Videoloze videotheek

„Waarom heet een videotheek video-theek als je er alleen dvd’s kunt huren?” Kinderen kunnen soms zeer logische vragen stellen. Gelukkig is het antwoord niet zo ingewikkeld. De meeste kinderen weten nog wel wat een video is – veel gezinnen hebben nog ergens een stapeltje liggen. Maar ook als die banden straks zijn opgeruimd en er een generatie opgroeit die niet met de video vertrouwd is, huren wij onze dvd’s waarschijnlijk nog bij de videotheek. Er zijn nu eenmaal een hoop videotheken die video in hun winkelnaam hebben staan. Videocine, Videohome, Videoland, Supervideo, het Videopaleis – je komt ze bij bosjes tegen.

Die winkels gaan natuurlijk niet allemaal hun naam veranderen, want dat kost veel geld. Bovendien: wat is het alternatief? Dvd-theek? Dat bekt voor geen meter. Er blijkt een Dvd-theek te bestaan in IJzendoorn in Gelderland, maar ik vermoed dat weinigen dit voorbeeld zullen volgen.

Dvd-Dorado? Ik heb nog geen Nederlands Dvd-Dorado kunnen vinden, maar dat is een kwestie van tijd. Veel mensen zijn dol op alliteraties, en (el) Dorado is altijd goed – die naam komt wereldwijd in allerlei variaties en combinaties voor.

Taalkundig gezien is het verschijnsel dat je dvd’s huurt in een videotheek natuurlijk interessant. Het gaat hier om een technische uitvinding – de video – die is voorbijgestreefd door een andere uitvinding – de dvd – terwijl wij, voor de winkel waar je die dingen huurt, zijn blijven vasthouden aan de oude benaming. Kort samengevat: het woord is ingehaald door de techniek.

We zien dit ook op andere gebieden. Ik hoor oudere mensen nog weleens zeggen dat ze een (telefoon)nummer gaan draaien, terwijl telefoons met een draaischijf allang zijn achterhaald. De hoorn op de haak leggen verwijst naar een nog ouder model telefoon – dan zitten we al ruim voor de Tweede Wereldoorlog – maar ook dat wordt soms nog gezegd.

Giet een loodgieter nog lood? Volgens mij niet, maar toch is hij loodgieter blijven heten.

Je komt dit verschijnsel ook vaak tegen in namen van bedrijven en instellingen, met name in letterwoorden. De VPRO is allang niet meer vrijzinnig protestants, reden voor die omroep om de puntjes tussen de letters weg te halen. De ANWB, in 1883 opgericht voor wielrijders, is altijd Algemene Nederlandsche Wielrijders-Bond blijven heten, hoewel de vereniging zich al sinds het eind van de negentiende eeuw op een veel breder publiek richt, namelijk op automobilisten, wandelaars, ruiters, motorrijders, watersporters, wintersporters en kampeerders.

We zien een en ander ook in de beeldtaal. Denk aan sommige symbolen waarmee softwaretaken worden aangeduid. In mijn versie van Word uit 2002 wordt de functie ‘Opslaan’ geïllustreerd met een plaatje van een 3.5-inchdiskette, die vrijwel uit de roulatie is. Printen wordt aangeduid met iets dat nog het meest lijkt op de matrixprinter die ruim tien jaar geleden het veld heeft geruimd. De ‘opmaakplakfunctie’ wordt zelfs aangeduid met een lijmkwastje, dat is werkelijk archaïsch, want lijm wordt alleen nog in een zeer beperkt aantal toepassingen met een kwast opgebracht; sinds lang wordt de lijmmarkt gedomineerd door tubes en nog veel exotischer gerei.

Overigens: een goed argument om de naam van je videotheek niet halsoverkop te veranderen in Dvd-Dorado, is dat er binnen een paar jaar weer heel andere dragers voor beeld en geluid kunnen komen. Uiteindelijk worden we natuurlijk allemaal bediend via internet en de kabel, zodat we voor dit soort vermaak helemaal de deur niet meer uit hoeven.

Ewoud Sanders

Reacties zijn welkom via www.nrc.nl/woordhoek