Voorjaarskoersen gaan op etappes in Tour lijken

Davide Rebellin won gisteren dankzij een machtige beklimming van de Muur van Hoei de Waalse Pijl. De jonge Nederlander Robert Gesink eindigde verrassend als negende.

Erik van der Walle

De ‘oortjes’, het hoge tempo en zeker ook het mooie weer. Die combinatie lijkt dit jaar garant te staan voor een vast patroon in de voorjaarsklassiekers. „Het lijkt soms wel of je naar een etappe uit de Tour de France zit te kijken. Daar zie je ook steeds een kopgroep die in het laatste uur wordt ingehaald”, zo stelde ploegleider Dirk de Mol van Discovery voor de start van de Waalse Pijl in Charleroi.

Gisteren was het bij de semiklassieker niet anders. Vier relatief onbekende renners (Verdugo, Bichot, Le Mevel en Loosli) mochten bijna drie uur in de Ardennen voorop blijven. Uiteindelijk arriveerden na 202 kilometer ruim honderd renners aan de voet van de roemruchte Muur van Hoei, waar de 35-jarige Italiaan Davide Rebellin zich in de beklimming de sterkste toonde.

„Vroeger gebeurde het nog wel eens dat je als renner verrast werd door een grote voorsprong van de kopgroep. Tegenwoordig roep je direct vanuit de auto dat ze er wel of niet achteraan moeten gaan”, zegt Demol. De oortjes – waarmee ploegleiders en renners voortdurend met elkaar kunnen communiceren – verklaren echter niet alles. Door het hoge tempo en ook het mooie weer, waardoor de wedstrijden niet selectief genoeg zijn, lijken ontsnappingen alleen nog maar bedoeld om in beeld te rijden. Potentiële winnaars tonen zich volgens dit patroon pas in de laatste dertig kilometer.

Gisteren, en dat is gebruikelijk in de Waalse Pijl, werd pas op de derde en laatste beklimming van de Muur van Hoei duidelijk wie de sterkste was. De 1,3 kilometer steile weg, met een maximaal stijgingspercentage van meer dan 20, is specialistenwerk. Dat bleek wel uit het sterke podium: na Rebellin (ook winnaar in 2004) waren de Spanjaard Alejandro Valverde (winnaar vorig jaar) en de Italiaan Danilo di Luca (2005) de snelsten.

De finales mogen dan nog spectaculair zijn, op een voorspelbaar verloop van de wedstrijden zit niemand te wachten. Zeker niet de wielersport, waar de problemen toch al zo groot zijn. Een door Quickstep geïnitieerd onderzoek, zo werd gisteren bekend, laat zien dat de publicitaire waarde van de Tour de France in 2006 en van de klassiekers dit jaar met bijna de helft is afgenomen. Minder mensen keken naar de televisie, en ook nog eens minder lang. En dat vinden sponsors niet leuk.

Oorzaken zijn makkelijk te vinden. Alleen al deze week zorgden de Amerikaanse Tourwinnaar Floyd Landis – de bewijzen van zijn dopegebruik in 2006 stapelen zich op – en Ivan Basso voor negatieve berichten. De Italiaanse winnaar van de Ronde van Italië werd dinsdag onverwacht door zijn ploeg geschorst. „We moeten niet over doping praten, maar over overwinningen”, zei Rebellin na de wedstrijd. Tegen Rebellins goede vriend Basso („ik weet zeker dat deze geschiedenis een gelukkig einde krijgt”) is een nieuw onderzoek naar zijn betrokkenheid bij het bloeddopingschandaal rond de Spaanse arts Fuentes gestart. Inmiddels liggen zeven zakken bloed bij Interpol in Rome en de Italiaan, die gisteren in Charleroi aan zijn eerste ProTour-wedstrijd zou beginnen, moet op 2 mei DNA afstaan. Op die manier komt onverbiddelijk vast te staan of de schuilnaam ‘Birillo’ – zo genoemd in de administratie van Fuentes – daadwerkelijk Basso is. Voor Jan Ullrich liep zo’n DNA-test slecht af: bloed gevonden bij Fuentes bleek van hem.

Ook de slepende bestuurscrisis in het wielrennen – tussen de mondiale wielerunie UCI en de organisatoren van grote wedstrijden – kende rond de Waalse Pijl een verrassende wending. Als onderdeel van het conflict willen de organisatoren zelf bepalen welke ploegen zij uitnodigen en Unibet.com – gokbedrijf dat al dan niet illegaal is in Frankrijk – is nog steeds niet welkom. Ook een uitspraak deze week van de handelsrechter in Luik veranderde daar niets aan. Die besloot tot een dwangsom van vijf miljoen euro per uitsluiting. „Ik ben dinsdagavond, in het bijzijn van een deurwaarder, naar de ploegleidersvergadering gegaan, maar de organisatie maakte mij duidelijk dat we niet welkom zijn”, zei Jacques Hanegraaf, directeur van Unibet.com, gisteren. Over de mogelijkheden om zondag bij Luik-Bastenaken-Luik te starten maakt hij zich weinig illusies. „Er zal nog eens vijf miljoen bij komen.”

Ondanks de problemen waren er ook sportieve lichtpuntjes, juist voor de Nederlandse wielerliefhebber, die de laatste jaren niet erg verwend is. Naast het sterke optreden van Thomas Dekker verraste de pas twintigjarige Raborenner Robert Gesink. Hij werd, in zijn eerste ProTour-wedstrijd, na een snelle beklimming van de Muur van Hoei negende. „Een perfect resultaat”, zei Gesink over zijn prestatie.

Zelfs was hij nog het meest verbaasd over zijn inhaalrace. „Ik was in de achterhoede aan de klim begonnen, want het lukte me niet om naar voren te rijden. Het gaat zo ontzettend hard in zo’n ProTourwedstrijd. Op het vlakke lijkt het wel sprinten.”