‘Nu leggen ze het probleem bij de reizigers’

De inzet van de staking in het streekvervoer is drie procent loonsverhoging. Zo’n 80 procent van de chauffeurs staakt mee. „Er zijn gewoon te veel cao’s in het streekvervoer.”

Een van de weinige streekbussen die vandaag rijdt vanuit Utrecht, is die van chauffeur Van Zeeland. Hij werkt pas twee maanden bij vervoerder Connexxion en vindt dat hij zich geen staking kan permitteren. Dat zijn collega’s wel staken, vindt hij hun goed recht. „Ik snap het wel.” Organisatorisch blijkt Van Zeelands besluit door te rijden onhandig: „Wat als aan het einde van mijn dienst de aflosser een staker is? Dan sta ik daar met mijn bus.”

Van Zeeland is een uitzondering. Deze hele week staakt het overgrote deel van de buschauffeurs in het openbaar streekvervoer. De bussen rijden alleen in de spits en wordt er niet gecontroleerd op vervoersbewijzen. De vakbonden willen met de actie hun cao-eisen kracht bijzetten.

De voornaamste eis van de stakers is een loonsverhoging van drie procent. De werkgevers van de ongeveer 12.000 chauffeurs – Connexxion, Arriva en Veolia – zeggen in een eindbod 2,5 procent te hebben aangeboden. Maar volgens bestuurder Wyb Kusters van CNV Bedrijvenbond kwam dat bod uiteindelijk neer op een loonsverhoging van 1,25 procent. Dat komt doordat chauffeurs zelf hun arbeidsongeschiktheidspremie moeten betalen en de loonsverhoging gedeeltelijk pas in juni zou ingaan. „En de inflatie is dit jaar al 1,8 procent.”

De werkgevers lieten vrijdag een ultimatum van FNV Bondgenoten en CNV Bedrijvenbond verstrijken. „Hiermee verleggen de werkgevers het probleem naar de reizigers. Ik vind dat heel, heel jammer”, reageerde Kusters. In Limburg werden acties voorkomen toen vervoerder Veolia Limburg dit weekend alsnog besloot de belangrijkste eisen in te willigen.

Volgens zowel werkgevers als werknemers staakt ongeveer 80 procent van de chauffeurs. Vanmorgen rond negen uur had Fred Frasa, coördinator van Connexxion op busstation Utrecht, nog doorgekregen dat 60 à 70 procent gewoon door zou rijden. „Maar ze slepen elkaar mee. Nu staken de meeste toch”, aldus Frasa.

De staking treft vooral het streekvervoer. In de meeste grote steden zoals Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht rijden de bussen wel, omdat ze voor het grootste deel onder een andere cao vallen. Dit conflict gaat uitsluitend over de cao openbaar vervoer.

Die veelheid van cao’s is een deel van het probleem, zeggen zowel werkgevers als werknemers. In het busvervoer zijn minstens drie sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten van toepassing, en een aantal bedrijfs-cao’s. Daardoor rijdt bijvoorbeeld het streekvervoer in Friesland wel: Connexxion past daar de cao ‘multimodaal vervoer’ toe.

Die situatie is ontstaan door de privatisering van het openbaar busvervoer in 2000. Er kwamen meerdere aanbieders, die gedeeltelijk hun eigen overeenkomsten sloten of verschillende sector-cao’s toepasten. Bovendien moeten busdiensten telkens opnieuw concessies verwerven. Bestuurder Janny Koppens van FNV Bondgenoten: „De vervoerders schrijven zo laag mogelijk in want de overheid kiest de goedkoopste. De winnaar van de aanbesteding moet vervolgens die lage prijs ergens terugverdienen en dat is bij de arbeidsvoorwaarden van de chauffeur”. Een andere klacht van de vakbond is dat vervoerders veel uitzendkrachten inzetten, wat de werkgelegenheid van chauffeurs onder druk zou zetten.

De werkgevers ontkennen dat werkgelegenheid een probleem is. „De laatste jaren zijn er juist veel chauffeurs bijgekomen”, zegt een woordvoerder van de drie grote werkgevers. Volgens hem is het vooral een conflict over lonen. „Daar staken de mensen voor, niet voor zoiets abstracts als één cao.” Hij verwacht dat dit conflict snel opgelost zal zijn maar zegt niet wat de vervoerders de vakbonden gaan aanbieden.

De vervoerders maken zich vooral zorgen over de schade aan het vertrouwen in openbaar vervoer. Niet onterecht, blijkt. Hoewel het ongemak mee lijkt te vallen – bij een ziekenhuis, een bejaardentehuis en een grote roc in Maassluis waren er helemaal geen klachten binnengekomen – zijn getroffen reizigers elders ontstemd. Studente Nienke van Zwam, die Utrecht nog had weten te bereiken met de laatste bus in de spits, vertolkt de mening van veel gestrande reizigers als ze de staking „egoïstisch” noemt. Reizigers uit dorpen en industrieterreinen zijn afhankelijk van het streekvervoer. „En dat weten de chauffeurs, dus ik snap niet dat ze dit doen.”

Met medewerking van Yves Deroubaix en Annemarie Kas