EU-Hof: geen eigen verdrag luchtruim

Het open skies-luchtvaartverdrag tussen Nederland en de Verenigde Staten uit 1992 is in strijd met het Europese recht. Dat heeft het Europese Hof van Justitie in Luxemburg vanochtend bepaald.

Volgens het Hof discrimineerde Nederland luchtvaartmaatschappijen uit andere EU-lidstaten door exclusieve voorrechten voor Nederlandse luchtvaartbedrijven op trans-Atlantische routes met de VS te bedingen. Ook is Nederland volgens het Hof niet bevoegd om dergelijke verdragen te sluiten. Dat moet aan de Europese Commissie worden overgelaten. Eind deze maand wordt de ondertekening verwacht van een luchtvaartverdrag tussen de EU en de VS.

In 2002 veroordeelde het Hof soortgelijke bilaterale luchtvaartverdragen van acht andere lidstaten met de VS. Aanmaningen uit Brussel om het verdrag met de VS op te zeggen heeft Den Haag echter niet ingewilligd. Algemeen werd verwacht dat ook Nederland de procedure bij het Hof zou verliezen. Commercieel betekende het zogeheten open skies-verdrag voordelige toegang voor Nederlandse luchtvaartbedrijven tot de Amerikaanse markt en de mogelijkheid allianties met Amerikaanse maatschappijen te sluiten.

De aandacht van juristen ging vooral uit naar de overweging die het Hof zou wijden aan de bevoegdheid van de Commissie, die had betoogd exclusief namens Europa met alle derde landen te mogen onderhandelen over toegang tot de Europese luchtvaartmarkt.

Brussel voerde hiervoor het principe aan dat lidstaten niet individueel nieuwe verplichtingen jegens niet-lidstaten mogen aangaan als die gevolgen kunnen hebben voor bestaande gezamenlijke regels.

Het Hof ging vanochtend voluit in die redenering mee. Ook zegt het Hof dat de liberalisering van de Europese transportmarkt betekent dat lidstaten individueel „niet alleen geen nieuwe internationale verbintenissen kunnen aangaan, zij kunnen evenmin dergelijke verbintenissen handhaven, indien deze in strijd zijn met het gemeenschapsrecht”.

Het arrest is na te lezen op www.curia.europa.eu (zoek op zaaknummer C-523/04)