De schone schijn van een zeer open grens

Een boze premier en woedende Vlamingen die de Nederlandse grens oversteken. Zo open en gelijk blijkt de grensstreek niet te zijn. „Nederlanders bezitten onze mooiste woningen.”

Café De Grens, snackbar ’t Tolhuis en Pottenbakkerij De Grens liggen tegenover elkaar aan de N630 tussen Goirle en Poppel. Het kan niet missen: we zijn aan de grens die Nederland en België scheidt. Maar geen passant die daar enige hinder van ondervindt. Geen douaniers, geen slagbomen, geen controles.

Het verbaast niet. De grenzen in Europa verdwijnen. En als de grenzen ergens al zijn verdwenen dan is het hier, tussen Nederland en België. Vijftig jaar geleden vormden Nederland en België met vier andere landen het begin van ‘Europa’. En nog eerder, in 1944, stichtten ze samen met Luxemburg de Benelux. Van een taalgrens was al geen sprake. Die ligt een stuk zuidelijker, dwars door België.

Wat daarom wél verbaasde was het bericht, vorige week, dat zo’n driehonderd boze Vlamingen met bussen de grens overstaken om in het Zeeuws-Vlaamse Hulst massaal paracetamol in te slaan: waarom moet dat medicijn in België gemiddeld vier tot vijf keer zo duur zijn als in Nederland, vroegen ze zich af. Hoezo één Europa?

Enkele dagen eerder schreef hun premier Verhofstadt een boze brief aan zijn Nederlandse collega Balkenende. Onderwerp: de grens. Verhofstadt eiste opheldering over het Maastrichtse besluit een deel van zijn coffeeshops naar de Belgische grens te verplaatsen. Dat was toch in strijd met het regeerakkoord van CDA, PvdA en ChristenUnie?

Pijnstillende en geestverruimende middelen. Is dat het enige wat er rest van de grens Nederland-België? Of is er meer?

Poppel is een Belgisch grensdorp met 3.868 inwoners. Onlangs was Poppel in België nieuws. De reden: sinds kort wonen er meer Nederlanders dan Belgen. Jos Coppens is schepen (wethouder) van de gemeente Ravels waartoe Poppel sinds een herindeling behoort. „Begrijp me goed”, zegt hij, „wij zijn niet tegen Nederlanders. Ze integreren prima, zijn actief bij de sportclubs en 550 van hen stemden bij onze laatste gemeenteraadsverkiezingen. Maar ze bezitten onze mooiste woningen, dankzij een ongelijke strijd met de Belgische kandidaat-kopers.”

Coppens wijst op „het enorme belastingvoordeel” dat de Nederlanders ten opzichte van de Belgen genieten. Hij doelt op de in zijn land veel geringere aftrek van de hypotheekrente. „Nederlanders kunnen zo drie euroton lenen. Vroeger kochten hier alleen rijke Nederlandse ouderen een huis. Tegenwoordig zijn het veel jongere tweeverdieners, die in Tilburg of Breda werken.”

Er zo zijn er vele verschillen, groot en klein. Neem bijvoorbeeld de flessen frisdrank die Belgische en Nederlandse supermarkten verkopen. Die lijken erg op elkaar. Alleen: in Nederland zit er statiegeld op, in België niet. Een supermarkteigenaar in Putte (Noord-Brabant) begon vorig jaar een actie. Belgen waren bij hem welkom met hun gratis flessen. Het leverde hem extra klandizie op, zei hij.

Volgens Jouke Schat van de Nederlandse Frisdrank Industrie moeten sorteermachines in staat zijn Nederlandse en Belgische frisdrankflessen van elkaar te onderscheiden. „Misschien slipt er wel eens iets doorheen”, zegt hij. „Maar er wordt niet op grote schaal misbruik van gemaakt.”

In Brussel, de hoofdstad van België én Europa, weet men heel goed dat er nog tal van onzichtbare grenzen zijn. De Europese Commissie riep 2006 daarom uit tot ‘Europees jaar van de mobiliteit van werknemers’. Om werken over de grens te stimuleren heeft de EU een samenwerkingsverband opgezet van Europese arbeidsbureaus, EURES.

„Een grens? Die is er zeker nog”, zegt Hans de Jonge, EURES-coördinator voor Zeeland en de Belgische provincies Oost- en West-Vlaanderen. „Je moet het verdomd goed organiseren als je in je buurland wil gaan werken. Je krijgt te maken met verschillen in belastingwetgeving, sociale verzekering, pensioenen. Voor je het weet heb je een probleem. Het is lastig aan te geven wát de verschillen zijn, omdat er veel afhangt van je precieze persoonlijke situatie. En zelfs als je alles goed hebt geregeld, kun je plotseling alsnog in problemen komen. ”

Maar verschillen kunnen het ook aantrekkelijk maken om een baan te zoeken aan de andere kant. Oud-burgemeester Coppens van Poppel weet dat veel Vlamingen, ook uit zijn woonplaats, in Nederland werken. Bijvoorbeeld in de zorg. Hij wijst op het hoge aantal Belgische artsen en verpleegkundigen in Brabantse, Limburgse en Zeeuwse ziekenhuizen. „Zij gaan erheen om de goede salarissen, er is in Nederland veel vraag.” Maar, vervolgt hij, er zijn ook veel Nederlanders die naar Vlaanderen gaan als ze wat mankeren. „De doktersposten zijn hier vaak ook ’s avonds open. En er zijn geen wachtlijsten voor operaties. Dat komt doordat dokters hier meer uren maken dan in Nederland.”

Arbeidsmarktdeskundige Hans de Jonge is zelf Nederlander, maar hij werkt nu sinds een aantal jaren in Gent. De belangrijkste grens, heeft hij zelf gemerkt, is met geen verdrag te verwijderen. Dat is de psychologische grens. „Als een Nederlandse baas wat aan een ondergeschikte vraagt, dan is het niet ongebruikelijk dat die zegt: sorry, maar ik heb het nu te druk. Hier springen ze nog voor hun baas in de houding. Maar een afspraak die je tijdens een vergadering maakt, is nog lang geen afspraak. Pas als je na de vergadering samen ‘op’ café bent geweest, en elkaar een hand hebt gegeven, is de zaak echt rond.”