LaSalle en de ‘greeters’

lasalle.jpgZat twee dagen in Chicago om me in de wondere wereld van LaSalle te verdiepen. Dat is de naam van de ABN Amro-divisie waar andere banken nu voor in de rij staan.

Interessant? Nogal. LaSalle is op papier Nederlands, maar daar willen ze hier niet van horen. ‘Nederland is kleiner dan Lake Michigan‘, het meer waaraan Chicago ligt, zeggen ze bijvoorbeeld. Of ze wijzen op de getallen. Met eenderde minder werknemers dan in Nederland maakt LaSalle in Amerika ongeveer evenveel winst.

Een journalistieke gruwel aan Amerika is dat ze het concept ‘public relations’ hier hebben uitgevonden. Dat zijn dus de mensen die de bestuurders afschermen voor de pers. (Intermezzo: las laatst een stuk in de New Yorker over dit eerzame beroep. Bleek dat de geboorte ervan samenviel met Duitse bedrijven met een donker verleden die het Amerikaanse publiek na de Tweede Wereldoorlog liever attent maakten op alles wat ze ook góed konden doen.)

Maar wat voor journalisten aantrekkelijk is aan de VS, is dat nog maar weinig mensen hun telefoonnummer hebben afgeschermd. Met een jaarverslag in de hand en een beetje handigheid kom je dus in veel huiskamers terecht en zo hoor je nog eens wat (behalve kinderen die in een mengeling van Engels en Nederlands de telefoon opnemen).

In de kantoren trouwens ook. ‘ABN begrijpt Amerika toch niet’, zeggen de werknemers in de vestigingen. ‘Doe ons maar een Amerikaanse koper’. Ook al zou dat tot baanverlies leiden, als Bank of America de strijd wint dan komen er greeters in elke vestiging, mensen die de klant welkom heten en een fijne dag nog wensen. Net als bij Wal-Mart. Inderdaad: daar is maar weinig Nederlands aan. Hier het stuk in de papieren krant zoals het vandaag op de voorpagina begon, hier het vervolg bij economie.