Verborgen spaarpotjes en andere geheimen

Vrouwen weten dat geld niet gelukkig maakt maar dat niets zo goed voor je humeur is als een paar nieuwe schoenen. De combinatie vrouwen en geld is in de praktijk echter niet succesvol. Vrouwen zijn te afhankelijk en dat moet anders.

Wilma van Hoeflaken

Vrouwen en geld, het zou zo’n succesvolle combinatie kunnen zijn. Want als vrouwen geld hebben, gaan ze er verstandig mee om. Terwijl de gemiddelde man geneigd is een blauwe envelop opzij te schuiven, maken vrouwen hun post direct open en betalen ze hun rekeningen op tijd. Als vrouwen al rood staan, is het maar een klein beetje. Het is dan ook niet zo gek dat uit een onderzoek van het Nibud (Nederlands Instituut voor Budgetvoorlichting) blijkt dat mannen de gezinsfinanciën aan hun vrouw overlaten. Dat kunnen vrouwen beter. Zoals ze ook beter kunnen beleggen dan mannen.

Dat komt allemaal omdat vrouwen, als het om geld gaat, nogal nuchtere wezens zijn. De doorsnee man denkt dat hij iets weet over de financiële markten wat niemand anders weet. Hij zou wel gek zijn als hij niet profiteerde van die unieke kennis, dus voortdurend koopt en verkoopt hij aandelen. De transactiekosten drukken zó op zijn beleggingsresultaat, dat hij er per saldo slechter van wordt. Vrouwen hebben meestal geen last van zelfoverschatting. Sterker nog, 15 procent van de vrouwen vindt dat ze slecht met geld omgaan, in tegenstelling tot 8 procent van de mannen. Ten onrechte, want vrouwen zijn de beste beleggers. Uit het onderzoek ‘Boys will be Boys’ van de University of California blijkt dat alleenstaande vrouwen het hoogste rendement halen. Vrouwen met een mannelijke partner staan op de tweede plaats, mannen met een vrouwelijke partner op de derde plaats en alleenstaande mannen op de vierde plaats.

De verklaring is eenvoudig. Alleenstaande vrouwen gaan ongestoord hun gang. Vrouwen met een mannelijke partner trekken zich zo nu en dan iets aan van zijn adviezen, wat hun rendement ongunstig beïnvloedt. Mannen met een vrouwelijke partner luisteren af en toe naar haar, wat hun rendement ten goede komt. Alleenstaande mannen moeten het stellen zonder vrouw die hen corrigeert en nemen intuïtief de ene foute beslissing na de andere.

Mannen hebben wel vaker irreële verwachtingen van geld. Uit het Nibud-onderzoek blijkt dat bijna een kwart van de mannen denkt dat ieder probleem met geld op te lossen is. Vrouwen daarentegen realiseren zich dat geld niet gelukkig maakt, al weten ze wel dat niets zo goed is voor je humeur als een paar nieuwe schoenen.

Toch is de combinatie vrouwen en geld in de praktijk helemaal niet succesvol. Vrouwen hebben namelijk geen geld. In ieder geval veel minder dan mannen. Dat begint al op jonge leeftijd. Zolang meisjes 8 of 9 jaar zijn, krijgen ze evenveel zakgeld als hun broertjes. Daarna gaat het mis. Een enquête van het Nibud en het Jeugdjournaal laat zien dat meisjes van 10 genoegen moeten nemen met 1 euro tot 2,50 per week, terwijl jongens van die leeftijd een bedrag krijgen dat schommelt tussen 1 euro en 4,75. Als ze 11 jaar zijn, krijgen meisjes maximaal 3,50 euro. Jongens maximaal 5 euro. De toon is gezet.

Volwassen vrouwen verdienen per uur een kwart minder dan hun mannelijke collega’s die hetzelfde werk doen. Als ze met pensioen gaan, bedraagt hun inkomen eenderde van dat van gepensioneerde mannen. Al met al is slechts 41 procent van de vrouwen economisch zelfstandig. De meeste vrouwen zijn financieel afhankelijk van een partner of van een uitkering.

Nu is economische zelfstandigheid een raar begrip. Het suggereert dat mensen – niet gehinderd door geldzorgen – kunnen gaan en staan waar ze willen. Maar het betekent niets anders dan beschikken over een inkomen dat minimaal 70 procent van het minimumloon bedraagt. Met netto iets meer dan 800 euro per maand is het toch meer een kwestie van balanceren op de rand van het bestaansminimum dan prettig economisch zelfstandig zijn.

Het is de vraag of vrouwen op korte termijn over meer geld zullen beschikken. Van de volwassen vrouwen heeft slechts 54 procent een baan, een percentage dat volgens de Emancipatiemonitor de afgelopen jaren niet is gestegen. Omdat veel vrouwen kleine deeltijdbanen hebben – wie 12 uur per week werkt telt al mee in de statistieken – en vaak onder hun opleidingsniveau werken, geldt voor een kwart van de werkende vrouwen dat ze zó weinig verdienen dat ze niet eens economisch zelfstandig zijn. Dat betreft overigens niet alleen de vrouwen met kinderen; van de vrouwen met partner maar zonder kinderen, werkt 40 procent eveneens in deeltijd.

Over het algemeen geldt dat hoogopgeleide vrouwen blijven werken, ook als ze moeder worden. Waar het economische zelfstandigheid betreft, vormden zij al jarenlang een voorhoede. De laatste tijd lijkt het er echter op, dat veel hoogopgeleide jonge vrouwen emancipatie beschouwen als de vrijheid om te kiezen voor fulltime moederen. Of zou dat een bevlieging zijn die misschien duurt tot augustus 2007, als de buitenschoolse opvang wettelijk geregeld wordt? Maar dat vrouwen daardoor massaal voor ‘grote’ deeltijdbanen of fulltime banen kiezen, is niet aannemelijk. Al stijgt het aantal partners dat allebei vier dagen per week werkt langzaam, de meesten geven de voorkeur aan het ‘anderhalfverdienersmodel’.

Voor de financiële positie van vrouwen is dat funest. Is dat erg? Volgens Nibud-onderzoek heeft een op de drie vrouwen een geldgeheim waar haar partner niets van weet. Ruim een op de tien vrouwen houdt er zelfs een stiekem spaarpotje op na. Op www.nibud.nl gingen ze dit voorjaar anoniem te biecht. Soms doet hun bedrog denken aan de jaren vijftig, bijvoorbeeld de vrouw die huishoudgeld verdonkeremaant in het zijvakje van haar handtas om haar gezin met sinterklaascadeautjes te verrassen. Meestal is het minder onschuldig, zoals de vrouw die bij de bank contante bedragen op haar eigen geheime rekening stort en de afschriften naar haar ouderlijk huis laat sturen. Dat 60 procent van de stellen weleens ruziet over geld en dat het bestedingspatroon van de vrouw het dan moet ontgelden, daar zitten die vrouwen niet mee. Zolang zíj de huishoudportemonnee beheert, mag hij af en toe best zeuren.