‘Royal is een makkie, Sarkozy zal haar wegvagen’

Tien kandidaten zijn uit de race, nu zijn er nog twee over. En ditmaal hebben de Fransen echt iets om voor of tegen te kiezen. In de kampen van Sarkozy en Royal viel vannacht vooral opluchting te bespeuren.

De campagne voor de Franse presidentsverkiezingen sloeg gisteren in een zucht om. Tien kandidaten geëlimineerd, de tweestrijd kan beginnen. Nicolas Sarkozy of Ségolène Royal: een van hen wordt de opvolger van Jacques Chirac. Hun tweestrijd wordt een dans van soundbites en beelden die meteen begint, op de avond van de eerste ronde.

De een belooft het gezicht te worden van „het herrijzende Frankrijk”. Dat is de socialiste Ségolène Royal, rechtstreeks op de televisie vanuit Melle, een dorpje in het West-Franse departement Les Deux-Sèvres, dat zij in het nationale parlement vertegenwoordigt.

De ander belooft de „Franse droom” waar te maken van „een broederlijke republiek waarin eenieder zijn plaats heeft”. Dat is Nicolas Sarkozy, vlak voordat hij met twee dochters van zijn vrouw in de auto stapt voor een eerste zegetochtje door Parijs, met open ramen en een tv-camera in het kielzog.

Volgens de peilingen is Sarkozy ruim favoriet voor de tweede ronde op 6 mei. Hij presenteert zich als de nieuwe sterke man. Hij belooft de Fransen te „beschermen” tegen hun angsten.

Ségolène Royal is de anti-Sarkozy. Zij speelt de rol van de underdog die mét de Fransen optrekt tegen de bedreiger van de rust. Zij belooft „niet in te spelen op angsten”. Zij zegt dat ze vertrouwen heeft in de goede afloop. Maar alle Fransen moeten meedoen.

Op het Parijse hoofdkwartier van de Parti Socialiste, in de rue Solférino, wordt met opluchting gevolgd wat Royal op het tv-scherm zegt. Niet Sarkozy werd hier vandaag het meeste gevreesd, maar Jean-Marie Le Pen. Een herhaling van 2002, toen de extreem-rechtse kandidaat hoger scoorde dan de linkse, zou desastreus zijn geweest voor de partij. Nu die is uitgebleven is de gretigheid om 2002 als een historisch ongelukje te beschouwen groot.

„Dit is een normalisatie van de politieke verhoudingen”, zegt Pierre Moscovici, voormalig minister van Europese Zaken, als hij opgewekt het binnenpleintje oploopt van de partijhoofdkwartier. „2002 is uitgewist”, verklaart partijleider François Hollande als hij zich op weg begeeft naar de tv-studio’s. Daar verklaart François Fillon, adjudant van Sarkozy en kandidaat-premier als deze wint, zich eveneens tevreden over de tweede ronde. „De Fransen kunnen kiezen tussen twee duidelijk verschillende maatschappijvisies”, zegt hij. In 2002 was daar geen sprake van. Veel linkse kiezers stemden op de rechtse kandidaat Chirac om extreem-rechts tegen te houden.

Op het partijkantoor van de PS schakelen de campagnemedewerkers van Royal snel over. „We hebben de psychologische barrière van 25 procent gehaald”, legt campagnevoerder Thomas uit. „Dat was belangrijk.” Maar hij kijkt moeilijk bij de score van Nicolas Sarkozy. „Dertig procent, dat is ook een psychologische grens.”

Zowel Sarkozy als Royal heeft de steun nodig van de verliezer met de meeste stemmen: centrumkandidaat Bayrou, die zeven miljoen kiezers achter zich heeft gekregen.

Maar dat perspectief wordt met weinig enthousiasme ontvangen in de Rue de l'Université in Parijs, bij het hoofdkwartier van Bayrou. De aanhangers van Bayrou joelen als ze de blijde gezichten van Sarkozy en Royal op tv zien. „Oh, wat is díe nu relaxed”, lacht Cyril Capello, een 25-jarige consultant die zichzelf „liberaal” noemt. Hij heeft het over Sarkozy, voor hem nu de gedoodverfde favoriet. „Royal is voor hem een makkie als tegenkandidate. Hij zal haar wegvagen.”

Sarkozy mag hier dan door velen „een griezel” gevonden worden, een ding moet de UDF-aanhang hem nageven: hij heeft het benodigde killer instinct om de top te halen. Bayrou had dat niet, die was te zacht, te empathisch.

Velen zijn van plan blanco te stemmen, anderen scharen zich schoorvoetend achter Royal of Sarkozy. Dat Bayrou zelf geen stemadvies zal geven, juichen zijn aanhangers toe: alleen door zich niet alsnog tot rechts of links te bekeren, blijft hij trouw aan zijn missie.

David Latapie, een werkloze IT-er „uit 1976”, heeft zijn leven lang niets anders dan het „corrupte tweepartijenstelsel” van Frankrijk gekend, vertelt hij. Bayrou was voor hem de hoop op iets nieuws, een tegenkracht tegen „de olifanten” Sarkozy en Royal. Hij wijt Bayrou’s verlies aan de „intertie” van de Fransen, maar voorspelt een grote toekomst voor een nieuwe middenpartij in Frankrijk. „De volgende verkiezingen zijn voor ons.”