Louter kunstmatigheid, en mierzoet

‘Angel’ van François Ozon is een ironisch, postmodern kostuumdrama.

De film eindigt als een kasteelroman: met een zucht.

Wee degene die een traan laat! In Angel, de laatste film van François Ozon, is alles een grap: de overdreven acteerstijl, de kitscherige decors, de weelderige kostuums en zelfs de zoetsappige muziek van componist Phillipe Rombi. Wie wel een poging doet om te zwelgen in de romantiek van het klassiek Engelse kostuumdrama, of zich in te leven in de hoofdpersonen uit dit mierzoete sprookje, komt er bekaaid vanaf. Want het is onmogelijk om te houden van de zelfingenomen, met satijn, bont en veren opgesmukte Angel Deverell.

Vroeger kon dat nog wel: lekker zwelgen bij gezwollen scènes waar de emoties van het scherm spatten. Bij Gone with the Wind (1939) hield iedereen de adem in op het moment dat de koppige Scarlett O’Hara (Vivian Leigh) zich eindelijk in de armen stort van Rhett Butler (Clark Gable). Maar die tijd is voorbij. Nu kunnen we dit soort scènes alleen nog maar opvatten als kitsch. En daar speelt Ozon een gevaarlijk spel mee. Want Angel, zijn hommage aan de Hollywood-melodrama’s uit de jaren dertig, is een zoetzuur snoepje waar je een beetje misselijk van wordt.

Ozon, die met Angel voor het eerst een volledig Engelstalige film heeft gemaakt, weet als geen ander de gevoelens van zijn publiek te bespelen. Ook in zijn serieuzere films als Sous le sable (2001) Swimming Pool (2003) of Le temps qui reste (2005), is een gevoel van ironie hem niet vreemd. Angel, gebaseerd op Elizabeth Taylors roman uit 1957, is echter een overduidelijke pastiche. Net als 8 Femmes (2002) bestaat deze film slechts uit postmoderne kunstmatigheid.

Angel Deverell (Romola Garai) is afkomstig uit de arbeidersklasse en groeit op in Engeland aan het begin van de vorige eeuw. Ze wil maar een ding: roem. Iedere dag schrijft ze, naakt in bed, als een bezetene aan haar pathetische kasteelromans die, o wonder, enorm goed blijken aan te slaan bij het grote publiek. Ze verdient geld als water en koopt onmiddellijk Paradise House, haar favoriete landhuis, en wentelt zich in luxe. Haar grote liefde is de nukkige, ongetalenteerde schilder Esmé Howe-Nevinson (Michael Fassbender).

Uiteindelijk is Angel een zeepbel. Prachtig om naar te kijken zolang hij glanzend en glinsterend door de lucht drijft, maar vergeten zodra het sop uit elkaar spat. Angel is leuk en onderhoudend maar het verhaal eindigt zoals iedere kasteelroman eindigt: met een zucht.

Angel. Regie: François Ozon. Met: Romola Garai, Sam Neill, Michael Fassbender, Lucy Russell, Charlotte Rampling. In: 15 bioscopen.