De bloemen van Nietzsche

Een correspondentie en een wandeling. Een filosoof en een vrouw. Herkauw die beelden en vanzelf ontstaat een gevoel van negentiende-eeuwse romantiek, onvervulde verlangens, een liefde die nooit geconsumeerd is. De filosoof is in dit geval Friedrich Nietzsche (1844-1900), de dame is Marie Baumgarten (1831-1897), een huisvrouw die het werk van Nietzsche voor hem vertaalde.

De correspondentie tussen beiden is het uitgangspunt voor de tekeningen van Marjolijn van den Assem (Rotterdam, 1947) in Galerie RAM.

Sinds 2001 werkt Van den Assem aan een serie tekeningen met de briefwisseling als onderwerp. Hun brieven, geschreven tussen 1874 en 1883, waren geen passievolle bekentenissen, maar gaan over intellectuele interesses, hun vriendschap en een gevoel van saamhorigheid. Seelenbriefe, noemt Van den Assem ze. De belangrijkste gebeurtenis die je terugziet in haar tekeningen is een reis die Nietzsche in 1876 maakte naar een kuuroord in Italië. Baumgarten kon niet mee, ze had verplichtingen als vrouw van een industrieel. Het reisgezelschap stuurde haar een bos veldbloemen.

Het zou een scenario voor een fatale liefdesgeschiedenis kunnen zijn. Maar in Van den Assems onlangs verschenen boek Seelenbriefe is geen sprake van zoete adoratie. Eerder probeert de kunstenaar in de huid te kruipen van de brievenschrijfster, door zelf de brieven letterlijk over te schrijven en te verwerken in tekeningen. Ze weeft flarden tekst samen met beelden van de omgeving waar Van den Assem heen ging, in de voetsporen van de filosoof. Zo maakt ze het verhaal af, en geeft ze Baumgarten postuum, in een ander tijdsbestek, alsnog de kans op reis te gaan.

Van den Assems eerste tekeningen, uit 2001, zijn nog heel melancholiek. De flarden tekst en de getekende plattegronden van de wandelingen die Nietzsche rondom Sorrento maakte, vormen samen een doorwrocht, dagboekachtig geheel. In de loop van de jaren verschuift de aandacht van de kunstenaar naar de bos bloemen. Soms zijn de bloemen met priegelige aandacht getekend, dan weer is het alsof de kunstenaar het hele boeket in één lijn neer heeft neergezet, zonder het potlood van het papier te halen. Het is een manier van tekenen die Picasso heeft uitgeprobeerd, en die een hoekig-houterig beeld oplevert. Tegen een zwarte achtergrond komen de fijne lijnen van de gekelkte bloemen helder uit. Dit zijn haar beste werken.

Ook maakte Van den Assem enkele papieren bloemsculpturen, in organische kleuren. Maar bij die werken is de zinnelijkheid te opvallend, te uitgesproken. Juist de subtiliteit uit de tekeningen is briljant, omdat die een weerspiegeling is van de onuitgesproken, misschien zelfs afwezige liefde van Nietzsche en Baumgarten. Die moet als een fata morgana ongrijpbaar voor je uit blijven zweven, als in een negentiende-eeuwse roman.

Marjolijn van den Assem: Seelenbriefe. T/m 27 mei, Galerie RAM, Blekerstraat 10, Rotterdam. Inl: www.ram-art.nl