersoonlijk leiding aan minstens één van de verschroeide-aardecampagnes in de Meierij.’