Asielbeleid in minivakjes

Judith Vanistendael: De maagd en de neger, Papa en Sofie. Oog & Blik, 74 blz. € 13,50

De Maagd en de neger van de debuterende Brusselse stripmaakster Judith Vanistendael (dochter van schrijver Geert van Istendael) kreeg in België enorm veel media-aandacht. Zelden werd een boekpresentatie van een jonge schrijfster drukker bezocht en binnen een mum van tijd was de eerste druk in België uitverkocht.

Dat is geen verrassing. In het land waar het stripverhaal wordt geassocieerd met boerse humor – Jommeke, FC de Kampioenen en Kiekeboe halen oplagen waar men in Nederland van droomt – is een parallel circuit ontstaan met veel getalenteerde, experimenteel ingestelde stripmakers. Bijna allemaal publiceerden ze in het inmiddels ter ziele gegane tijdschrift Ink; ze winnen prijzen (Gerolf van de Perre met Steenstof) of verschijnen in Le Monde (Pieter de Poortere met Boerke). Het kan niet missen of Vanistendael sleept met het tedere De maagd en de neger ook een paar bekroningen in de wacht.

De synopsis is een politiek correct cliché: een jonge vrouw wordt verliefd op een asielzoeker uit Togo, en dat stuit op massieve weerstand van de ongeruste ouders. Na kennismaking en wederzijdse goedkeuring komen de verschillende culturen nader tot elkaar en zetten de ouders zich in om Abou een Belgisch paspoort te bezorgen.

Na de eerste pagina’s van het boek, die een scène uit de tv-serie All in the Family lijken, zuigt Vanistendaels verteltalent je al snel het verhaal in. De antipathie van de ouders is niets meer dan ongerustheid, gebaseerd op vooroordelen. Vader en moeder zetten hun beste beentje voor en Abou is al snel geaccepteerd. De strijd die dan gevoerd moet worden is die tegen de bureaucratie. Vanistendael baseerde het verhaal op eigen ervaringen, maar het is niet autobiografisch. Ze heeft een paar jaar een relatie met een Togolees gehad en studeerde kunstgeschiedenis met als specialisatie etnische kunst. Die eigen ervaringen klinken door in de geloofwaardige details en dialogen.

De personages worden liefdevol behandeld. Op de aanvankelijk nukkige ouders kun je niet kwaad worden. Niet alleen spat de liefde voor elkaar en voor hun dochter van de pagina’s af, ook hun inzet is ontwapenend. De moeder plundert de bibliotheek om ‘alles over Togo te weten te komen’. De vader is journalist en gebruikt zijn contacten met de politiek om Abou een handje te helpen. Hij ontdekt dan wat voor puinhoop het asielbeleid is. Behalve een liefdesverhaal is De maagd en de neger daardoor ook een geëngageerd boek dat laat zien wat voor effect al die strenge, abstracte procedures hebben op het dagelijks leven van de betrokkenen.

Vanistendael heeft een zwierige penseelvoering. Haar tekenstijl valt nog het best te vergelijken met die van Craig Thompson in het baanbrekende Een deken van sneeuw (2003). Net als die Canadese graphic novelist weet Vanistendael veel emotie over te brengen met een combinatie van dikke en dunne lijnen, en maakt ze af en toe karikaturen (een politicus die tijdens een telefoongesprek in een hyena verandert). Het is alleen jammer dat Vanistendael zelden kiest voor grote kaders, maar bijna elke pagina opdeelt in kleine vakjes, waardoor haar vrije stijl wordt opgesloten.

De maagd en de neger wordt verteld vanuit het perspectief van de vader, maar er zijn plannen om hetzelfde onderwerp nóg eens te vertellen, maar dan vanuit de ervaringen van dochter Sofie.

T/m eind mei is in Stripantiquariaat Lambiek een tentoonstelling rondom Vanistendael te zien. Amsterdam, Kerkstraat 132. Inl. www.lambiek.net