Utrecht wil culturele hoofdstad worden. Maar hoe?

Met welke dilemma’s worden kunstwethouders van grote steden geconfronteerd? In een serie portretten vandaag als tweede Cees van Eijk (48), de wethouder Welzijn, Cultuur en Integratie van Utrecht.

„Geen straatvechter, net te weinig militant, maar een man van grote vriendelijkheid; heel open en benaderbaar.” Dat is de Utrechtse wethouder van Cultuur Cees van Eijk volgens Harm Lambers, directeur van Theater Kikker in Utrecht. Daarmee vat hij de opinie van de culturele sector wel samen. Sinds zijn aantreden een jaar geleden heeft Van Eijk (GroenLinks) zich weliswaar toegankelijk opgesteld, maar hij heeft zich nog niet de regisseur getoond die de stad nodig heeft nu er zoveel te gebeuren staat.

Utrecht wil in 2018 culturele hoofdstad van Europa worden. Er wordt gesproken over een tweede schouwburg. Poppodium Tivoli, jazzstichting SJU en muziekcentrum Vredenburg gaan samen in het prestigieuze Muziekpaleis; hiervoor wordt Vredenburg ingrijpend verbouwd en uitgebreid. Uit de Atlas voor Gemeenten, die vorige week verscheen, blijkt dat Utrecht de creatiefste stad van Nederland is, met een uitgebreid cultuuraanbod. Mede daarom is het er fijn wonen, menen de onderzoekers. Maar veel culturele instellingen klagen dat de gemeente, en dus wethouder Van Eijk, de toekomstplannen nauwelijks omzet in geld en daden.

„We zijn de vierde stad, een bijzondere cultuurstad, maar we gedragen ons soms als het grootste dorp van het land”, zegt Peter de Haan, intendant van cultureel festival de Vrede van Utrecht en directeur van het Universiteitsmuseum en de Sterrenwacht. „Het zou knap zijn als Van Eijk de ambitie kan waarmaken om Utrecht eindelijk als een grote cultuurstad neer te zetten. Maar dan moet hij nu de regie nemen en brutaler en agressiever zijn. Hij redeneert ook te veel vanuit de kosten. Cultuur kost wat, maar levert ook veel op.”

Behalve Cultuur heeft Van Eijk ook Welzijn en Integratie in zijn portefeuille. Met name bij integratie ligt zijn achtergrond. In 1993 richtte hij MCA Communicatie op, een bureau dat zich richt op multiculturele communicatie. De vrees bestaat dat cultuur in deze portefeuille een ondergeschoven kindje wordt. „Er is te weinig aandacht voor cultuur in Utrecht”, beaamt Harm Lambers. „Dat komt ook door dit collegeprogramma, dat bevat nauwelijks ambitie. Het aantal inwoners van Utrecht groeit snel, maar het cultuurbudget per inwoner krimpt.”

„In Utrecht liggen nu toevallig een paar miljoenendossiers”, zegt Jan van den Bossche, directeur van het Festival Oude Muziek. „Dat vereist toch een serieuze aanpak. Misschien heeft hij zich daar een beetje op verkeken.” Het festival kampt met een gebrek aan geschikte locaties nu Vredenburg wordt verbouwd. „Ik roep al twee jaar dat we in de problemen komen. Ook tegen Van Eijk, maar er is geen oplossing geboden.”

Over de aanpak van de eerste crisis die Van Eijk te bezweren kreeg, die rondom directeur Terreehorst van het Centraal Museum, zijn de meningen verdeeld. Sommigen roemen zijn standvastigheid. „Hij heeft haar de terechte steun gegeven”, vindt De Haan. Maar vanuit politieke hoek komt er kritiek. „Ik vond het waardeloos”, oordeelt Daniëlle van den Broek, fractievoorzitter van oppositiepartij VVD. „De crisis duurde zes weken. Hij heeft te weinig daadkracht getoond.”

Ook bij de andere grote gemeentelijke cultuurinstellingen, Vredenburg en de Stadsschouwburg, is er wat te doen met directeuren. Bij de schouwburg volgt Lucia Claus per 1 september Henk Scholten op die begin dit jaar vertrok. Bij Vredenburg is al enige tijd een interim directeur die de zieke Matthieu Heinrichs vervangt. „Dat duurt allemaal te lang”, zegt Van den Broek. „Daar moeten geniën zitten die iets moois kunnen opbouwen.”

In de raadsvergaderingen is Van den Broek niet onder de indruk geraakt van Van Eijk. „Hij heeft vooral aandacht gehad voor integratie. Ik heb van hem nog geen voorstel voor cultuur gehoord.” Gilbert Isabella, raadslid van coalitiepartij PvdA, is milder. „Ik vind hem slim opereren. Tot nu toe was hij vooral reactief. Het is nu tijd om het voortouw te nemen.”

Van Eijks achtergrond in de multiculturele sector zou zijn kracht kunnen zijn. „Hij kan de relatie leggen tussen zijn verschillende portefeuilles”, zegt Henk Scholten, ex-directeur van de Stadsschouwburg, thans directeur van Theater Instituut Nederland. Hij zou de relatie tussen cultuur en integratie veel sterker kunnen maken. Dat zie ik nog te weinig.”