Korean Kill Boy

Je ziet de posters van de film al hangen, de bestseller al in de boekhandel liggen. Het verhaal van Cho Seung-Hui, de Zuid-Koreaanse student die vorige week 32 medestudenten vermoordde op een universiteit in Virginia, is al fictie voordat alle feiten op tafel liggen. Waarom? Omdat nieuws geen nieuws meer is, maar meteen wordt geanalyseerd en geromantiseerd.

Het verhaal over Cho Seung-Hui werd op de Amerikaanse nieuwszender NBC gepresenteerd als een cadeautje dat je kunt uitpakken. Want van Seung-Hui kun je alles te weten komen, dankzij een pakket met video’s, foto’s en teksten van hemzelf, dat hij naar deze tv-zender stuurde. Via internet zijn die foto’s en video-opnames over de wereld verspreid. Ze maken duidelijk dat Seung-Hui dodelijk eenzaam en geestesziek was. Maar ook dat hij feit en fictie niet kon scheiden.

Op een van die foto’s staat hij met een hamer in zijn hand en doet hij alsof hij iemand wil slaan. De foto is geïnspireerd op de wraakfilm Oldboy van Park Chan-Wook. Op de poster van deze film staat de hoofdpersoon in dezelfde houding. Op een andere foto is Seung-Hui te zien met twee pistolen in zijn uitgestrekte handen. Het lijkt verdacht veel op een scène uit Taxi Driver (1976). Je hoort Seung-Hui bijna de woorden uitspreken die een wereldvreemde Robert De Niro tegen zijn spiegelbeeld zegt: „You talkin’ to me?”

Ook in zijn video-opnames verwijst de Zuid-Koreaan naar bekende filmbeelden. Hij noemt Eric Harris en Dylan Klebold, de twee pubers die acht jaar geleden op een school in Columbine in Colorado een bloedbad aanrichtten onder hun medestudenten. Zij waren op hun beurt weer fan van geweldfilms als The Matrix en Natural Born Killers.

Seung-Hui heeft zijn bestaan vastgelegd in de hoop dat hij toch nog een ster zou worden. Een dode ster, dat wel. En geen held.

Maar je kan er zeker van zijn dat Hollywood al druk bezig is de rechten van een film over Virginia Tech op papier te zetten. Een tearjerker, zodat de Amerikanen over een jaar, als natie, dit leed kunnen verwerken. Het scenario is in feite al klaar, met natuurlijk een hoofdrol voor de heldhaftige professor Librescu, de holocaustoverlever die zijn studenten redt en zelf het leven laat als hij de moordenaar probeert te stoppen. Hij staat voor het goede van Amerika: het land van de immigranten die met hart en ziel strijden voor een betere toekomst. Aan de andere kant is daar de getergde Zuid-Koreaan. Hij vertegenwoordigt alles wat slecht is aan de VS. Hij is het slachtoffer, de man die niet gezien wordt in een land dat te groot is om voor al zijn burgers te zorgen.

En dan komt twee jaar later weer een film uit. Korean Kill Boy. Een pastiche à la Kill Bill van Tarantino. Want in een wereld waar moordenaars denken dat ze filmhelden zijn en uiteindelijk ook filmhelden worden, hoef je niets meer serieus te nemen.