PERSSTEMMEN OVER ABN AMRO

Beweging onder Europese banken

De Europese bankenmarkt komt in beweging. De Britse Barclays Bank wil fuseren met de Nederlandse bank ABN Amro; tegelijkertijd doen geruchten de ronde over een toenadering tussen het Italiaanse Unicredit en de Franse Société Génerale. Of de beide deals een feit worden, is nog de vraag. Behalve Barclays kunnen nog andere grote bankinstellingen interesse tonen voor ABN Amro, en een huwelijk tussen een Italiaanse en een Franse grote bank waarin de Fransen niet de eerste viool spelen, zou weleens op grote weerstand kunnen stuiten van het Elysée, los van de vraag of de nieuwe heer des huizes Sarkozy of Royal heet.

De Duitse grote banken – het zijn er nog maar twee – spelen in het overleg over een herordening van het Europese banklandschap tot dusver geen rol. De Commerzbank is te klein om op eigen kracht een belangrijke overname te doen en wacht slechts op het moment zélf gekocht te worden.

De Duitse Bank stelt zich met betrekking tot een mogelijke fusie tussen Barclays en ABN Amro beheerst op. Als een van de grootste investeringsbanken ter wereld ziet ze weinig reden zich zonder noodzaak in een groot overnameavontuur te storten. Bovendien kampt zij met een bijzondere handicap: in het geval van een fusie zou een buitenlandse partner alleen al om belastingtechnische redenen Duitsland waarschijnlijk niet als standplaats van een gemeenschappelijk instelling accepteren. Anderzijds is de Duitse Bank niet bereid haar hoofdkantoor naar het buitenland te verplaatsen.

De vraag blijft echter, in hoeverre zelfs grote banken nog de baas blijven over hun eigen beslissingen wanneer de consolidering van Europese banken eenmaal op gang gekomen is zoals menig deskundige voorspelt. Het is nog niet zo ver. Grensoverschrijdende fusies van grote banken gaan om allerlei redenen niet vanzelf, onder andere omdat de Europese financiële markten nog bepaald niet zo geharmoniseerd zijn als men zou wensen. Maar zouden op een bepaald moment Amerikaanse reuzen zoals de Citygroep of de Bank of America betrokken raken bij overnames dan kan het op de Europese bankenmarkt snel heen en weer gaan.

(Hoofdartikel in de Frankfurter Allgemeine Zeitung)

Verliezer Wellink

[...] De ABN Amro-directie (heeft) tijdens de onderhandelingen vooral oog gehad voor het belang van zijn aandeelhouders. De bank verlangde dat Barclays het hoogst haalbare bedrag op tafel legde. In ruil hiervoor zijn andere, meer maatschappelijk getinte belangen van het bedrijf als wisselgeld weggegeven. [...]

Het toezicht op Barclays komt, anders dan aanvankelijk was afgesproken, in handen van de Britse autoriteiten. Het enige dat voor ABN Amro resteert, is dat het hoofdkantoor in Amsterdam komt.

In deze uitruil komt president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank als verliezer uit de strijd. In plaats van toezicht te mogen houden op een mondiale bank, speelt de bankpresident straks de tweede viool.

Het is lastig te bepalen of het zwakke optreden van Wellink invloed heeft gehad op deze uitkomst. Feit is wel dat hij verwarring heeft gezaaid met tegenstrijdige interventies. Aanvankelijk leek Wellink kritiek te hebben op de verkoop van ABN Amro, om nadien in de Britse pers het tegendeel te beweren. En vorige week laadde hij de verdenking van protectionisme op zich, door een bod van het consortium van Fortis c.s. als risicovol te betitelen. [...]

(Hoofdartikel in de Volkskrant)

na abn amro kan alles

[...] Of het nu de kleine thuismarkt is die het einde inluidt van het zelfstandige bestaan van het boegbeeld van deze bedrijfstak, een activistische aandeelhouder, een totaal verkeerde bedrijfsstrategie of het afbreken van beschermingswallen – de economische realiteit is onverbiddelijk. ABN Amro was simpelweg niet goed genoeg.

Daarom is het de vraag of Nederland in economische termen zoveel verliest aan deze overname. Zeker is wel dat ons economisch zelfbeeld overdenking verdient. Na ABN Amro kan alles.

(Adjunct-hoofdredacteur Giselle van Cann in het Financieele Dagblad)