Gehrels’ plannen zijn verfrissend – of toch naïef?

Welke dilemma’s kennen de kunstwethouders van grote steden? In een serie portretten vandaag tot slot Carolien Gehrels, wethouder Kunst en Cultuur, Lokale Media, Sport en Recreatie, Bedrijven, Deelnemingen en Inkoop in Amsterdam.

Carolien Gehrels Foto Bram Budel Amsterdamse wethouder kunst en cultuur van de PvdA Carolien Gehrels tijdens een debat over kunst en cultuur in de Rode Hoed. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

„Carolien Gehrels is een uitstekende vakwethouder, inhoudelijk betrokken bij de cultuur. Haar optreden is transparant, open en oplossingsgericht.” De lovende karakterisering is van Ruud Nederveen, nota bene raadslid van de grootste oppositiepartij in Amsterdam, de VVD. Hij heeft maar één aanmerking op de PvdA-wethouder: „Soms heeft ze de houding: ‘O, laat dát maar aan mij over, ik regel dat wel.’ Dan vraagt ze te veel vertrouwen van de raad. Zo gaat het politieke spel niet.”

SP-raadslid Maureen van der Pligt, ook oppositie: „Gehrels is iemand met ambitie en visie, een wethouder die niet de gebaande paden aanhoudt, verfrissend.”

Carolien Gehrels (39) was bij het aantreden van het roodgroene college vorig jaar een nieuw gezicht. Ze kwam van adviesbureau Berenschot, waar ze onder meer verantwoordelijk was voor de city marketing van Amsterdam. Met reclamebureau KesselsKramer bedacht ze de slogan IAMsterdam. Zo trok ze de aandacht van PvdA-voorman Lodewijk Asscher.

Onlangs presenteerde ze haar plannen voor cultureel Amsterdam. Amsterdammers moeten hun talent leren herkennen en ontwikkelen, de stad moet functioneren als laboratorium voor kunstenaars en de potentie van instituten van wereldklasse moet beter benut. De sociale ambitie is om van alle Amsterdammers culturele burgers te maken door ze cultuurwijsheid en cultuurverbondenheid bij te brengen. Dat bevordert de relatie tussen mensen in de buurt en dan krijg je ‘prachtwijken’.

Die ambities zijn de reden dat Ruud Nederveen „constructief oppositie” voert. „Het zijn dezelfde doelen als van het vorige college, waar de VVD inzat, alleen in andere woorden.” Niets nieuws onder de zon, zegt ook Mariëtte Wildeboer, coördinator van Stichting Muzenis, een organisatie voor beginnende theatermakers. Typisch zo’n club „helemaal onderaan de kunstpiramide”. Wildeboe"r: „Al 25 jaar komt er elke keer weer een wethouder langs op zijn eigen hobbelpaard.” Ze stoort zich aan de term ‘prachtwijken’. „Vreselijk ronkend, terwijl er ernstige problemen zijn in sommige wijken. Die worden de komende tig jaar niet zomaar opgelost.”

Wildeboer: „Cultuur kan bijdragen aan oplossingen, zoals in mijn oude wijk Slotervaart, maar men vergeet dat kunst handwerk is, en dus arbeidsintensief en duur. En Gehrels wil aan ‘talentontwikkeling’ doen, maar er zijn al zoveel mensen die iets willen met kunst. Waar komen die te werken?” Saundra Williams, directeur van Theaterwerkplaats Zuidoost – ook onderin de kunstpiramide – is juist blij met de aandacht voor talentontwikkeling. En dat „weer gezegd wordt dat kunst en cultuur bijdragen aan integratie”. „Ik zie daar mooie voorbeelden van. Bij een een productie met spelers uit autochtone, Surinaamse, Antilliaanse en Afrikaanse hoek ontstaan verbindingen tussen de spelers. De onderlinge waardering groeit. Wij werken met amateurs, die vol passie zingen en spelen en hun verhaal vertellen. Dat draagt echt bij aan het welzijn van de wijken.”

Het grote probleem van Amsterdam is programmageld voor alle nieuwe cultuurpaleizen in de stad. Er is jaarlijks tien miljoen extra nodig. Het tekort oplossen wordt de meesterproef voor Gehrels, stellen zowel Nederveen als Jan Wolff, die als directeur van het Muziekgebouw aan ’t IJ snakt naar meer geld voor de programmering. „Zelf macht hebben is anders dan aan de zijlijn staan. De Amsterdamse politiek is een slangenkuil. Ik maak me zorgen of Gehrels met haar integere plannen gehoor vindt bij haar collega-wethouders. In het collegeprogramma speelt kunst geen rol, dus men kan haar wensen eenvoudig negeren.”

Een levenswijsheid van Gehrels is: eerst laten zien wat je wil, voordat je bedenkt wat niet kan. Haar voorbeeld is bondskanselier Angela Merkel. Een sterke vrouw, vindt ze dat. Dat zal ze moeten zijn, want haar partij kan een groot probleem voor Gehrels worden, denkt Wolff. „De Amsterdamse Kunstraad heeft haar plannen als ‘naïef’ neergezet, en mijn praktijkervaring leert me dat zo’n oordeel zich in de PvdA tegen haar kan keren.”