Vreemdeling maximaal half jaar op ‘bajesboot’

Uitgeprocedeerde asielzoekers en illegalen mogen niet langer dan zes maanden vastzitten op een van de twee ‘bajesboten’ in de Rotterdamse haven. Het gerechtshof in Den Haag bepaalde dat gisteren in hoger beroep van een kort geding dat de Vereniging Asieladvocaten had aangespannen tegen de staat.

Op de bajesboten zitten vreemdelingen die op uitzetting wachten. Op de boten zijn de cellen krap, de gangen smal en de plafonds laag, schrijft het hof in de uitspraak. Drie raadsheren (dames) bezochten in maart dit jaar de boten. Zij concludeerden dat er nauwelijks privacy is, de ramen alleen op een kier open kunnen, de recreatieruimten klein zijn. Het terrein en de luchtkooien op de kade zijn afgezet met prikkeldraad. „Daarom vindt het hof dat de weegschaal na zes maanden in het voordeel van de vreemdeling moet uitvallen.” Op de grootste boot is plaats voor 472 gedetineerden, op de kleinere voor 288.

Vorig jaar publiceerde Vrij Nederland twee artikelen over de slechte leefomstandigheden op de Rotterdamse bajesboten. Daarna onderzochten de Inspectie voor Sanctietoepassing en Raad voor Strafrechttoepassing de omstandigheden. De twee organen concludeerden toen dat de voorzieningen voldoen aan de wettelijke vereisten maar wel sober zijn.

De uitspraak van het hof betekent dat vreemdelingen die een half jaar op de bajesboot zitten, naar een andere locatie moeten worden overgebracht. Ook als een vreemdeling niet meewerkt aan zijn uitzetting.

Door het gebrek aan leefruimte en privacy beknot de staat de vreemdelingen in hun grondrechten. Volgens het hof mag dat tot op zekere hoogte omdat het doel van de detentie is om degenen die uitgezet moeten worden vast te houden. Maar na verloop van tijd is de verhouding tussen het doel en het effect van de vreemdelingenbewaring zoek, vindt het hof. Omdat het doel niet strafrechtelijk is, kan de vreemdeling ook ergens anders dan op een bajesboot worden ‘bewaard’.