Alle zenuwstelsels 600 mln jaar oud

Het zenuwstelsel van wormen, insecten en gewervelde dieren (vissen, mensen) gaat terug op een gemeenschappelijke voorouder die ongeveer 600 miljoen jaar geleden leefde. Dit blijkt uit een onderzoek van de activiteit van bij het zenuwstelsel betrokken genen in het embryo van de primitieve in zee levende borstelworm Platynereis dumerilii.

In dit paar centimeter lange ‘levende fossiel’ van de ringwormenfamilie blijken op cruciale momenten in de ontwikkeling van het zenuwstelsel dezelfde genen op dezelfde wijze actief te zijn als bij mensen en andere gewervelden. Het is uitgesloten dat deze overeenkomst op toeval berust, zo scheef een team van biologen afgelopen vrijdag in het vakblad Cell.

Over de kwestie van de oorsprong van het dierlijk zenuwstelsel wordt al ruim honderd jaar getwist. Gaan het terug op één gemeenschappelijke voorouder of is het in verschillende diertypen (fyla) opnieuw ontwikkeld? Het grootste probleem is dat wormen en insecten hun zenuwbanen vooral aan de buikzijde hebben lopen in de vorm van een ladder, terwijl bij de gewervelde dieren de zenuwen zich vertakken vanuit de rug, vanuit het ruggemerg.

Volgens de ‘ringwormentheorie’ van Anton Dohm uit 1875 heeft de voorouder van de gewervelden zich op een gegeven moment omgedraaid: buik werd rug. Maar die theorie bleef tot tien jaar geleden zeer omstreden, omdat toch altijd erg veel verschillen werden gevonden in de zenuwsystemen. Tien jaar geleden werden al wel genetische overeenkomsten gevonden in de ontwikkeling van het zenuwstelsel bij insecten en gewervelden.

De analyse van de genetische activiteit in P. dumerilii brengt nu aan het licht dat in dit wel zeer ver verwijderde familielid zes genen dezelfde complexe rol vervullen als bij de gewervelden.