Loterij sponsort kunst voor musea in het buitenland

De stichting Dutch Art Works heeft met geld van de Bankgiroloterij werk van vijf Nederlandse kunstenaars aangekocht om aan diverse buitenlandse musea te schenken. Het gaat om werken van Jan Dibbets (voor het Centre Pompidou in Parijs), Jan Andriesse (voor Museum Kurhaus in Kleve), Han Schuil (voor Koninklijke Musea, Brussel), Toon Verhoef (voor Kunstmuseum Bonn) en Marijke van Warmerdam (voor Castello di Rivoli in Turijn en het Horsens Kunstmuseum in Horsens).

De Bankgiro Loterij stelt sinds 2005 jaarlijks vierhonderdduizend euro ter beschikking aan Dutch Art Works, een particulier initiatief. Doel van de samenwerking is om Nederlandse kunstenaars beter vertegenwoordigd te krijgen in collecties van grote buitenlandse musea. Vorig jaar kocht de stichting voor vier ton twee schilderijen van Marlene Dumas voor de Tate Modern in Londen. Eerder werden ook al een schilderij van Robert Zandvliet en vijf foto’s van Rineke Dijkstra verworven voor respectievelijk het Kunstmuseum Bonn en het Louisiana Museum in Kopenhagen.

Volgens Lisa de Rooy van Dutch Art Works is deze bijzondere vorm van sponsoring nodig omdat veel buitenlandse musea eerder werk zullen aankopen van Amerikaanse of Engelse kunstenaars. „Nederlandse kunst komt vaak pas op de vierde of vijfde plaats, na landen als Duitsland en Frankrijk.” Voorwaarde voor de sponsoring is dat het museum het gekregen werk actief moet tentoonstellen. Ook wordt een eigen bijdrage van tien procent van de aankoopprijs gevraagd. De Rooy: „Op die manier geeft het museum blijk van commitment aan het werk.”

De onderhandelingen met de betrokken musea worden gevoerd door Rudi Fuchs, voormalig directeur van het Stedelijk Museum. Volgens Fuchs hebben ook grote musea te kampen met krappe budgetten: „De Tate wilde graag iets van Dumas aankopen, maar als er gekozen moet worden gaat een kunstenaar uit eigen land toch meestal voor. Door deze sponsoring geven we die musea een zetje.”

Dutch Art Works presenteert de vijf kunstwerken vrijdag op een bijeenkomst in het Gemeentemuseum Den Haag. De werken zullen daar tot 14 mei tentoongesteld worden, daarna worden ze naar de betreffende musea overgebracht.