Stemmen is niet genoeg

Aandeelhouders hebben de laatste jaren meer macht gekregen, maar institutionele beleggers doen daar nog weinig mee. „Ze zetten woorden niet om in daden.”

Daan van Lent

Het leek een mooi staaltje van modern aandeelhoudersactivisme van institutionele beleggers. Bestuurder René Maatman van ambtenarenpensioenfonds ABP kapittelde vorige week bestuur en commissarissen van automatiseringsbedrijf Getronics op de aandeelhoudersvergadering voor slecht beleid en onbegrijpelijke bonussen.

Door de code-Tabaksblat voor goed ondernemingsbestuur (corporate governance) hebben aandeelhouders meer te zeggen gekregen in Nederlandse bedrijven. Althans op papier. De code moest ervoor zorgen dat aandeelhouders in een nieuw systeem van checks and balances bestuurders en commissarissen meer op de huid zouden zitten.

Eigenlijk illustreerde de topjurist van ABP met zijn actie onbedoeld dat de uitvoering vaak nog krachteloos is. ABP heeft slechts een heel klein belang in Getronics. Bestuur en commissarissen kregen met een ruime meerderheid de décharge verleend die Maatman hun had willen onthouden. Veel aandeelhouders hadden voor de vergadering al volmachten aan het bestuur gegeven. Institutionele beleggers als ING, Fortis en Aegon lieten zich niet horen.

Bij de presentatie van een onderzoek naar aandeelhoudersactivisme door institutionele beleggers, verschoot Rients Abma van hun belangenvereniging Eumedion gisteren even van kleur toen hem gevraagd werd naar deze uiteenlopende opstelling van pensioenfondsen en verzekeraars. „We moeten werken aan meer bewustwording bij de besturen van institutionele beleggers”, herhaalde hij nog maar eens de conclusie die hij heeft getrokken uit het onderzoek dat Eumedion heeft laten uitvoeren door hoogleraren van de Erasmus Universiteit.

Eén opmerkelijk detail: 44 Nederlandse pensioenfondsen stuurden een enquêteformulier terug, tegenover slechts 7 andere institutionele beleggers zoals verzekeringsmaatschappijen en beleggingsfondsen.

Positief is dat de institutionele beleggers steeds meer hun stemrecht in aandeelhoudersvergaderingen gebruiken, benadrukte Abma. Maar ze hebben er een „verwaarloosbaar budget” voor beschikbaar van gemiddeld 100.000 euro, stelde onderzoeker Hans van Oosterhout. „Dan is het effect natuurlijk ook verwaarloosbaar. Men neemt het niet al te serieus”, aldus de hoogleraar bedrijfskunde.

Pensioenfondsen hebben nauwelijks een eigen stembeleid ontwikkeld, blijkt uit het onderzoek, ook al hebben ze sinds dit jaar de plicht dat te voeren. Ze leunen op stemadviesbureaus voor beleggers als het Amerikaanse ISS. „Met een groot risico voor kuddegedrag”, aldus Van Oosterhout.

Ze maken zich weinig te sappel om wat er gebeurt met aandelen die ze hebben uitgeleend, zoals 62 procent van de pensioenfondsen doet. Die uitgeleende aandelen zijn gewild bij speculatieve beleggers die druk uitoefenen op een bedrijf, zoals in Nederland bij VNU, industrieel concern Stork en ABN Amro. De eigenaren halen ze zelden terug voor een aandeelhoudersvergadering en geven geen steminstructies.

Het optreden van de institutionele beleggers heeft volgens de onderzoekers een „ceremonieel” karakter. „Ze doen iets omdat ze denken dat het goed is, of omdat ze denken dat de samenleving dat van ze verwacht”, zei Van Oosterhout. „Daarom gaat het vaak om corporate governance-onderwerpen of om beloningen. Ze gaan minder de discussie aan over langetermijnstrategie.”

Een rationeel beleid is er niet. „Een kosten-batenafweging wordt zelden gemaakt”, stelde Van Oosterhout. Misschien is dat maar goed ook. Op basis van Amerikaans onderzoek blijkt dat activistisch optreden op de korte termijn weinig waarde toevoegt.

Oosterhout nuanceerde de betekenis van een actief optreden. „Je moet het vooral zien als een noodrem. In de trein trek je ook niet elke keer aan de noodrem, maar je bent wel blij dat die in de trein aanwezig is.”