Een boze, gevallen generatie zonder vangnet

Rosan Hollak

Een jongen met donkere krullen en een spijkerjasje valt uit de lucht en kijkt de fotograaf recht in de camera. Hij hangt nog maar een paar centimeter boven de grond. In een tiende van een seconde zal hij op het beton kletteren. Een andere jongen, zijn gezicht is niet te zien, lijkt op een gewonde duif. De benen geknakt, de armen wijd gespreid, hangt hij levenloos in de lucht. Beide foto’s tonen op de achtergrond grauwe flatgebouwen. Overal zijn de deuren gesloten en de rolluiken dicht. De beelden doen denken aan de huiveringwekkende foto’s van de mensen die op 11 september uit het brandende World Trade Centre sprongen.

De intrigerende foto’s maken deel uit van de serie La Chute (De Val) en zijn gemaakt door de Parijse fotograaf Denis Darzacq (1961). De jury van de World Press Photo bekroonde dit jaar zijn foto’s met de eerste prijs in de categorie Kunst en Vermaak. Momenteel is zijn werk te bewonderen in Galerie Vu in Parijs. De beelden van La Chute zijn zo krachtig dat ze meteen tal van vragen oproepen. Zijn ze gemanipuleerd met fotoshop? Hoe kunnen deze jongeren zo in de lucht hangen? Wie zijn ze?

Het antwoord op al deze vragen wordt gegeven achterin de zaal van de Parijse galerie. Een kort filmpje laat zien hoe Darzacq in de afgelopen twee jaar te werk is gegaan. Het idee voor zijn serie ontstond na het uitbreken van de rellen in 2005 in de Franse buitenwijken, waar veel gemarginaliseerde en werkloze migranten wonen. „Het gespuis” werden ze destijds genoemd door een boze Nicolas Sarkozy, toen minister van binnenlandse zaken en nu presidentskandidaat. Darzacq zocht naar een gepaste manier om de frustraties van deze generatie vast te leggen. Al in 2004 fotografeerde hij, voor zijn project Bobigny centre ville, de inwoners en de omgeving van de Parijse voorstad Bobigny. De beelden van groepen hangjongeren tussen het beton waren een letterlijke weergave van het troosteloze migrantenbestaan. Maar nu zocht Darzacq naar iets anders.

Het antwoord diende zich aan toen hij een aantal straatoptredens van hiphopartiesten en breakdancers fotografeerde. Tot zijn verbazing leek het op sommige foto’s net alsof de dansers uit de lucht kwamen vallen. Daarmee had hij in één keer het beeld te pakken van een ‘gevallen generatie’, een generatie zonder vangnet. Darzacq vroeg een aantal artiesten of ze met hem wilden samenwerken. Carpoeiradanser Thierry Rivière (25), Hiphopdanser Bintou Dembele (31) en Francois Gautret (27), eigenaar van een hiphopcollectief in het Noord-Parijs, stemden in.

Op het filmpje zie je ze, tegen dat decor van flatgebouwen, telkens opnieuw ingewikkeldste capriolen en draaibewegingen maken. Darzacq klikt en klikt, net zo lang tot hij die twee seconden vangt dat ze tussen hemel en aarde zweven.

Het is een ontroerend beeld: mensen die met niets anders dan het eigen lichaam sierlijke bewegingen maken in een omgeving waar niemand welkom is. Ze gaan door tot al hun knokkels open zijn. Een geslaagde metafoor voor een generatie die vecht maar niet wordt gezien.

‘La Chute’ van Denis Darzacq is tot 5 mei te zien in Galerie VU, 2 rue Jules Cousin, Parijs. Een aantal foto’s uit deze serie worden getoond op de jaarlijkse tentoonstelling van World Press Photo, die t/m 17 juni te zien is in de Oude Kerk in Amsterdam.