‘Hannahannah’ kan goed in de bioscoop

Hannahannah. Regie: Annemarie van de Mond. Met: Maria Kraakman, Antonie Kamerling, Olga Zuiderhoek, Kees Hulst. In: Ketelhuis, Amsterdam; Lux, Nijmegen.

Producenten willen maar al te graag telefilms uitbrengen in de bioscoop, hoewel ze speciaal voor televisie zijn gemaakt, met een budget dat niet aan dat van de doorsnee speelfilm kan tippen. Laten we het vriendelijk zeggen: dat kun je meestal zien ook.

Ook Hannahannah is meer voor tv dan voor de bioscoop, maar hij is toch zo plezierig dat-ie een bioscooprelease kan hebben. Hannah is een wispelturige vrouw die elke man kan krijgen, maar er geen weet te houden. Ze dumpt ze liefst nog voor het ontbijt. Victor weet dit lot te ontlopen. Hij raakt verzeild op een familieberaad waar de vele broers en zusters van Hannah overleggen over de viering van het veertigjarig huwelijksjubileum van hun ouders. En dan hoort hij er op de een of andere manier bij – tot schrik van Hannah.

Hoofdrolspelers Antonie Kamerling en vooral Maria Kraakman brengen hun personages op een tegelijkertijd grappige en overtuigende manier. Kraakman heeft een Januskop, ze is het ene moment dodelijk verleidelijk, het andere moment koud als de oostenwind.

Maar Hannahannah zou niet geslaagd zijn, als regisseur Van de Mond er niet scènes van pa en moe op de bank doorheen had gesneden. Olga Zuiderhoek en Kees Hulst zitten op de bank en geven, gezicht in de cameralens, plechtstatig goede raad voor een succesvol huwelijk. Dat wil zeggen, elk van beide heeft daar een andere visie op die de andere uitsluit. Heel geestig.